nieuws

‘Je moet proberen niet te verkrampen door krimp’

woningbouw

‘Je moet proberen niet te verkrampen door krimp’

De bouwsector in Parkstad laat zich niet ontmoedigen door de ingezette krimp. Mág zich niet laten ontmoedigen. Bouwers hebben het roer omgegooid en storten zich nu meer op onderhoud. De algemene teneur luidt: ‘Je moet als bouwbedrijf je conclusies trekken.’

In Parkstad Limburg – het vroegere oostelijke mijngebied – werken zeven
gemeenten (Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Brunssum, Voerendaal, Simpelveld en
Onderbanken) samen aan de economische structuurversterking van de regio. Vorig
jaar woonden 240.000 mensen in het gebied maar dat aantal zal snel afnemen
volgens onderzoek van het ministerie van VROM. In 2020 wonen er naar schatting
216.000 mensen in Parkstad, terwijl de stadsregio in 2040 nog maar 170.000
inwoners telt. De gevolgen van die krimp staan weer volop in de aandacht nadat
deze maand in een rapport aan minister Van der Laan (wonen) werd geadviseerd per
direct alle nieuwbouw van woningen en bedrijventerreinen in de regio Parkstad
stop te zetten. Wat precies de invloed van de krimp is op de huidige woningmarkt
vindt Frank Zuthof, directeur van Bouwbedrijven Jongen, moeilijk te zeggen: “Op
dit moment zie je dat de ordeportefeuille leegloopt, maar we zitten natuurlijk
ook in een economische recessie.” Dat de woningmarkt in Parkstad verslechterd,
merkt hij duidelijk: “We hadden twee kantoren in Zuid-Limburg maar we hebben
daarin moeten reorganiseren en hebben de twee kantoren samengevoegd tot één.” De
verwachtingen over de toekomst van Parkstad spelen al een rol bij gemeenten
stelt Zuthof: “De gemeenten houden hun bouwprogramma’s tegen het licht. Ze
vragen zich af of ze in de toekomst nog wel zoveel woningen nodig hebben. Die
bouwplannen stagneren daardoor.”

Stil

Dat die woningmarkt verslechtert in Parkstad wordt evenzo gemerkt bij Van
Wijnen Sittard: “Twee jaar geleden hadden we nog zo’n 200 koopwoningen in het
gebied, dit jaar zijn dat er nog een stuk of tien. De woningbouwmarkt staat daar
nagenoeg stil,” aldus Giel Martens, adjunct-directeur productie van het
bouwbedrijf. Ook Harrie van Eck, algemeen directeur van bouwbedrijf Haegens,
voelt de gevolgen van de slechte markt in Parkstad. Het bedrijf heeft twee
vestigingen in Limburg. Eén in Horst en één in Kerkrade, midden in de regio
Parkstad. Als gevolg van de ingezakte woningmarkt is het personeelsbestand in
Kerkraadse vestiging met 40 procent afgenomen. Gérard Ruiters, adjunct-directeur
van Smeets Bouw, heeft eveneens te kampen met de inzakkende markt in
Zuidoost-Limburg. Bij Smeets Bouw moest het personeelsbestand ‘aan de tijd
worden aangepast’. Vergeleken met vorig jaar loopt er nu 12 procent minder
personeel bij het bouwbedrijf rond. Daarvan is een deel door natuurlijk verloop
vertrokken maar er zijn ook enkele gedwongen ontslagen gevallen. Ondanks het
krimpprobleem benadrukken de bouwers nog wel degelijk kansen voor de toekomst te
zien in het gebied. “Als je naar de woningbouw in Parkstad kijkt, zie ik de
markt niet helemaal onderuitgaan, maar het wordt wel minder. De kans zal komen
te liggen in het rehabiliteren van de bestaande woningen, die woningen zijn niet
meer van deze tijd,” aldus Martens. Daarvoor gaat Martens geen specifiek nieuw
beleid in Parkstad voeren: “We zitten door de hele provincie Limburg dus dat is
niet nodig. We gaan gewoon door met het gebruiken van ons netwerk in die regio
en hopen op die manier onze opdrachten binnen te blijven halen.” Haegens,
Bouwbedrijven Jongen en Smeets Bouw hebben hun strategie wel duidelijk
aangepast. Die bouwers zijn zich de afgelopen jaren veel meer gaan richten op
andere gebieden dan woningbouw. “Onvermijdelijk”, stelt Van Eck van Haegens:
“Als je kijkt naar de krimp moet je als bouwbedrijf je conclusies trekken: je
moet een andere sector gaan bedienen. In de woningbouw is gewoon een stuk minder
werk en dat wordt er niet beter op. Daarom richten we ons nu met onze vestiging
in Kerkrade vooral op onderhoud.” Ook Smeets Bouw zet in op een renovatie: “We
zijn onze strategie zo’n twee jaar geleden gaan veranderen. Het is nu belangrijk
een breed portfolio te hebben. Daarom zijn we ons meer op onderhoud gaan
richten, vooral op klein onderhoud want die markt groeit nog wel”, aldus Gérard
Ruiters. Daarbij stippen de topmannen van Bouwbedrijven Jongen, Smeets Bouw en
Haegens aan speciale aandacht te zullen hebben voor de ouderenvoorzieningen in
die oude wijken.

Ontwikkelingspoot

“De toekomst zal niet zitten in nieuwe projecten maar van in het aanpassen
van het huidige woningbestand. Daarom investeren we nu in het bedenken van
duurzame concepten voor ouderenwoningen. Zo moeten we in de ook in de toekomst
kunnen blijven bouwen,” aldus Ruiters. Daar denkt Zuthof, de directeur van
Bouwbedrijven Jongen, net zo over: “We zullen meer met concepten aan de slag
gaan. Vroeger kon je gewoon tien huizen bouwen en dan was je klaar. Nu moet je
niet meer alleen een woning bouwen, je moet een woonklimaat creëren.” Daarnaast
ziet de directeur van Bouwbedrijven Jongen nog een kans, juist dankzij het
verslechterde imago van Parkstad. “We hebben onlangs besloten onze
ontwikkelingspoot te verzelfstandigen. We zien nu veel ontwikkelaars wegtrekken
uit het gebied omdat ze de toekomst niet meer zien zitten. Juist daarom hebben
wij besloten daar extra op in te zetten. Je moet door de krimp niet verkrampen.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels