artikel

Failliete ondernemers verdienen alle aandacht

bouwbreed Premium

Het is tijd om stil te staan bij de faillissementen in de bouw. Niet bij de aantallen, maar bij de ondernemers. Want het is niet alleen onacceptabel maar ook onverstandig dat er geen aandacht is voor failliete ondernemers. Juist hier ligt de weg naar het herstel van de sector, vindt Serena Scholte.

Toch eerst de cijfers om de ernst van de situatie te schetsen: in 2012 legden 2047 bouwbedrijven het loodje, bijna 40 procent meer dan in 2011. De voorspellingen voor 2013 zijn nog slechter. Vooral het midden- en kleinbedrijf wordt zwaar getroffen. Bij ieder faillissement raken we een stuk van de sector kwijt.

Bijvoorbeeld een middelgroot bouwbedrijf uit het oosten dat failliet ging. Het bedrijf was een gevestigde naam in de streek, sponsorde de voetbalclub en zorgde voor werkgelegenheid. Nu is dat verdwenen.

Gezond

Of het verhaal van de jonge ondernemer, die het helemaal anders wilde doen. In 2009 won hij nog een prijs als ‘veelbelovende nieuwkomer’. De opdrachten bleven uit en hij ging failliet. Nu zit hij thuis, met een schuld aan de bank en geen idee wanneer hij weer kan ondernemen.

Het is een tijd van crisis en dan is het onoverkomelijk dat er bedrijven omvallen. Het is in bepaalde mate ook gezond: soms moeten we afscheid nemen van oude systemen om plaats te maken voor het nieuwe.

Maar laten we afscheid nemen van de bedrijven, juist niet van de ondernemers.

In onze zoektocht naar nieuwe leiders kijken we ex-failliete ondernemers met de nek aan. Terwijl ik ervaar dat zij de pioniers van een nieuwe, duurzame sector zijn. Zij ontdekken nieuwe verdienmodellen, deels omdat zij niet meer welkom zijn bij de gevestigde orde, deels omdat zij waardevolle lessen hebben geleerd. Slechts 15 tot 20 procent hervat de moed om terug te komen en dat getal moet omhoog.

Wat zou er moeten gebeuren? Er moet meer kennis en netwerk over deze fase van ondernemen gedeeld worden. Door een gebrek hieraan weten ondernemers niet hoe zij in zware tijden aan het roer blijven staan. Daarnaast weten ondernemers niets over de procesgang van een faillissement, waardoor zij onnodige financiële en emotionele schade oplopen.

Met verbazing lees ik de programma’s en plannen van branche- en koepelorganisaties zoals Bouwend Nederland, AFNL, FNV Bouw: er wordt geen enkel congres, seminar, workshop of lezing georganiseerd over het thema faillissementen. En dat terwijl dit onderwerp bij meer bedrijven actueel is dan we zo op het eerste gezicht zien. Ondernemers in zwaar weer kunnen nergens terecht. Agenderen dus.

Daarnaast zijn de procedures rondom faillissementen hard toe aan een revisie. Bijvoorbeeld de afwikkeling van een faillissement kent geen termijnstelling en kan jaren duren, bepaald door de drukke agenda van een curator. Gevolg is dat een ondernemer geen einddatum kent om zich op te richten. Een stevige politieke lobby vanuit bedrijven en koepels om deze en andere haperingen aan de kaak te stellen zou niet misstaan.

En na het faillissement? We leven in een wereld waarin we ons richten op startende en groeiende bedrijven. Het wordt tijd dat we ons gaan richten op de door- en herstarters. Deze snel groeiende poel aan potentieel verdient ondersteuning. Zoek jij ze nog op, de failliete ondernemers?

Mijn hoop is gevestigd op Maxim Verhagen. Hij initieerde ooit de Feniksaward voor de beste comeback in zijn tijd als minister van Economische Zaken. Laat hij in zijn nieuwe functie zijn hart weer spreken voor ondernemers in zwaar weer? Daarnaast doen wij nu al wat nodig is. We organiseren lezingen, we zoeken de pers op. Met als doel ook de ondernemers in de bouw weer sterk te maken.

Voor meer informatie zie

Reageer op dit artikel