nieuws

Prijs huis daalt, ook bij VVD

woningbouw

De verkiezingsprogramma’s van politieke partijen pakken nadelig uit voor de bouw van koopwoningen, concludeert het Centraal Planbureau (CPB).

Bij nagenoeg alle partijen die hun verkiezingsprogramma lieten doorrekenen,
daalt de prijs van een koopwoning. De bouw van nieuwe woningen zal daardoor
vooral in de eerst komende jaren stagneren. D66 laat de prijs van koopwoningen
het hardst kelderen met 9,8 procent in 2015. Het negatieve effect van de PvdA
bedraagt 6,8 procent, dat van de SP en GroenLinks ongeveer 6 procent. Ook bij
het CDA en de VVD die pal voor de hypotheekrenteaftrek staan of er een breekpunt
van maken, zakt de woningprijs, respectievelijk met 0,7 en 2,4 procent. Alleen
met Geert Wilders aan de macht kost een gemiddelde koopwoning in 2015 iets meer,
0,4 procent. Waar de koopprijzen zullen zakken, zien partijleiders de prijzen
van huurhuizen door hun keuzes stijgen. Bij de plannen van het CDA, de VVD en
D66 leidt die hogere huurprijs ook tot meer productie.

Funest

Nico Rietdijk, directeur van de vereniging van ontwikkelende bouwers NVB,
schrikt als hij wordt geconfronteerd met de CPB-cijfers. “Het is funest als de
huizenprijs zakt. Tien procent bij D66? Dat bewijst eens te meer hoe kwetsbaar
het systeem is.” Hij benadrukt dat een lagere prijs zeer ongunstig uitpakt voor
gemeenten. “Wat het kabinet dan ophaalt aan euro’s, leveren zij weer in.” Als
Rietdijk minister van Wonen was, liet hij de woningmarkt de komende vier jaar
met rust. “Elke bouwvakker weet dat je bij een renovatie (van de economie, red.)
eerst goed moet stutten.”

Minder nieuwbouw

Johan Conijn, bijzonder hoogleraar woningmarkt aan de Universiteit van
Amsterdam, trekt de CPB-analyse in twijfel. “Het CPB maakte gebruik van een
nieuw model, met een aantal bijzonderheden. Zo gaat het Planbureau ervan uit dat
de productie van huurwoningen omhooggaat, als de huurprijs stijgt.
Huizenbezitters van nu zouden daardoor weer gaan huren, met als gevolg dat de
prijs van koopwoningen daalt. Ik vertrouw die berekening niet en weiger te
geloven dat huizenbezitters weer gaan huren. Zeker niet als de huurprijs
stijgt.” Conijn stelt verder dat het CPB de gevolgen van vermindering van de
hypotheekrenteaftrek aandikt. “Die discussie duurt al tien jaar. Wie zegt dat de
effecten niet al lang zijn verdisconteerd in de huidige verkoopprijs?” De
hoogleraar vindt ook dat het CPB te weinig rekening houdt met het effect van
vraaguitval door een sterk stijgende huurprijs. Dat de vooruitzichten voor
aannemers somber zijn, staat volgens Conijn buiten kijf. “Dat is een van de
belangrijkste nadelen: hervormingen zullen de woningbouwmarkt geen goed doen.
Wonen wordt duurder, hoe dan ook. En dat betekent zonder flankerend beleid
minder nieuwbouw.” Marcel Lever van het CPB bestrijdt de kritiek van Conijn.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels