artikel

Verloederen als opgave

bouwbreed

Voeg een aantal kenmerken van de Nederlandse landsaard samen en je krijgt een merkwaardige cocktail. Wij Nederlanders houden van opgeruimd en aangeharkt (diep in ons hart zijn we allemaal mevrouw Helderder, een huisvrouw die wil dat alles blinkt). Nederlanders vinden dat afgebladerde en verwaarloosde gebouwen not done zijn (we houden ook steeds minder van rimpels). […]

Voeg een aantal kenmerken van de Nederlandse landsaard samen en je krijgt een merkwaardige cocktail. Wij Nederlanders houden van opgeruimd en aangeharkt (diep in ons hart zijn we allemaal mevrouw Helderder, een huisvrouw die wil dat alles blinkt). Nederlanders vinden dat afgebladerde en verwaarloosde gebouwen not done zijn (we houden ook steeds minder van rimpels). Bovendien zijn we oplossingsgericht: het is opknappen of weg ermee (in dat laatste zijn we erg goed: veel van onze oude troep gaat in schepen of achter op trailers naar het buitenland). Ten slotte spreken we de ander graag aan op zijn troep, liefst via een anoniem meldpunt. Voeg dat samen en je hebt een frame, waarin het logisch is dat wij Nederlanders krimp en leegstand van kantoren en bedrijfsgebouwen onacceptabel vinden. Dáár moeten we iets aan doen! Hier past een nationaal initiatief met een integrale aanpak. Maar laat het frame eens los. Waarom leren we er niet mee te leven nu we onze aftandse gebouwen niet op een schip naar Afrika kunnen sturen? Waarom laten we die in de steek gelaten gebouwen niet natuurlijk verouderen tot er een omslagpunt komt dat er opeens weer (al dan niet krakende) gebruikers zijn. Of het toch aantrekkelijk wordt het gebouw te vervangen door een stadspark. Laten we accepteren dat er krimp en leegstand is, dat dit een nieuwe werkelijkheid is waar we aan moeten wennen en dat we daar even niets aan kunnen (en willen) doen.

Adviseur Andersson Elffers Felix Utrecht

l.vulperhorst@aef.nl

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels