artikel

Het mysterie van de verdwijnende uitkering

bouwbreed

Toen ik tijdens mijn studententijd een bijbaantje had in een kroeg, maakte ik kennis met een interessant fenomeen; het mysterie van de verdwijnende uitkering. Dagelijks zat een oude man de gokkast te vullen. Een gokkast die voldeed aan de wettelijk vastgelegde 80 procent uitkering; een algemeen bekende kroegwijsheid. De vaste klanten vroegen mij dan ook […]

Toen ik tijdens mijn studententijd een bijbaantje had in een kroeg, maakte ik kennis met een interessant fenomeen; het mysterie van de verdwijnende uitkering. Dagelijks zat een oude man de gokkast te vullen. Een gokkast die voldeed aan de wettelijk vastgelegde 80 procent uitkering; een algemeen bekende kroegwijsheid. De vaste klanten vroegen mij dan ook regelmatig of de oude gokkert nog wat uit de kast had getrokken. Wanneer er honderden euro’s ingegaan waren, dan kon de wettelijke 80 procent toch niet meer lang op zich laten wachten? Keer op keer werd dit geprobeerd, blijkbaar zonder het besef dat die verstokte gokker elke gewonnen munt telkens weer opnieuw in de gokkast gooide. De uitkering was gedurende de dagelijkse goksessie verwaterd tot 80 procent van 80 procent van 80 procent etc. Laten we dit fenomeen eens projecteren op een alledaags probleem, ik noem maar iets geks; de macro-economie (wie heeft het er tegenwoordig niet over bij de koffieautomaat). Dan blijkt de overheid haar investeringen voor het overgrote deel op termijn weer te kunnen incasseren. En passant wordt er ook nog wat waarde gecreëerd. Stel; de overheid investeert 100 euro. Een deel daarvan gaat naar producten, een deel naar lonen. Van de lonen vloeit direct zo’n 40 procent terug aan loonbelasting. De rest van de lonen geeft men uit aan producten. Over producten wordt btw betaald en van de omzet betalen bedrijven lonen en producten. Steeds als het resterende deel van de investering een bedrijf bereikt, ontstaat bedrijvigheid en vloeit een deel van de geldstroom terug naar de staat. Als je de geldstroom van bovenaf zou volgen lijkt het, volgens mij, net een trein: de trein reist van station naar station en steeds liften er wat mensen mee, totdat de trein weer op het rangeerterrein terecht komt. Dit geldt volgens mij voor elke overheidsinvestering zoals kennisontwikkeling, zorg, asfalt of duurzame mobiliteitsconcepten. Wat denkt u? Moet ik het exclusieve recht op deze macro-economische inzichten aan de koffieautomaat voorbehouden, of is het de hoogste tijd voor Jan Kees om weer te gaan investeren?

Adviseur contractering en risico-management bij Twynstra Gudde

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels