artikel

interview‘In de bouw lijkt de hond te veel op het baasje’

bouwbreed

Het lukt de bouw maar niet om te veranderen, constateert Stephan van Gelder, directeur van Integron. Zijn bureau onderzoekt of klanten en medewerkers van bedrijven tevreden zijn. De aannemerij staat er niet best op. “De hele kolom is een oude economie. Bouwbedrijven zijn haast militaristische organisaties. Dertigjarigen worden tot driejarigen gedeformeerd. Oog voor de wereld van de klant is er niet.”

Unica, Dura Vermeer, Rockwool, Nijhuis Bouw. Van de ongeveer 700 klanten heeft Integron er 80 die actief zijn in de bouwsector. Onder hen toeleveranciers en installateurs, schildersbedrijven en aannemers. Zij proberen het verschil te maken. Toch blijkt uit de laatste cijfers dat medewerkers van bouwgerelateerde bedrijven niet zo tevreden zijn. “Slechts eenvijfde meent dat zijn werkgever het beste uit hem of haar naar boven haalt.”

Het geluid is niet nieuw. Toch blijft verandering uit: “Ego speelt een rol. Niet durven kiezen is een andere reden. Het stikt van de algemene bouwbedrijven. Er zijn duizenden schilders die betrouwbaar zijn en snel. Maar we leven in een belevingseconomie. Het gaat er niet om hoe je er uit ziet. Het gaat er om hoe je overkomt.”

Goed gedaan jochie

Bouwgerelateerde bedrijven slaan de plank al mis bij hun eigen personeel, vervolgt Van Gelder: “Ik heb zoveel respect voor bouwvakkers. Ze staan elke dag om vier uur, vijf uur op. Ga het maar eens doen. Veertig jaar lang buiten in de kou staan. En zelden krijg je een compliment. ‘Goed gedaan jochie’, wanneer hoort-ie dat nou? Managers gaan te krampachtig met ze om. Dertigjarigen worden tot driejarigen gedeformeerd. Zelfstandig denken is er daardoor niet bij. Vaste tijden. Alles is voorbedacht en gereguleerd. En de opdrachten die medewerkers krijgen worden allemaal gecontroleerd. ‘Je moet bouwen en niet zeiken’, krijgt hij te horen. De hond gaat daardoor te veel op het baasje lijken. Daardoor krijg je minder van je mensen, daalt de betrokkenheid.”

Van Gelder heeft nog een belangrijk punt van kritiek: aannemers zijn te veel bezig met productiecijfers. Hij begrijpt het, maar adviseert anders. “Het gaat niet om het opleveren van een huis. Als mensen een huis kopen, kopen ze emotie, alsof je een kindje krijgt. Maanden eerder ben je daar al mee bezig. Elke dag denk je: oeh, wat beweegt er in die buik? Een koper van een huis wil weten hoe de bouw van dat huis vordert. Stenen en cement zijn voor hem een stuk minder relevant dan gevoel en contact.”

Van Gelder bracht in 2010 het boek ‘Knuffel de klant’ uit. Aannemers zijn niet zo ‘klef’ en dat is een beetje dom, is zijn betoog. Kopers weten niet wat aannemers maken, daardoor worden ze negatief verrast: “Voor de aannemers is een huis een stapel stenen, voor de klant is het een kathedraal. Maar de klant ziet van alles misgaan. Beloftes worden niet nagekomen, tijd en budget niet gehaald. Zijn woning is een cadeautje zonder strik geworden, terwijl de bouwer hard is weggerend.”

Het moet anders, vindt Van Gelder. “Mensen willen meegenomen worden tijdens het realisatieproces. Nee, een bloemetje bij de oplevering werkt niet. Dat is zo gemaakt, zo bedacht. Neem als bouwbedrijf de tijd voor de koper. Betrek hem erbij. Maak samen met hem iets moois.”

De huidige president van Amerika, Obama, zei het al: Yes, we can. In de bouw lijkt een soortgelijke spirit zich meester te maken van de man. Een Bouwteam verzamelt in opdracht van minister Spies ideeën om de sector er bovenop te helpen. De Tweede Kamer hoort morgen deskundigen aan over fundamenteel andere bouwregels. Van Gelder heeft nog een suggestie: “Ik vind bouwbedrijven heel lief. Bij de oplevering proberen ze het altijd goed te maken. Maar het punt is juist: wees dat voor. Wat er anders moet? Misschien snijden in de directielagen. Veel geld gaat verloren aan het in de gaten houden van 10, 20, 30 bouwers.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels