artikel

Samen doorpakken en na het werk een biertje

bouwbreed Premium

Dat de bevlogenheid van een projectteam een buitengewoon belangrijke, zo niet doorslaggevende factor voor het welslagen van een project is, is onomstreden. Althans, in theorie. Albert de Vries wéét dat het zo is en kan het ook nog bewijzen, met meer dan één voorbeeld.

Sommigen noemen het de belangrijkste slaagfactor voor een project: een projectteam met passie. Zeker is dat projectteams die iets maatschappelijk waardevols willen realiseren en als het ware ‘wakker liggen’ van hun taak, een extra grote kans hebben om met succesvolle oplossingen te komen. Het maakt ook dat zij dichter staan bij wat de andere betrokkenen drijft en zij zodoende meer vertrouwen genieten en meer gedaan krijgen.

Het jongetje ligt op zijn buik bij de sloot voor de boerderij van zijn vader, ergens in Friesland. Gefascineerd door het ‘levende’ water. Eindeloos dammetjes bouwend: water daalt, water stijgt…. Dat was tóen, bijna zestig jaar geleden. Nu, bij zijn pensionering, heeft Jan Bijkerk vele jaren achter zijn naam staan bij de ‘natte poot’ van Rijkswaterstaat. Hij deed er ettelijke grote projecten en laatstelijk was hij vanuit de gemeente Amsterdam directeur Uitvoering bij de Noord-Zuidlijn. Omgeven door grondwater, dit keer. Mensen, daar heeft hij gaandeweg hart voor gekregen: samen dingen bouwen, bereiken. Samen doorpakken, en na het werk een biertje. Het gevoel dat je iets machtigs neerzet voor Nederland.

Wat voor Jan Bijkerk het slootje was, waren de Lego-blokjes voor Chris de Vries, directeur Beheer en Uitvoering bij de provincie Noord-Holland. Niet dat hij huisjes bouwde: “Nee, ik legde door het hele huis dubbele rijen blokjes, met weggetjes ertussen voor mijn autootjes.” Zijn andere kinderpassie: plattegronden tekenen. En jawel: momenteel zetelt hij elfhoog in Haarlem, met helikopterview over de bussen op ‘zijn’ Zuidtangent, vlak onder zijn kantoor.

Rutger Kriek, zorgmanager van AT Osborne, die bouwde wél met zijn Lego. Maar hij heeft ook zussen met diabetes. Als kind heeft hij zodoende geregeld ziekenhuizen van binnen gezien. Dat hij nu zelf ziekenhuizen bouwt – ach, “helemaal toevallig zal het wel niet zijn”, geeft hij toe.

Passie. Wanneer je doorvraagt komen bij projectmanagers – een beetje schuchter soms – de kinderdromen naar boven. Je komt twee soorten bevlogenheid tegen: de technische passie en betrokkenheid met mensen. Vaak begon het voor de ingenieurs met spelebouwen. Anderen reppen van de natuur, of spreken zelfs in zendingstermen, bijvoorbeeld over de plicht om het beste te halen uit jezelf en je medemensen.

Jack Hock van woningstichting Trudo in Eindhoven maakte carrière in de Amsterdamse stadsvernieuwing en sleurt momenteel de herstructurering van Strijp S op het voormalige Philips-terrein door alle fuiken. “Altijd aan de kant van de bewoners, supporting people.” Daarvóór studeerde Hock bouwkunde in Eindhoven. “Dus voor deze stad iets doen, dat sprak mij wel aan.”

Onontbeerlijk

Bevlogenheid is onontbeerlijk voor terugkerend succes in projecten. Voor bouwmanagers als Bijkerk, De Vries, Kriek of Hock is hun werk geen optelsom van berekende competenties. Veeleer zweeft het in tussen een hobby en een missie. “Ik ga altijd fluitend naar mijn werk.”

Neem nou de noodzaak tot intensief met mensen samenwerken. Daarvoor zul je ‘iets met mensen moeten hebben’, anders wordt het een moetje en dat houd je niet lang vol. Een technisch inhoudelijke fascinatie, aan de andere kant, zorgt weer dat je dicht bij het operationele blijft staan en voeling houdt met de modder en het zweet op de werkvloer. Bovendien maakt het dat je je inhoudelijke kennis up-to-date houdt en de ‘taal’ van de technici en bouwers blijft spreken. Allemaal onmisbare zaken voor de verstandhouding op momenten dat het erom spant.

Mensen die een vlammetje hebben, die ‘iets unieks willen realiseren’ en ‘wakker liggen van hun taak’, zijn een cruciale slaagfactor voor elk project. Zij kunnen doorbraken verwezenlijken, zijn bereid die extra stap te zetten voor iets dat zij als ‘eigen’ zijn gaan beschouwen. De extra inzet die zij tonen vergroot de kans op inventieve ideeën, op doorbraken en bijzondere resultaten.

Reageer op dit artikel