artikel

Opheffing Bouwtechniek: ingenieur wordt kunstenaar

bouwbreed

“Het valt wel mee”, zegt Elphi Nelissen, decaan van de faculteit Bouwkunde van de TU Eindhoven, in Cobouw van 1 mei over de opheffing van de afstudeerrichting Bouwtechniek. “De gebieden productontwikkeling en uitvoeringstechniek worden bij andere onderdelen geplaatst, dus veel verandert er niet.”

De huidige generatie architecten als Winny Maas, Jo Coenen, Sjoerd Soeters, Liesbeth van der Pol, Mick Eeckhout en Bert Dirrix vormt mede doordat zij bouwtechnisch zeer bekwaam zijn de voorhoede. Zij zijn de koplopers in hun vak en kunnen door hun technische bagage gedurfde gebouwen realiseren. Het laat zien dat vooruitstrevende architectuur meer is dan esthetica en het vormen van ruimte. Daarom hoort de opleiding voor architecten op de universiteit thuis. Zonder de integrale benadering wordt het een opleiding voor kunstenaars, die ook aan de academies gegeven kan worden. Juist op de universiteit is deze mix van wetenschappelijk onderzoek, debat en valorisatie van deze kennis in prototypische gebouwen de biotoop voor de toekomstige koplopers in de architectuur.

Met het structureel wegvallen van de brede bouwtechnische inbreng valt een groot deel van de onderbouwing weg om het vakgebied architectuur voor de technische universiteit te behouden. Immers, de universiteit levert ingenieurs en geen doctorandussen, noch kunstenaars. Ingenieurs zijn technisch en onderzoekend geïnteresseerd en ontwikkelen producten zoals gebouwen op het grensvlak van wetenschap en realisatie. .

Decaan Elphi Nelissen stelt dat Building Technology ondergebracht wordt bij andere leerstoelen, maar na mijn vertrek. midden 2010, is het vakgebied al uitgekleed, in plaats van mijn leerstoel opnieuw in te vullen en verder uit te bouwen. Alle bouwkundestudenten kregen onderwijs in mijn vakgebied en 10 tot 20 procent koos voor de mastertrack, destijds Bouwtechnisch Ontwerpen geheten. In plaats van deze integrale benadering en het gebied te stimuleren is Building Technology in enkele jaren tijd structureel om zeep geholpen. De resterende leerstoelen worden nu ondergebracht in technische clusters die een eigen wetenschappelijke agenda hebben. Deze clusters zullen incidenteel, op afroep, kennis inbrengen bij de opleiding architectuur. Wat rest is een faculteit waar de architectuurstudent minimale technische bagage krijgt.

In mijn beleving is het opheffen van de mastertrack ‘Building Technology’ in plaats van deze uit te bouwen een gemiste kans, terwijl de universiteit Eindhoven zich profileert als de universiteit met zeer nauwe banden met het bedrijfsleven.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels