artikel

Afscheid nemen van aannemer

bouwbreed Premium

Afscheid nemen van aannemer

Met enige regelmaat zie ik dat een opdrachtgever voortijdig afscheid wenst te nemen van de door hem ingeschakelde aannemer. Veelal is een gebrekkige bouwkundige uitvoering de reden. De overeenkomst kan dan door ontbinding ten einde komen.

De laatste tijd echter willen opdrachtgevers steeds vaker de overeenkomst met de aannemer beëindigen omdat investeerders afhaken en het project geen doorgang vindt. Kan dit zomaar?

In ons Burgerlijk Wetboek (BW) is geregeld dat de opdrachtgever de aannemingsovereenkomst te allen tijde kan opzeggen (art. 7:764 BW). Daarnaast kennen de in het bouwcontractenrecht veelvuldig gehanteerde algemene voorwaarden veelal de figuur van beëindiging in onvoltooide staat (vgl. par. 14 lid 7 UAV 2012). Het betreffen twee aparte beëindigingsgronden die de opdrachtgever ten dienste staan, die onderling enigszins verschillen. Zo kan opzegging de gehele of de gedeeltelijke beëindiging van de aannemingsovereenkomst betreffen, terwijl beëindiging in onvoltooide staat de gehele overeenkomst treft.

Indien een opdrachtgever de overeenkomst met zijn aannemer op één van deze gronden voortijdig beëindigt, moet worden afgerekend. Zowel ons BW als de gangbare algemene voorwaarden uit de bouwpraktijk bepalen voor die situatie dat de aannemer recht heeft op de aanneemsom (incl. de winst), vermeerderd met de kosten die hij als gevolg van de niet-voltooiing heeft moeten maken en verminderd met de bespaarde kosten (kortweg aanneemsom minus besparingen). De stelplicht en bewijslast van bestaan en omvang van eventueel door de aannemer genoten besparingen berust op de opdrachtgever. Op de aannemer rust een mededelingsplicht ten aanzien van (bestaan en omvang van) dergelijke besparingen. Hij kan niet volstaan met het louter betwisten van besparingen, maar zal zijn claim op dat punt grondig moeten uitwerken.

Naast deze financiële afwikkeling kan de aannemer veelal aanspraak maken op (een) additionele vergoeding(en). Zo zal bijvoorbeeld eventuele schade die de aannemer lijdt als gevolg van de beëindiging, op de voet van par. 14 lid 10 UAV 2012 voor vergoeding in aanmerking komen.

Kortom, de opdrachtgever is bevoegd de aannemer op te dragen het werk voortijdig te beëindigen. De aannemer zal zich in dat geval getroost zien met financiële aanspraken richting de opdrachtgever. Of hij daarmee in deze markt het meest gebaat is, valt te bezien. Een gevulde orderportefeuille is hem waarschijnlijk meer waard.

Marc Houweling, Severijn Hulshof Advocaten

Reageer op dit artikel