nieuws

‘Geef monumenten aparte plaats binnen energielabel’

woningbouw Premium

‘Geef monumenten aparte plaats binnen energielabel’

De bewoners van monumentale woonhuizen hebben moeite met het nemen van energiebesparende maatregelen. Ze lopen op tegen technische, juridische en financiële obstakels. Daarom moet in het energielabel een aparte categorie monumenten worden opgenomen, zo staat in het onderzoek ‘Duurzaamheid rijksmonumentale woonhuizen’.

Wie in een monument woont, beschikt doorgaans over meer ruimte dan de bewoner van een reguliere woning. Dat klinkt aantrekkelijk, maar de medaille heeft een keerzijde. Vaak is er zo’n overvloed aan ruimte dat het verwarmen van alle vertrekken te duur wordt. Daar komt bij dat de isolatie van monumenten vaak te wensen over laat. Dak-, vloer- en gevelisolatie ontbreken veelal. Met als gevolg dat er een groot verschil is in stooktemperatuur tussen de verwarmde en de niet-verwarmde ruimtes. Het is lastig om hieraan iets te doen vanwege de vele beperkingen die er zijn om isolerende maatregelen te nemen waar het gaat om beschermde monumenten. Daar komt bij dat de monumentbewoners veelal te weinig inzicht hebben in de technische mogelijkheden voor energiebesparende maatregelen. Bovendien blijkt dat energiebesparing bij monumenten duurder is dan bij reguliere woningen. Volgens het onderzoek ‘Duurzaamheid rijksmonumentale woonhuizen’ is de situatie allerminst hopeloos. Het onderzoek werd in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap uitgevoerd door adviesbureau DWA en onderzoeks- en adviesbureau IVAM, beide uit Amsterdam. De onderzoekers enquêteerden 330 bewoners van monumenten en deden bouwfysisch onderzoek naar 125 woningen die als rijksmonument zijn aangemerkt.

Adviezen

Op basis van de antwoorden op de vragen en de uitkomsten van het onderzoek, adviseren de samenstellers van het rapport om te komen tot een aparte paragraaf in het energielabel die betrekking heeft op monumenten. Daarin moeten drie punten worden benoemd die bij monumenten afwijken in vergelijking met reguliere woonhuizen. Het gaat om de gemiddelde stooktemperatuur, het gedeelte van het gebruiksoppervlak dat wordt verwarmd en de aanwezigheid van tijdelijke isolerende maatregelen. “Door het aanpassen van deze elementen wordt de kwaliteit van het energielabel als benchmark verbeterd”, melden de onderzoekers. Verder doen zij nog een aantal andere aanbevelingen. Zo adviseren zij betere voorlichting te geven aan de eigenaren van monumentale woningen over de energiebesparende maatregelen die zijn toegestaan. Verder raden ze aan onderhoudswerkzaamheden en energiebesparende maatregelen fiscaal gelijk te schakelen zodat het aantrekkelijker wordt om zulke maatregelen uit te voeren. Ook vinden ze dat energiebesparende maatregelen gesubsidieerd moeten worden of dat hiervoor leningen met lage rente kunnen worden verkregen uit een revolverend fonds.

Reageer op dit artikel