nieuws

Hoog bouwen voor een betere wereld

woningbouw Premium

Hoog bouwen voor een betere wereld

Een woontorentje bouwen is anno 2010 een fluitje van een cent dankzij de snelle betonbouwtechnieken. Tachtig jaar geleden keek Nederland met grote ogen toe hoe in Den Haag de eerste woontoren werd afgeleverd: de Nirwanaflat.

Nederlands eerste hoge gebouw met een betonskelet was een fraai voorbeeld van
het Nieuwe Bouwen. Het moment dat het innovatieve bouwwerk verrees mag
opmerkelijk heten: 1929, op het dieptepunt van de economische crisis. Architect
Jan Duiker had er het liefst nog vier torentjes naast gebouwd, maar dat plan
sneuvelde. Niet alleen door de recessie, maar ook omdat de Nederlandse kopers
maar moeizaam konden wennen aan het nieuwe fenomeen. Zeven verdiepingen hoog
wonen in een gebouw van naakt beton? Dat was geen concept dat tachtig jaar
geleden makkelijk verkocht. En dat terwijl het gebouw aan de Benoordenhoutseweg
dankzij zijn innovatieve constructie meer licht en lucht toeliet dan stedelingen
tot die tijd ooit in hun woning hadden gezien. Het betonskelet stond
niet-dragende gevels toe en dus brede raamstroken. De 24 luxe appartementen
hadden elk meerdere balkons en vrij indeelbare plattegronden. Centrale
voorzieningen zoals liften, warm water, koel- en verwarmingsinstallaties en
stortkokers voor afval en vuile was verhoogden het comfort en maakten bewoners
onafhankelijk van personeel.

Breuk

Bij de technische uitwerking kreeg Duiker hulp van civiel ingenieur Jan Gerko
Wiebenga, met wie hij ook het beroemde sanatorium Zonnestraal ontwierp.
Nederlands eerste betonspecialist bedacht, geïnspireerd door Amerikaanse
voorbeelden, een constructie van in het werk gestorte vloeren, balken en
kolommen van gewapend beton. In de voor- en achtergevel fungeren de balken als
borstwering. Dat de geplande hoogte terugging van 60 naar 25 meter, was voor
beiden een teleurstelling. Alle concessies die Duiker zelfs tijdens de bouw
moest doen wegens problemen met financiers, belemmerende bouwvoorschriften en
technische obstakels, zorgden uiteindelijk voor een breuk tussen architect en
ingenieur. Omdat de bouwtechniek nieuw was, ging er wel het een en ander mis. De
dunne muren bleken kwetsbaar voor scheuren en lekkages. En in het betonijzer
trad roestvorming op. Bij kostbare renovaties moest de gevel van het latere
rijksmonument menigmaal worden gereinigd van de roetaanslag die het
voorbijrazende autoverkeer achterliet.

Meer ruimte

In het boekje ‘Hoogbouw’ (1930) dat na oplevering van de Nirwanaflat
verscheen, legde Duiker uit dat het nieuwe concept van appartemententorens –
efficiënt, hygiënisch en comfortabel – meer ruimte zou creëren voor parken en
vijvers. Resultaat: betere levensomstandigheden en een leefbaarder maatschappij.
Dat idee lijkt tachtig jaar later definitief achterhaald. Een huis met een
tuintje werd toch weer het ideaal.

Reageer op dit artikel