nieuws

Onrendabele top nieuwbouw stijgt

woningbouw

De kosten voor onrendabele toppen van huurwoningen lagen vorig jaar voor het eerst hoger dan de verkoopopbrengsten van woningen. Dat zegt Jan van der Moolen, directeur van het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV).

“Er is een enorme stijging van onrendabele toppen bij nieuwbouwprojecten. Je
ziet stijgingen waarvan ik denk: jongens, als je dit drie jaar geleden had
geroepen had iedereen gezegd: je bent gek. Stichtingskosten van 220.000 euro en
een onrendabele top van 150.000 zijn geen uitzondering.” Behalve kosten voor
onrendabele projecten hebben corporaties ook te maken met stijgende
personeelskosten, hogere lokale belastingen en uitgaven voor leefbaarheid. Het
Centraal Fonds meldde deze maand dat steeds meer corporaties financieel krap
komen te zitten. Van der Moolen vraagt zich af of het corporaties lukt hun
kasstromen op peil te houden.

Strippen

“Een groot deel van de voorraad corporatiewoningen moet de komende jaren nog
worden aangepakt. Al die woningen uit de jaren vijftig, zestig en zeventig.
Slopen kun je schudden. Veel wijken en buurten kennen een behoorlijk sociale
cohesie, bewoners zouden zich verzetten. Dat betekent dat je woningen moet
strippen achter de voordeur en opnieuw moet opbouwen. Je weet dan dat een groot
deel niet via een kostprijsdekkende huur terugkomt. De onrendabele toppen kunnen
oplopen tot 100.000 euro. Die hele aanpak van de voorraad staat nog voor de
deur.” Omdat de financiële ruimte beperkt is, vraagt deze opdracht veel van
corporaties, weet Van der Moolen. “Dat is de reden dat we richting corporaties
aangeven: denk heel goed na over je voorraadstrategie. Wees je bewust van de
noodzaak van een financiële buffer, en ga niet je eigen buffer zitten opeten,
wat op dit moment gebeurt. En er zit natuurlijk ook een signaal in naar de
overheid: ook u moet met uw beleid consistent zijn, want er moet nog wel het
nodige gebeuren in die woningmarkt.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels