artikel

Ouwe jongens krentenbrood

bouwbreed Premium

Er gebeurt iets geks met mij. Over enkele maanden ben ik geen voorzitter meer van De NieuwBouw. Aan de ene kant opluchting. Het kost namelijk erg veel energie en tijd om maar een kwart van je plannen te realiseren. Aan de andere kant merk ik dat ik graag nog wat zaken zou willen afhandelen. En […]

Er gebeurt iets geks met mij. Over enkele maanden ben ik geen voorzitter meer van De NieuwBouw. Aan de ene kant opluchting. Het kost namelijk erg veel energie en tijd om maar een kwart van je plannen te realiseren. Aan de andere kant merk ik dat ik graag nog wat zaken zou willen afhandelen. En bespeur ik een knagend onrustig gevoel zodra andere mensen een bepaald project gaan overnemen. Opeens doe je er niet meer toe.

Tijdens mijn studie heb ik onderzoek gedaan naar de eisen en wensen van oudere medewerkers. Met name bij ouderen die een hoge functie bekleedden, was de omschakeling erg groot. Van Mijnheer de Directeur naar de oude sul die op vrijdagmiddag de rij bij de supermarkt ophoudt, bleek mentaal een grote stap.

Hopelijk zal ik niet als een Riemer van der Velde achter de schermen aan de touwtjes willen blijven trekken. Maar opeens snap ik de impuls van mensen wel om lang(er) aan het roer te willen blijven staan, en zie ik ook de valkuilen die daar bijhoren.

Daarom ben ik blij dat wij hebben afgesproken dat iemand maar twee jaar in het bestuur van De NieuwBouw mag zitten. Voor je het weet ontstaat er een old boys network van mensen die elkaar te makkelijk weten te vinden. In de bouw leidde dit niet altijd tot een best practice.

Naar aanleiding van het aftreden van algemeen directeur Harry Webers las ik dat bij Witteveen+Bos statutair is vastgesteld dat directieleden in het jaar waarin zij 55 worden, terugtreden uit de directie. Dit is gebaseerd op de vitaliteitscurve voor directeuren, die daar sinds 1992 wordt toegepast.

De expertise van Webers zal blijven (voort)bestaan voor en binnen de organisatie, maar het machtsspectrum krijgt weer een goede impuls door de opvolging door de relatief jonge Karin Sluis (1965).

Hiermee voorkom je de ouwe jongens krentenbroodsfeer die hangt bij veel groepen van oudere machthebbers die steeds met elkaar hetzelfde rondje lopen. Goed dus om om de zoveel tijd eens een andere hand te pakken en je mee te laten nemen op een andere en vernieuwende route.

Reageer op dit artikel