artikel

juridisch Onredelijk bezwarend karakter

bouwbreed

Het leerstuk van de vernietigbaarheid van bedingen in algemene voorwaarden is voor de bouwsector van belang, omdat bij bouwcontracten veelvuldig gebruikt wordt gemaakt van algemene voorwaarden. Een beding in algemene voorwaarden is onder meer vernietigbaar als het onredelijk bezwarend is voor de wederpartij.

De wet noemt als gezichtspunten die in dit kader van belang zijn: de aard en de overige inhoud van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen, de wederzijds kenbare belangen van partijen en de overige omstandigheden van het geval. Voor overeenkomsten met consumenten zijn in de wet bovendien de zwarte lijst (bedingen die zonder meer onredelijk bezwarend zijn) en de grijze lijst (bedingen die worden vermoed onredelijk bezwarend te zijn) opgenomen. In een zaak voor het Hof Amsterdam (15 februari 2011, LJN BP9470) beriep de wederpartij, een opdrachtgever voor de bouw van een varkensstal, zich erop dat art. 15 van de Metaalunievoorwaarden in zijn geval onredelijk bezwarend is. Art. 15 bepaalt dat de opdrachtgever binnen 14 dagen na ontdekking schriftelijk moet reclameren over een gebrek. De opdrachtgever had echter telefonisch geklaagd en vervolgens te laat schriftelijk gereclameerd. Het beroep op het onredelijk bezwarende karakter van art. 15 werd afgewezen. Het Hof acht van belang dat partijen ondernemers zijn en dat de bouw betrekking heeft op een bedrijfspand. Voorts werd niet gesteld dat het beding onduidelijk of ongebruikelijk is, noch dat de gebruiker van de voorwaarden er geen redelijk belang bij heeft tijdig en schriftelijk op de hoogte te worden gesteld. Bovendien was er geen wanverhouding in de bedrijfsomvang of de juridische expertise tussen de gebruiker van de voorwaarden en de opdrachtgever. In een zaak voor het Hof Arnhem (8 februari 2011, LJN BP3742) kwamen wederom de Metaalunievoorwaarden aan de orde, dit keer de artikelen 5.5 en 13.2. Art. 5.5 beperkt het recht op schadevergoeding bij overschrijding van de levertijd. In art. 13.2 wordt onder meer vergoeding van bedrijfsschade en opzichtschade uitgesloten. De wederpartij deed een door de rechtbank gehonoreerd beroep op de reflexwerking van de grijze lijst. Reflexwerking houdt in dat wederpartijen die overeenkomsten vertonen met consumenten, het voorkomen van een beding op de zwarte of grijze lijst, als argument kunnen gebruiken. Naar het oordeel van het Hof kan de wederpartij in dit geval geen beroep doen op reflexwerking, omdat de transactie te zeer ongelijk is aan een consumententransactie. Een onredelijk bezwarend karakter van de artikelen 5.5 en 13.2 kon in dit geval dus niet op reflexwerking worden gebaseerd.

Juridisch stafmedewerker IBR

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels