artikel

Bevolkingskrimp niet alleen negatief

bouwbreed

Sinds de conferentie ‘De nieuwe groei heet krimp’ weet Nederland dat de bevolking zal krimpen. De gevolgen daarvan zijn volgens Harold Koers niet alleen negatief.

Jammer dat de bevolkingskrimp veel bestuurders nog lang niet heeft aangezet
tot beleid of daden. Vele gemeentebesturen leven nog steeds met twee ficties:

Wie prikt hier doorheen? Een van de eerste aanzetten is gegeven tijdens ‘De
nieuwe groei heet krimp’, begin dit jaar. Vervolgens verzocht de VNG het
Centraal Bureau voor de Statistiek de prognoses niet langer te koppelen aan
bouwplannen. Het bouwen van Vinex-wijken en nieuwe steden is voorbij. Tijd voor
bezinning en een nieuwe visie. Nu wij ons niet langer hoeven afvragen of de
krimp komt, dient de vraag zich aan hoe deze goed en evenwichtig op te pakken.
De gevolgen zijn in kernbegrippen te omschrijven: Leegstand, verlies van sociale
cohesie en terugloop van voorzieningenniveau.

Leegstand

Minder bewoners leidt bij een gelijkblijvende bezetting per woning, tot
leegstand. Om leegstand te voorkomen, moet het aanbod van woningen in
overeenstemming komen met de vraag. Concreet betekent het dat er moet worden
gesloopt. Veelal wordt geopperd dat sloop leidt tot waardevermindering en
kapitaalvernietiging. Slopen is dan ook pas aan de orde als er geen betalende
bewoners/gebruikers meer kunnen worden gevonden om de woning te exploiteren,
zodat deze in goed onderhouden staat blijft bestaan. Zijn er geen
bewoners/gebruikers meer te vinden die aan deze conditie voldoen, dan wordt
sloop economisch haalbaar. Dit is ook de reden dat de sloop van Ganzendijk één
station te vroeg was.

Spookdorpen

Behalve voor slopen als oplossing voor leegstand en verpaupering, kan een
(gemeente)bestuur ook kiezen: Dit dorp krijgt wel die aandacht, dat helemaal
niet meer. Wie wil kan blijven, maar moet zelf inspanningen verrichten om bij
voorzieningen te komen. Iedere bestuurder vreest echter het verlies van
voorzieningen. Onterecht. Wij kenden immers al de centrale-plaatsentheorie; de
spreiding van marktgebieden (stedelijke invloedssferen of verzorgingsgebieden)
van de Duitse econoom Walter Christaller. Wat nu staat te gebeuren is het
omgekeerde en daarmee net zo acceptabel als het originele model. Voorzieningen
zullen zich concentreren in bepaalde centra. Mensen die daar gebruik van willen
maken moeten of daar in de buurt gaan wonen, of bereid zijn te reizen. Krimp
treft behalve dorpen ook steden zoals, Leiden en Apeldoorn. Moeten deze wachten
op leegstand, verpaupering en spookwijken ontwikkelen? Drs. ing. Ritske Dankert
beantwoordde deze vraag al negatief bij zijn presentatie op 16 december 2005 aan
de NHTV internationale hogeschool van Breda. Hij zag de volgende oplossingen:

Door gerichte subsidies en andere vormen van steun, gecombineerd met
wetgeving, moet dit proces in gang worden gezet om zo de verwaarloosde
binnenstad leefbaar en aantrekkelijk te maken en nieuwe markten te creëren voor
bewoning, toeristen en de oudere medemens. Deze manier van omgaan met krimp
heeft in onder andere Leipzig, Wittenberg en Dresden bewezen te werken. Laat de
bestuurders dus aan de slag gaan! Krimp los je niet op met het lokken van
mensen. Krimp is een uitdaging voor kwaliteitsverbetering van de leefomgeving
voor de eigen bewoners!

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels