artikel

Bouwkeet valt niet binnen Wabo

bouwbreed Premium

Voor de bouw is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en het daaruit voortvloeiende Besluit omgevingsrecht en Regeling omgevingsrecht van groot belang. Voor allerhande activiteiten zoals bouwen, aanleggen, slopen van een monument, afwijken van een bestemmingsplan, moet een omgevingsvergunning worden aangevraagd. De vraag is voor welke precies en voor welke niet.

Constructies die voor bepaalde tijd worden geplaatst, die dus niet bedoeld
zijn om ter plaatse te functioneren (geen plaatsgebonden karakter), werden tot 1
oktober niet als bouwwerk aangemerkt en waren dus niet vergunningplichtig. Bij
omvangrijke bouwprojecten worden dergelijke hulpconstructies veelal voor wat
langere tijd geplaatst en kon toch sprake zijn van een bouwwerk. Veel werd
gedoogd, maar altijd was formeel een (lichte) bouwvergunning vereist. Omwille
van vereenvoudiging en eenduidigheid is in de Wabo geen met de lichte
bouwvergunning vergelijkbare regeling opgenomen: de wet kent geen lichte
omgevingsvergunning voor bouwen van bouwwerken. Wel zijn, zoals voor 1 oktober,
bouwwerken aangewezen die niet omgevingsvergunningplichtig zijn (Bijlage II bij
Besluit omgevingsrecht). Voor de bouwpraktijk, met name uitvoerders die
verantwoordelijk zijn voor de uitvoeringsvergunningen (doorgaans een term ter
aanduiding van publiekrechtelijke toestemmingen waarvoor de uitvoerder/aannemer
contractueel verantwoordelijk is), is art. 2 lid 20 van Bijlage II interessant.
Daarin worden voorheen vooral lichtbouwvergunningplichtige bouwwerken als
bouwketen en -borden, steigers, heistellingen, hijskranen, damwanden of andere
hulpconstructies als omgevingsvergunningvrij aangemerkt. Deze bepaling luidt als
volgt: “Een omgevingsvergunning voor activiteiten als bedoeld in art. 2.1,
eerste lid, onder a en c, van de wet is niet vereist, indien deze activiteiten
betrekking hebben op: […]”. lid 20. een bouwkeet , bouwbord, steiger,
heistelling, hijskraan, damwand of andere hulpconstructie die functioneel is
voor een bouw-, onderhouds- of sloopactiviteit, een tijdelijke werkzaamheid in
de grond-, weg- of waterbouw of een tijdelijke werkzaamheid op land waarop het
Besluit algemene regels milieu mijnbouw van toepassing is, mits geplaatst op of
in de onmiddellijke nabijheid van het terrein waarop die activiteit of
werkzaamheid wordt uitgevoerd […]”. De bouwwerken zijn niet zonder meer
vergunningvrij. Art. 2 lid 20 geeft aan waaraan zij moeten voldoen: functioneel
zijn voor bouw, sloop of onderhoudswerk, of het moet tijdelijk werkzaam in de
gww betreffen, mits (geldt voor 1 en 2) zij op of in onmiddellijke nabijheid van
bouw- of sloopperceel staan.

Onderzoeksmedewerker Instituut voor Bouwrecht.

Reageer op dit artikel