nieuws

Een duurzame stad die sociale structuren in regio versterkt

woningbouw

Een duurzame stad die sociale structuren in regio versterkt

Werkgelegenheid, goed openbaar vervoer, aantrekkelijke openbare ruimtes en sociale veiligheid zijn de sleutelbegrippen waarmee de Nederlandse architecten de Italiaanse krimpwijken nieuw leven willen inblazen.

“Onze strategie kan ook worden toegepast in de Nederlandse situatie”, stellen
de stedenbouwkundigen Bas Römgens, Theo Reitsema, Rik Martens en Dennis Weerink,
samenwerkend onder de naam sustainablecity.nl. Sociaal-maatschappelijke
problemen zoals vergrijzing, krimp en criminaliteit hebben Rivarolo en Begato in
hun greep. Veel bedrijven zijn naar elders vertrokken of opgeheven. Met als
gevolg dat er werkloosheid ontstond en jongeren massaal hun geluk zochten in
welvarender plaatsen. De ooit bloeiende gemeenschappen transformeerden
langzamerhand tot verpauperde randgebieden. “Een probleem dat je op meerdere
plaatsen in Europa tegenkomt”, zegt Bas Römgens. “En dat ook in Nederland dreigt
in sommige krimpregio’s.” Römgens spreekt namens de drie andere architecten met
wie hij ‘New landscapes of the sustainable city’ bedacht en inzond naar Europan
10. “We kozen er doelbewust voor om een plan te maken voor Rivarolo en Begato
omdat de locatie een sublieme vorm van een modernistische stadsuitbreiding is
met herkenbare problemen. Daardoor kan de strategie voor ‘New landscapes of the
sustainable city’ als het ware worden uitgerold over andere gebieden, ook in
Nederland.” De inzending bleef niet onopgemerkt. De jury van Europan 10
honoreerde hun project met een eervolle vermelding. “Ons ontwerp moet je zien
als een strategie gebaseerd op het idee dat een duurzame stad niet alleen een
groene of een energie neutrale stad is, maar ook een aantrekkelijke stad voor
mensen en bedrijven.” Werkgelegenheid, goed openbaar vervoer, aantrekkelijke
openbare ruimtes en sociale veiligheid zijn daarbij sleutelbegrippen ongeacht of
het nu gaat om de omgeving van Genua of om de Nederlandse krimpregio’s. Toch is
het draaiboek niet een op een te vertalen naar de Nederlandse situatie. Wel kan
het worden gebruikt bij het ontwikkelen van plannen voor regio’s die kampen met
vergelijkbare problemen als Rivarolo en Begato. Bereikbaarheid en
werkgelegenheid zijn van levensbelang om dergelijke gebieden uit het slop te
halen, zo blijkt uit ‘New landscapes of the sustainable city’. Voor wat betreft
de streek nabij Genua sluit het ontwerp aan op gemeentelijke plannen voor een
nieuw metrostation in de regio. Door deze te verbinden met een treinstation en
een parkeerplaats waar automobilisten kunnen overstappen op het openbaar vervoer
(P&R) groeit Rivarolo uit tot een belangrijk knooppunt dat een economische
impuls is voor de herontwikkeling van de wijk. Tegelijkertijd wordt in de visie
van de Nederlandse stedenbouwkundigen het hoger gelegen Begato via een kabelbaan
verbonden met Rivarolo. “Zo worden rijk en arm verbonden met de sociale en
economische netwerken en met de rest van de stad.” Goed openbaar vervoer biedt
ook Nederlandse krimpregio’s soelaas, betoogt Römgens. “Je ziet nu bijvoorbeeld
dat velen uit krimpregio’s zoals Limburg of Groningen naar steden als Amsterdam
en Utrecht trekken omdat ze daar passend werk vinden. Een snelle treinverbinding
naar de Randstad maakt het mogelijk dat mensen in Limburg blijven wonen ook al
werken ze in de Randstad. Zeker in een tijd dat thuiswerken en vergaderen op
goed bereikbare plekken steeds gangbaarder wordt. Daarmee voorkom je dat een
belangrijke bevolkingsgroep uit de regio verdwijnt.” Snelle treinen zijn echter
niet voldoende om de trek naar de Randstad in te dammen. “Je moet natuurlijk
kijken naar welke mogelijkheden je hebt om het gebied weer aantrekkelijk te
maken voor bewoners en werkgelegenheid toe te voegen. Iedere specifieke locatie
heeft specifieke kwaliteiten en kansen.”

