blog

De belegger heeft gelijk

woningbouw

De belegger heeft gelijk

Beleggers trekken voor nieuwe vrije sectorhuurwoningen vooral naar Amsterdam, Utrecht en een handjevol andere grote steden. Begrijpelijk maar ook schadelijk.

Eerst het goede nieuws: Beleggers trekken sinds het vertrek van corporaties uit de vrije huursector meer geld uit voor de bouw van vrije sector huurwoningen. Ze bouwen in de grote steden, waar een sterke behoefte is aan huurwoningen.

Dan het slechte nieuws. Ze bouwen bijna alleen maar in de grote steden. Uit onderzoek van Cobouw bleek deze week dat de helft van de bouwplannen van beleggers voor nieuwe huurwoningen in zeven steden is geconcentreerd. In 286 gemeenten (73 procent) werd in de eerste drie kwartalen van dit jaar geen enkele bouwvergunning verleend voor nieuwe huurwoningen.

Voor een grote afbeelding klik hier.

Dat is zorgelijk. Zorgelijker is dat we het nog niet eens hebben over middeldure huurwoningen (710 tot 900 euro). In de grote steden worden de middeldure huurwoningen nog wel gebouwd. Weliswaar zijn ze klein, maar anders zijn ze onvoldoende rendabel voor de investeerders.

Feit is dat studenten al aan de bel trokken. Een leuk beleggersinitiatief als The Student Hotel levert ABP een goed rendement op, maar betaalbaar voor de gewone student is het niet. Een studie wijst uit dat vooral studenten met rijke ouders zelfstandig in Amsterdam kunnen wonen.

Syntrus Achmea belegt in nieuwe vrije sectorwoningen in Leiden

Gelukkig schroeven de grote corporaties inmiddels hun bouwproductie op. Het is lang geleden dat in Amsterdam zoveel sociale woningen in aanbouw zijn genomen.

Maar zowel Peter Boelhouwer, hoogleraar woningmarkt aan de TU Delft, en de grootste vastgoedbelegger van Nederland, Syntrus Achmea, waarschuwen dat er veel meer middeldure huurwoningen nodig zijn. Een aandeel van 15 tot 20 procent van de totale woningmarkt zou de doorstroming uit de sociale huur op gang kunnen krijgen. Nu zitten we op zo’n 5 procent.

Woninkje

Het is beleggers niet kwalijk te nemen dat ze vooral in de grote steden bouwen. De sterke koopmarkt (lage rente, en aanwezigheid subsidie in de vorm van hypotheekrenteaftrek) zuigt veel mogelijke ontwikkelposities weg. Wil je nog renderen, dan moet je naar een hoge huur per vierkante meter. Dat wil zeggen: als huurder betaal je gauw meer dan 1000 euro, en/of of je krijgt een klein woninkje.

Het wachten is op beleggers en projectontwikkelaars die minder voor rendement gaan, en goed, of laten we zeggen: nog beter luisteren naar de markt. Wat dat betreft is het verhaal van de “sociale ontwikkelaar” Sustay hoopgevend. Dit bedrijf zegt met een goed rendement voor beleggers huurwoningen van 600 tot 850 euro te kunnen ontwikkelen. Ze worden gebouwd door vaste bouwpartners. De kleine ontwikkelaar Sustay maakt met gemeenten afspraken over een langjarige exploitatieverplichting, bediening van doelgroepen en maximale huurprijzen.

Hopelijk zullen meer commerciële partijen (bouw)methoden ontwikkelen om de woningmarkt ten dienste te zijn. Corporaties en gemeenten zouden in 2016 vaker op zoek moeten gaan naar deze partijen. De mensen en de woningmarkt wachten erop.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels