Hoe TBI impact maakt met drie maatschappelijke fondsen

Hoe TBI impact maakt met drie maatschappelijke fondsen

Bedrijven willen tegenwoordig steeds vaker impact maken. TBI geeft daar met zijn bedrijfsmodel, met Stichting TBI als enige aandeelhouder, écht betekenis aan. Het techniek- bouw & ontwikkeling- en infraconcern investeerde in 2023 bijna 6 miljoen euro in maatschappelijke projecten.

“Wij voelen ons verantwoordelijk om bij te dragen aan een duurzamere toekomst van Nederland. Dat is erg van deze tijd, maar wij werken al meer dan veertig jaar zo. Volgens ons model dat sinds enkele jaren Steward-owned genoemd wordt”, vertelt Bianca Seekles lid van de Raad van Bestuur van TBI.

TBI is een concern van 21 ondernemingen, waaronder onder andere Koopmans Bouwgroep, Synchroon en Croonwolter&dros, dat ruim 40 jaar geleden is voortgekomen uit OGEM. Het concern heeft in totaal bijna 6400 medewerkers en had in 2022 een omzet van 2,3 miljard euro. Daarmee is het niet alleen een van de grotere bouw- en installatieconcerns van Nederland, maar door hun bijzondere ondernemingsvorm met de onafhankelijke Stichting TBI als enige aandeelhouder, profiteert ook de samenleving mee.

Bianca Seekles, lid Raad van Bestuur TBI Holdings
Bianca Seekles, lid Raad van Bestuur TBI Holdings

Impact maken

Bij de oprichting van TBI is besloten om de aandelen voor 100 procent in een stichting onder te brengen. De aandelen zijn niet in handen van een familie, investeerders of beursgenoteerd, zoals vaak wel het geval is, maar Stichting TBI is de enige aandeelhouder. De continuïteit van de TBI-ondernemingen heeft voor de Stichting natuurlijk prioriteit, maar daarnaast wil het maatschappelijk impact maken en met elkaar werken aan de grote uitdagingen waar Nederland en de bouwwereld voor staan. Seekles: “Dat zit ook in het DNA van onze ondernemingen. Zij werken in de basis vanuit eigen ondernemerschap, maar wel met daarboven een heel sterke moedermaatschappij die financieel stabiel is.’’

Geld verdienen is één ding, maar een brede maatschappelijke relevantie geeft ook intrinsiek de motivatie om iets te doen”

Maatschappelijke relevantie

Het steward-ownership-model biedt TBI de ruimte om een langetermijnperspectief te ontwikkelen en daadwerkelijk te investeren in innovatie en duurzaamheid. Een gedeelte van de winst die TBI maakt, vloeit door middel van maatschappelijke fondsen weer terug naar de samenleving. Om hierin focus aan te brengen zijn er drie specifieke TBI-fondsen opgericht: Stichting Studiefonds, TBI Praktijkfonds en de TBI Klimaattrein. “Geld verdienen is één ding, maar een brede maatschappelijke relevantie geeft ook intrinsiek de motivatie om iets te doen. Daar passen deze fondsen heel goed bij”, zegt Seekles hierover.

Zo is het TBI Studiefonds er voor alle kinderen van vaste medewerkers van de TBI-ondernemingen, ongeacht welke functie. Het is in 1992 opgericht naar aanleiding van het 10-jarig bestaan van TBI met het doel om kinderen een steuntje in de rug te geven en ze te stimuleren om een opleiding te volgen. Seekles: “Kinderen kunnen hier vanaf de brugklas een aanvraag voor doen. Zij krijgen een tegemoetkoming in de vorm van een maandelijkse toelage en een eenmalige bijdrage in de kosten. Het is een gift die zij niet hoeven terug te betalen. In het lopende schooljaar 2023/24 hebben zo’n 3000 kinderen zich hiervoor aangemeld. Het gaat dus echt over serieus geld.” En, vult zij lachend aan: “Het is echt voor de kinderen hè? Dus niet de bedoeling dat het geld bij de ouders terecht komt.”

Het voelt als onze maatschappelijke verantwoordelijkheid om mensen voor de sector te behouden door de instroom, door­stroom en het behoud te bevorderen”

Verantwoordelijkheid

Voor het TBI Studiefonds maakt het niet uit welke opleiding kinderen kiezen, terwijl de urgentie in de bouwwereld voor het behoud van vakmensen natuurlijk ook enorm is. Naar aanleiding van het 40-jarige bestaan van het concern is daarom het TBI Praktijkfonds opgezet. Dit fonds ondersteunt initiatieven van TBI-ondernemingen, die talenten enthousiasmeren en opleiden voor een toekomst in het vak. Dat kan gaan over nieuwe instroom, maar ook over het behoud van bestaande vakmensen.

Seekles: “Het fonds is ook echt gericht op het behoud van vakmanschap op de bouwplaats. In de crisis hebben veel bedrijven vakmensen laten gaan. Maar het voelt juist als onze maatschappelijke verantwoordelijkheid om mensen voor de sector te behouden door de instroom, door­stroom en het behoud te bevorderen. De verbinding van de oude met de nieuwe generatie vinden wij heel belangrijk. Onze ervaren vakmensen zijn heel gedreven om de nieuwe generatie op te leiden, dat gebeurt sowieso al binnen onze ondernemingen maar via het Praktijkfonds brengen we dat nog een stuk verder.’’

Het TBI Studiefonds is er voor alle kinderen van vaste medewerkers van de TBI-ondernemingen, ongeacht welke functie.
Het TBI Studiefonds is er voor alle kinderen van vaste medewerkers van de TBI-ondernemingen, ongeacht welke functie.

De TBI-ondernemingen komen zelf met initiatieven. In november van afgelopen jaar startte bijvoorbeeld de TBI Vakschool met behulp van het TBI Praktijkfonds. Voor het opleidingsinitiatief van TBI-ondernemingen J.P. van Eesteren en ERA Contour zijn 16 leerlingen geselecteerd vanuit hun BBL-bouwopleiding. De leerlingen zijn werkzaam bij de bouwbedrijven en in dit aanvullende traject van 15 maanden worden ze klaar­gestoomd met extra praktijkgerichte knowhow uit de bouw. Een ander initiatief is de bedrijfsschool van Comfort Partners. Met behulp van het fonds richtte deze TBI-onderneming een opleidingscentrum in waar toekomstige monteurs worden opgeleid en bestaande monteurs worden bijgeschoold. Ook ondersteunt het fonds kleinere initiatieven, zoals een collega die een gastles wil geven op de basisschool van zijn zoon of dochter.

100 werkjaren

Kennis om te delen is er genoeg binnen de TBI-ondernemingen. Seekles: “Ik ben zelf al 23,5 jaar in dienst bij TBI. Nu als lid van de Raad van Bestuur, hiervoor bij ERA Contour. Laatst was ik op bezoek bij een van de vakscholen waar twee leermeesters vanuit TBI-ondernemingen aanwezig waren. Eén werkte al 37 jaar binnen TBI en de ander 38 jaar. Samen hadden we bijna 100 werkjaren binnen TBI. Dat is toch bijzonder?”

Kruisbestuiving

TBI voelt zich niet alleen verantwoordelijk voor het doorgeven van vakinhoudelijke kennis. Daarom is bij het veertigjarig bestaan ook de TBI Klimaattrein opgezet met als doel CO-emissies in de sector te verminderen. “Wij zijn in de gelukkige omstandigheid dat wij helpen dit land vorm te geven. Dat wij mogen bijdragen aan de gebouwde omgeving van Nederland. Dat brengt tegelijkertijd een enorme verantwoordelijkheid met zich mee om het goede te doen.”

De TBI Klimaattrein moet helpen om snelheid te maken op weg naar de klimaatdoelen van Parijs. “Het tempo moet omhoog”, benadrukt Seekles. “Daarvoor moeten we het samen doen. Wij vinden dat we zo snel mogelijk moeten versnellen en daar hebben wij iedereen bij nodig. Meer dan een fonds moet het dan ook een beweging zijn, een community. Niet alleen voor TBI-onder­nemingen, maar juist ook voor start-ups, studenten of andere maatschappe­lijke ondernemingen. Zo willen we nog meer en sneller impact maken. Want door kruis­bestuiving en samenwerking in de keten komen vaak de beste initiatieven van de grond.”

De TBI Klimaattrein is bedoeld om vaart te maken op weg naar het Klimaatakkoord van Parijs.
De TBI Klimaattrein is bedoeld om vaart te maken op weg naar het Klimaatakkoord van Parijs.

Klimaatgesprekken

De aanvragen die binnenkomen zijn heel divers. Initiatieven die echt helpen CO-uitstoot te reduceren worden door het fonds ondersteund. ‘Van Land naar Pand’ is een voorbeeld van een initiatief waarbij anders wordt gekeken naar de inzet van gewassen van boeren. “Hierdoor is biobased isolatie verkregen uit de oogsten van Brabantse boeren, die TBI in zijn eigen projecten kan toepassen. Blue Wasp is een impact start-up die samen met TBI-onderneming Eekels kijkt hoe het ontwerp van wind-hybride schepen versneld kan worden. Hiermee wordt er actief bijgedragen aan de vergroening van de scheepvaart”, vertelt Seekles.

Een ander voorbeeld zijn de klimaatgesprekken. Deze gesprekken worden met behulp van Stichting KlimaatGesprekken gevoerd en gaan over de keuzes en het gedrag van mensen. Seekles: “Ze laten deelnemers zien hoe ze een goed, effectief en positief klimaatgesprek met anderen kunnen voeren en gaan daarbij uit van inzichten uit de klimaatpsychologie en daarbij specifiek de vraag: hoe kan het zo zijn dat we al decennialang weten wat klimaatverandering is, maar dat we nog niet massaler en sneller in actie zijn gekomen? Hiermee willen wij bijdragen om de gedragsverandering die nodig in de maatschappij in gang te zetten. Dat is heel cultuurgericht in plaats van ingreepgericht.”

Wij maken plekken waar mensen fijn en duurzaam kunnen wonen, werken en leven”

Klimaatneutraal

Omdat de relevantie enorm is, wil TBI voorloper zijn of in ieder geval een katalysator. “Wij kunnen veel betekenen. Maar, wij doen ook al heel veel”, benadrukt Seekles. “Wij maken plekken waar mensen fijn en duurzaam kunnen wonen, werken en leven. Zo richten we ons in onze projecten op de energie- en circulaire transitie. Bijvoor­beeld met de bouw van de eerste energie­neutrale tunnel in de A16/A13 verbinding bij Rotterdam, maar ook door het verduurzamen van bestaande woningen en andere gebouwen. Dat is ook een hele mooie manier om CO-reductie te bewerkstelligen. En er zijn meer voorbeelden. Voorbij Prefab werkt bijvoorbeeld al met groen beton, maar heeft onlangs ook een kubus klimaatneutraal beton weten te produceren. Het is maar een blokje, maar het is wel CO-negatief beton. Dat zijn toffe ontwikkelingen. Met geWOONhout hebben wij een fabriek waar circulaire houten modules voor woningen worden gemaakt en ook het SAWA-project is een mooi voorbeeld: aan de Lloydpier in Rotterdam wordt het eerste circulaire houten woon­gebouw van ruim 50 meter hoog gebouwd.”

Veel projecten worden gezamenlijk opgepakt. “Door de verschillende kennis en expertise binnen onze ondernemingen te combineren, bereiken we veel. En wij zien ook een duidelijke verschuiving binnen de bedrijven in de focus naar CO-reductie. Dat is heel goed nieuws, want juist onze ondernemingen ontwikkelen, bouwen en onderhouden. Het gaat er uiteindelijk om dat het in hun projecten tot uiting komt”, besluit Seekles. “Daarnaast is het ook goed om te zien dat de rest van de sector in beweging komt. Dat wij maatschappelijke impact kunnen maken is mooi, maar als ook andere bedrijven meedoen, zetten we echt iets in beweging.’’

Dit artikel is gesponsord door TBI.