Metamorfose

Het is dan wel zaak om slechte wijken te slopen en bestaande gebouwen
eventueel een metamorfose te laten ondergaan. Voor wat betreft de Italiaanse
wijken betekent dat bijvoorbeeld dat er ruimte wordt gemaakt voor tuinen en dat
ze worden voorzien van milieuvriendelijke energiebronnen zoals zonnepanelen.
Zowel Rivarolo en Begato als de Nederlandse krimpregio’s kunnen hun voordeel
doen als er recreatiemogelijkheden komen in combinatie met een aantrekkelijk
woonmilieu en uiteenlopende voorzieningen, menen de stedenbouwkundigen. “Die
kunnen dan verrijzen op plekken die vrijgekomen zijn nadat bewoners of bedrijven
wegtrokken.” Ook moet worden gekeken hoe kan worden voorkomen dat streekbewoners
die niet buiten de regio een baan hebben, werkloos worden. “Daarom is de
strategie erop gericht de huidige bewoners een doorslaggevende rol te laten
spelen in de gebiedsontwikkeling. Dan worden de sociale structuren in de regio
niet vernietigd maar versterkt.” Römgens verwacht veel van wat door hem en zijn
collega’s urban agriculture wordt genoemd. In Begato kunnen onbenutte groene
ruimten binnen de bebouwde kom, versnipperde groenstroken maar ook daken van
gebouwen worden ingericht als volkstuinen. De plaats wordt er aantrekkelijker
door en kan voor een deel in zijn eigen voedselbehoefte voorzien. “Er zijn zelfs
mogelijkheden om zulke volkstuinen uit te breiden tot boerenbedrijfjes. De
bewoners, veelal werkloos, krijgen een extra bron van inkomsten en weer
verantwoordelijkheid en trots voor de buitenruimte in hun stad.”

Bureaulade

Zover is het nog niet. Vooralsnog zijn er geen concrete plannen om de
strategie in de praktijk te testen. “We zouden dat natuurlijk wel graag willen”,
vertelt Römgens.” Onze deelname aan de Europan 10 was natuurlijk nuttig voor ons
persoonlijk, we hebben er veel van opgestoken, maar het zou jammer zijn als ons
plan in een bureaulade verdwijnt. We zullen onze ideeën dan ook zeker inbrengen
in projecten waarbij we betrokken zijn. In Italië gaan we in gesprek met de
gemeente en we zien mogelijkheden om de strategie af te stemmen en verder uit te
werken op locaties in Nederland. Dat zou kunnen in een workshop of een studie
voor bijvoorbeeld gemeenten en corporaties. We staan daar beslist voor open. ”

Europese prijsvraag

Europan is de naam van een prijsvraag op het gebied van architectuur en
stedenbouw die om de twee jaar wordt gehouden. Er doen zo’n twintig landen aan
mee. De circa 2400 deelnemende teams bedenken oplossingen voor bestaande
locaties die door de deelnemende landen worden ingebracht. De ingediende
ontwerpen worden beoordeeld door een nationale jury uit het betreffende land.
Daarbij worden steeds dezelfde regels gehanteerd. De deelnemende landen zijn
aangesloten bij een overkoepelende organisatie namelijk de Association Europan,
gevestigd in Parijs. De prijsvraag heeft als thema European Urbanity.
Bouwmeesters jonger dan veertig jaar kunnen meedoen aan de prijsvraag. De
winnaars van de eerste prijs krijgen een opdracht.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels