nieuws

Tot leven gekuste galerijflat slaat brug naar Zuidas

woningbouw Premium 1097

Tot leven gekuste galerijflat slaat brug naar Zuidas

Met een drastische renovatie naar ontwerp van Hans van Heeswijk Architecten veranderde Van der Leij een oude galerijflat aan de rand van de Zuidas in een modern woon- werkgebouw. Eigenaar Vesteda besloot er meteen maar meteen maar haar hoofdkantoor te vestigen.

De renovatie werd vorig jaar al grotendeels afgerond en dong mee naar de Amsterdamse Architectuur Prijs,  de AAP. Die trofee ging naar een ander project,  maar de jury gaf in het rapport wel een mooie kwalificatie van de transformatie op de grens van de Zuidas en Buitenveldert: “Het gebouw is op eervolle wijze tot leven gekust.”

Eerherstel van de galerijflat in baksteenmontagebouw

Hans van Heeswijk doet met zijn opvallende ingreep een poging tot eerherstel voor de galerijflat. Het flatgebouw aan de Amsterdamse De Boelelaan is in 1964 gebouwd om tegemoet te komen aan de woningnood direct na de oorlog.  Volgens de architect is het gebouw met zijn tien lagen misschien wel het nationale vlaggenschip voor het baksteenmontagebouwsysteem waarin de  flat in combinatie met een betonskelet werd opgetrokken. “Er wordt tegenwoordig vaak kritisch tegen deze gebouwen aangekeken, terwijl de oorspronkelijke noodzaak en kwaliteiten onderbelicht blijven”, schrijft Van Heeswijk in een persbericht.

 

“Het gebouw aan de Amterdamse De Boelelaan is weer tot leven gekust”

Een opvallende ingreep van het woongebouw voor het midden huursegment, zijn de borstweringen van de galerijen. Die zijn niet langer uitgevoerd als gesloten panelen, maar in strekmetaal, wat het gebouw een opener karakter geeft. De panelen zijn door bouwbedrijf Van der Leij bovendien licht voorover hellend geplaatst, waardoor de galerijen voor de gebruikers ook een stuk ruimtelijker aanvoelen. De 154 woningen zijn beter geisoleerd en met hoogwaardige keukens en badkamers uitgerust. In combinatie met eigentijdse installaties maakt dat ze een sprong maken van energielabel G naar B. Tien woningen op de negende verdieping zijn uitgebreid met een lichtgewicht dakopbouw, waardoor ruime penthouses zijn ontstaan. Op een tussendak is een royale daktuin ingericht die toegankelijk is voor alle bewoners van de compacte flats. Het regenwater wordt gebufferd om de planten in droge tijden te bevloeien.

 

Er zijn meer gemeenschappelijke voorzieningen toegevoegd aan het gebouw: zoals elektrische deelauto’s. Overdag worden de auto’s vooral gebuikt door de medewerkers van eigenaar Vesteda, ’s avonds en in het weekeinde zijn ze beschikbaar voor bewoners van De Boel. De wagens worden geparkeerd in de garageboxen op maaiveld, die met glazen deuren zijn uitgerust, wat de flat een veel transparanter en toegankelijker voorkomen geeft.

Een loft van 160 meter lengte

Diezelfde ingreep is een verdieping hoger gemaakt waar zich tot voor kort achter een anonieme gevel verouderde kantoorruimten bevonden. Van der Leij heeft een volglazen gevel geplaatst, waarmee een reusachtige etalage ontstond die aan de ene kant was gericht op de Zuidas en aan de andere kant op Buitenveldert. De binnenkant is compleet gestript tot  een loftachtige ruimte van zo’n 160 meter lengte. Eigenaar Vesteda is daar zelf in getrokken en heeft er haar nieuwe hoofdkantoor van gemaakt. Dagelijks werken er zo’n 125 medewerkers in de langgerekte loft. Bij de inrichting stond circulariteit centraal. Zo’n 80% van het meubilair is hergebruikt en heeft in De Boel een tweede of derde leven gekregen.

‘De Boel’ kort na de oplevering in 1964

 

Reageer op dit artikel