blog

Ik heb een kleintje (2)

woningbouw 48

Ik heb een kleintje (2)

Van tiny houses raak ik in de war.  Zoals ik de vorige keer schreef, ben ik van plan te verhuizen naar een grotere woning, die we zelfs nóg iets groter willen maken met een dakopbouw. Logisch toch? Mijn vrouw en ik hebben drie kinderen. En die hebben ruimte nodig. Toch?

Tot zo ver kon ik het managen in mijn hoofd. Alles onder controle. Tot ik hem sprak: 38, timmerman, met een woning, vrouw, kind, een tweede op komst en een verhuiswens. Zijn situatie is haast identiek aan de mijne. Er is één verschil: hij wil een kleinere woning, een tiny house.  

Huh wat, hoezo dan? Waarom dan? Hoe ga je dat doen?

Hij bouwt hem zelf. Hij is ijverig en belt veel met leveranciers, op zoek naar oplossingen voor problemen die tot voor kort niet bestonden. Natuurlijk wil hij zelfvoorzienend zijn. Maar dat composttoilet, dat is nog wel een dingetje. Hij heeft er één gekocht, maar of hij hem gaat gebruiken, is de vraag. Deze tiny house-doe-het-zelver twijfelt. En zijn vrouw met hem.

Poep als energie

Er zijn alternatieven. Zo schijn je een wc te kunnen kopen die de ontlasting in een soort oventje verbrandt (pas op voor steekvlammen, bedenk ik me plots.) Dat klinkt al een stuk aantrekkelijker, vindt mijn gesprekspartner, alleen die kosten… zo maar drieduizend euro (ik zie een taak weggelegd voor Jan-Willem van de Groep).

Ik hik nog niet eens zo zeer aan tegen dit soort praktische dilemma’s. Het is vooral de waarom-vraag die mijn concentratievermogen al dagen gijzelt. Waarom ga je in een tiny house wonen? Als je alleen bent, snap ik het nog wel. Zelden is de happy single thuis. Overdag werkt ze, ’s avonds zit ze in de kroeg of in het theater en zeker vier keer per jaar doet zij een vakantieoord aan.

Nooit meer een hypotheek

“We willen vrij zijn”, is zijn antwoord. “En minder hoge woonlasten hebben. En als we op een dag naar Frankrijk willen verhuizen, kunnen we moeiteloos alles achter ons laten.” Het woord vrijheid kent kennelijk vele definities. Ik wil mijn kinderen meer ruimte geven. Hij wil ruimte in zijn hoofd en breken met het systeem van makelaars, hypotheken en de familie Doorzon. Stoer zeg.

“In feite biedt een tiny house niets nieuws”, beweerde een dierbare collega. “Voor vijftigduizend euro kun je een prachtige camper of caravan kopen.” Niet dat hij de kleinehuisjesliefhebbers met dit soort oordelen van de wijs wil brengen. Ook hij moet toegeven: “tiny is best leuk.”     

Moed

Wethouders, architecten, idealisten, bouwbedrijven en deze timmerman, die in een volgend artikel aan het woord komt, stuk voor stuk houden ze zich bezig met het tiny house-avontuur. Het heeft alles in zich om ‘op te schalen’. Het aantal eenpersoonshuishoudens groeit met de dag en zal in 2050 volgens berekeningen 3,7 miljoen bedragen. De roep om betaalbare woningen is voorlopig ook nog niet verstomd.  

Maar onmiskenbaar confronteert ‘the tiny house movement’ ons met opvattingen die zich niet in patronen laten gieten. Het vertelt ons dat de nieuwe tijd vraagt om flexibiliteit en ontmaskert de maakbare wereld. Het enige dat er nog aan ontbreekt is moed. Moed bij de man die binnenkort zijn tweede hypotheek afsluit. Dom? Welnee. De rente is historisch laag. Nu al ben ik de kleine huisjes dankbaar. Ze zetten je aan het denken.

Cobouw Café Tiny Housing

Op 6 juli organiseert Cobouw samen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken en de gemeente Almere (het Woningbouwatelier) een Cobouw Café over dit onderwerp in combinatie met de BouwEXPO Tiny Housing. Tijdens dat evenement worden 25 winnaars bekendgemaakt die vernieuwende tiny houseconcepten bedachten.

Zij krijgen allemaal de gelegenheid om hun ontwerp daadwerkelijk te realiseren. In de aanloop naar 6 juli zoek ik ter voorbereiding en voor het schrijven van verhalen ervaringsspecialisten en deskundigen die mij helpen, deze in elk geval fascinerende wereld, te ontdekken en te duiden. Mail me! 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels