nieuws

‘Kopers zullen nu wel komen’

woningbouw Premium

Van Wijnen ziet kans het project Suytkade in Helmond met de drie ‘waterburchten’ door te zetten dankzij het extra stimuleringspakket voor woningbouw van de provincie Noord-Brabant. Toen dit pakket er begin dit jaar nog niet was, besloot de bouwer al te beginnen met het eerste complex, ondanks een laag voorverkooppercentage van 40 procent.

Mede dankzij de stimuleringsmaatregelen zullen de kopers voor de overige
woningen wel komen, verwacht het bedrijf. “In Helmond wordt verder weinig
gebouwd in hetzelfde segement”, weet Menno Riemersma, projectontwikkelaar bij
Van Wijnen. De doelgroep van de te bouwen vrijesectorappartementen bestaat
vooral uit ouderen. “Die kunnen hun besluit om naar een gelijkvloerse woning te
verhuizen niet allemaal erg lang uitstellen.” Probleem is vaak, weet hij, de
financiering. De vrees bij de gegadigden dat ze hun oude woning niet kunnen
verkopen. De maatregelen waarvan kopers gebruik kunnen maken, gaan van garanties
voor de verkoop van de oude woning tot het afdekken van risico’s bij de koop van
de nieuwe. Ze vergemakkelijken de financiering en nemen de vrees bij gegadigden
weg dat ze misschien het schip in gaan. Van Wijnen bouwt eerst het
appartementengebouw Doevenrode af, voor kopers met een budget van 275.000 tot
600.000 euro. “De meeste van de 36 woningen in dit complex kosten 275.000 tot
350.000 euro”, stelt Riemersma. De bouw van de tweede waterburcht, Amerlingen
genoemd, gaat in januari van start. Deze is ‘gered’ door verkoop aan corporatie
St. Laurentius uit Breda, die de 75 appartementen voor één- en
tweepersoonshuishoudens in de verhuur neemt. “De prijzen komen iets boven de
sociale huurgrens uit.” Het plan voor de derde burcht, met 29 stadswoningen,
wordt herontwikkeld, zo is besloten. “De aanvankelijk geplande gezinswoningen in
de prijsklasse van 3,5 tot 4,5 ton zijn in de huidige marktomstandigheden in
Helmond moeilijk te verkopen.” Het vlottrekken van projecten is maatwerk,
onderstreept de provincie. Een harde eis is dat alle betrokken partijen een
extra inspanning leveren: de gemeenten, financiers, ontwikkelaars, corporaties
en de provincie. Als een project succesvol wordt afgemaakt, hoeft de geboden
extra risicobescherming weinig te kosten. Het hiervoor gereserveerde geld kan
dan terugvloeien in het provinciale fonds waarmee dan weer opnieuw projecten
kunnen worden vlotgetrokken. De bedragen die met de verschillende projecten zijn
gemoeid, zijn geheim vanwege de concurrentiegevoeligheid, verklaart
provinciewoordvoerder Rik van Druten. “Maar we steunen geen onrendabele
projecten. Staatssteun, dat mag niet want dan zou Brussel ons gelijk op de
vingers tikken.” Bijzonder aan de Helmondse ‘waterburchten’ is dat ze op het
land worden gebouwd, terwijl ze later in de Zuid-Willemsvaart blijken te staan.
Het kanaal, dat hier niet meer in gebruik is door de scheepvaart, wordt ter
hoogte het bouwproject verbreed van 25 naar 125 en plaatselijk zelfs 140 meter.
De bewoners kunnen bij de burchten kleine bootjes aanmeren, zoals kano’s en
sloepjes. Ze moeten onder bruggen doorkunnen met een hoogte van maar 1,70 meter.

Reageer op dit artikel