Ervaringseis in redelijke verhouding tot het werk
Sinds 1986 is de procedure van de openbare aanbesteding in sterke mate geobjectiveerd. Dat gebeurde bij de invoering van de UAR 1986. Daarin schrijft het eerste lid van artikel 8 voor, dat de eisen die de aanbesteder stelt aan degenen die op het werk inschrijven, objectief en eenduidig moeten zijn. Bovendien moeten ze in redelijke verhouding staan tot aard en omvang van het werk. Van die in het bestek of bekendmaking gestelde eisen kan de aanbesteder later niet afwijken door ze uit te breiden of aan te scherpen.