artikel

Businessmodel Esco kansrijk voor de bouw

bouwbreed Premium

De bouw aanvaardt al jaren extreem hoge risico’s tegen bijzonder kleine marges. Deze ongezonde combinatie kom je in geen enkele andere sector zo extreem tegen. Maar het kan anders. De opmars van de Esco ofwel Energy service company, toont dit aan, menen Eric Copius Peereboom en Pieter van der Zwet.

Dergelijke ondernemingen aanvaarden eveneens grote risico’s en sterker nog, ze committeren zich bij epc aan de prestaties van de te leveren diensten. Tegelijkertijd nemen ze de volledige vrijheid voor de te kiezen aanpak. Vrijheid die door traditionele opdrachtgevers lang niet altijd geboden wordt. En vrijheid die de beste innovaties en executiekracht bij de leverancier naar boven haalt. Een Esco levert energiediensten en ontwikkelt, installeert en arrangeert de financiering van projecten om de energie-efficiëntie te verbeteren en de onderhoudskosten te verlagen.

Opbrengsten

Vooralsnog richten Esco’s zich vooral op de energieprestaties van – bestaande en nieuwe – gebouwen. In de meeste gevallen garandeert de Esco gedurende de looptijd van het contract de hoeveelheid energie die een project bespaart. De opbrengsten voor de Esco hangen daarbij rechtstreeks samen met de energiebesparing die geleverd wordt. Kortom: de Esco biedt een prestatiegarantie, financiering en claimt de vrijheid om het project volledig naar eigen inzicht in te vullen. Nu de financiering van projecten zeer problematisch is geworden en de marges van traditionele projecten extreem onder druk staan, lijkt dit een zeer kansrijk businessmodel voor de bouw. Nederland heeft een ambitieus energie-efficientie- en klimaatbeleid met als doelstelling onder andere 20 procent minder CO 2 -uitstoot in 2020. Gebouwen veroorzaken circa 30 procent van het totale energieverbruik en emissies en spelen daarom een sleutelrol in de transitie naar een CO 2 -arme economie. Esco’s kunnen door de prestatiegarantie een belangrijke en kostenefficiënte bijdrage leveren aan het behalen van deze doelstellingen.

Desondanks was er tot 2005 nauwelijks Esco activiteit op de Nederlandse markt. Inmiddels begint deze markt ook in Nederland tot ontwikkeling te komen, alhoewel de omvang ervan nog niet te vergelijken is met die in landen als de Verenigde Staten, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk .

De duurzaamheidsambities die Nederland zich voor 2020 heeft gesteld zijn zonder Esco’s niet te financieren. Volgens de UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change) moet zeker 85 procent van het kapitaal dat nodig is voor investeringen om de CO 2 -reductiedoelen te bereiken vanuit de private sector worden gefinancierd. De beschikbaarheid van kapitaal bij zowel publieke als private vastgoedeigenaren is de laatste jaren immers aanzienlijk beperkt en onvoldoende om in de initiële kosten te voorzien. Terwijl de zekere opbrengsten pas langzaam en gestaag worden terugverdiend. Tegelijkertijd zijn de energieprijzen in Nederland na de liberalisering van de elektriciteit- en gasmarkt in 2005 volatieler geworden. Esco’s kunnen de prijsonzekerheid die hierdoor is ontstaan wegnemen. Om de Esco-markt te stimuleren zijn er diverse hulpmiddelen en initiatieven beschikbaar die bewezen succesvol zijn in verschillende landen. De implementatie van nieuwe steeds strengere milieu- en energie-efficiëntienormen in de bouw en het stimuleren van het gebruik van energielabels en bewustmakingscampagnes zijn hier voorbeelden van.

Risciobeperking

Risicobeperking is een ander belangrijk instrument. Het bundelen van projecten tot zogenaamde ‘Super Esco’s blijkt in andere landen efficiënt te zijn. Een voorname verandering die op korte termijn zal plaatsvinden is een aanpassing van de balansregelgeving volgens IFRS. Deze wijzigingen zullen plaatsvinden in 2015 en hebben vooral invloed op Esco-leaseconstructies.

Transparantie – bijvoorbeeld over risico’s – blijkt van groot belang om investeerders aan te trekken. Deze transparantie kan verbeterd worden met onafhankelijke energie-audits en gerichte verificatieprocessen.

Voorts is onderling vertrouwen tussen opdrachtgever en de Esco van groot belang.

Het potentieel van Esco’s in Nederland is groot: de Rabobank heeft becijferd dat het energiebesparingspotentieel van Esco’s in alleen al het commercieel vastgoed 2,5 procent van het totale energieverbruik in Nederland per jaar is. Kortom: om de duurzaamheidsambities van Nederland en betere marges in de bouw te realiseren verdienen Esco’s meer aandacht en stimulans.

Reageer op dit artikel