nieuws

De Arbiter: Niet te lang achteroverleunen

woningbouw

De Arbiter: Niet te lang achteroverleunen

Vonnissen van de Raad van Arbitrage zijn vaak interessant voor een breder publiek dan alleen de partijen die bij het geschil betrokken zijn. In deze rubriek wordt elke maand een zaak van de Raad besproken.

Gelijk hebben is één ding en gelijk krijgen lukt ook nog wel eens, maar dan moet je dat gelijk wel bijtijds gaan halen. Wie te lang achteroverleunt, kan zijn aanspraken verspelen. In dit geval loopt een opdrachtgever een schadevergoeding wegens te late oplevering mis.

De particulier waar het hier om gaat, claimt in oktober 2012 bij de Raad van Arbitrage dat zijn woning te laat is opgeleverd, namelijk in november 2011. Te laat lijkt hier een understatement. De afspraak was op te leveren rond kerst 2006. Hij eist voor de overschrijding van maar liefst 1300 werkbare dagen een vergoeding van ruim 78.000 euro. Een woonhuis vijf jaar te laat opgeleverd krijgen en dan nog e ens ruim daarna pas een claim indienen? Daar moet meer achter zitten.

In de tussenliggende jaren is er dan ook van alles gebeurd. De oorspronkelijke opleverdatum wordt niet gehaald. Na opnames van de woning in april en in juni van 2007 stuurt de opdrachtgever begin juli een lijst met tekortkomingen aan de aannemer. Die gaat daarmee aan de slag. De opdrachtgever betrekt e ind oktober 2007 de woning, maar betaalt niet de laatste termijn van de aanneemsom wegens resterende tekortkomingen.

Vervolgens belanden ze bij de rechtbank. De aannemer eist – begin 2009 – zijn geld en de opdrachtgever dient op 1 april van dat jaar een tegenvordering in. Maar niet wegens te laat opleveren. Hij wil de aannemer niet meer in de woning hebben en eist een schadevergoeding voor de resterende gebreken, zodat iemand anders die kan herstellen. Met die eis krijgt die eerste april achteraf bezien een bijzondere betekenis. De opdrachtgever lijkt zich daar echter niet van bewust. Maar we lopen op de zaken vooruit: terug naar de rechtbank.

De gerechtelijke procedure duurt uiteindelijk in totaal 2,5 jaar. Pas na elf maanden, in maart 2010, volgt een tussenvonnis. Daarin schrijft de rechter onder andere dat tot op dat moment geen oplevering heeft plaatsgevonden. Pas als schadevergoeding is toegewezen, ontstaat een situatie die vergelijkbaar is met een voltooide oplevering. In het eindvonnis in november 2011, weer anderhalf jaar later, wordt de aannemer veroordeeld tot een schadevergoeding, inclusief rente vanaf het begin van de procedure. De laatste termijn van de aanneemsom mag hij ervan aftrekken. Vervolgens duurt het even, maar in oktober 2012 stapt de opdrachtgever dus naar de Raad van Arbitrage. De rechter heeft toch geschreven dat de oplevering pas heeft plaatsgevonden ten tijde van het eindvonnis in november 2011? Daarop baseert hij zijn enorme overschrijdingsclaim.

Van de arbiter krijgt hij echter het lid op de neus. Na 1 april 2009 kón de aannemer immers niet meer opleveren. De opdrachtgever heeft hem zelf de kans ontzegd de gebreken te herstellen. Ook de schadevergoeding is per die datum toegewezen. Aanspraak op schadevergoeding wegens te late oplevering had hij daarom binnen een redelijke termijn na 1 april 2009 moeten maken. Een brief aan de aannemer van 3 februari 2011, dus ruim 22 maanden na het begin van de procedure bij de rechtbank, is veel te laat. De vordering wordt afgewezen en de opdrachtgever moet ook de kosten van de procedure betalen.

Ton Hesp

(Meer over dit vonnis is te vinden op raadvanarbitrage.info, onder nummer 34.112)

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels