artikel

Woningbouw uit het slop met een rekensom

woningbouw

Woningbouw uit het slop met een rekensom

Voor alle mensen die nu in een sociale huurwoning wonen: nooit meer huurverhoging en na twintig jaar gratis wonen. Dat is het geval als het plan van René Strijland wordt uitgevoerd. Hij maakte een ‘ruwe rekensom’.

Nederland heeft de gasbaten verstandig geïnvesteerd. Immers, ruim 30 procent van de Nederlandse woningen is een sociale huurwoning met een totale netto vermogenswaarde van 270 miljard (WOZ-waarde minus uitstaande leningen). In Amsterdam is ruim 50 procent van de woningen een sociale huurwoning en zelfs Wassenaar bestaat voor 30 procent uit sociale huurwoningen. Buurlanden halen nauwelijks 5 à 10 procent sociale woningen met daarbij een veel lagere kwaliteit.

De groei van de sociale woningbouw begon vooral ten tijde van het kabinet-Den Uyl; veel investeren in stadsvernieuwing en soms wel 80.000 sociale woningen per jaar bouwen, zoals in 1983. Kom daar nu nog maar eens om.

Iedere woningbouwer kent ze wel: huurwoningen in de binnenstad uit de jaren tachtig à 70.000 gulden stichtingskosten die de corporatie nu leeg verkoopt voor krap 2 ton.

Deze gezamenlijke investeringsstroom werpt zijn vruchten af: 270 miljard in de plus en 400 miljard staatsschuld in de min; als je die tegen elkaar w eg zou mogen strepen resteert er slechts 130 miljard netto staatsschuld. Al dat kapitaal zit vast in de stenen van de corporaties maar kan via herfinanciering gedeeltelijk liquide gemaakt worden.

De ruwe rekensom gaat als volgt. De gemiddelde maandhuur is 450 euro over alle 2,4 miljoen sociale huurwoningen. Een gemiddelde restschuld van 80 miljard (euro)/2,4 miljoen (woningen) is ruim 30.000 euro per wooneenheid.

Draag het eigendom van de sociale huurwoning over aan de zittende huurder tegen gelijke woonlasten (dus huidige netto maandhuur is gelijk aan toekomstige netto maandlast) bij een twintigjarige annuïteit.

Ongeveer de helft van alle huurders zal zijn woning tegen gelijke netto maanlasten wel in eigendom willen nemen. Immers, nooit meer huurverhoging en na twintig jaar woon je gratis. Dat is ook goed voor je geslonken pensioenverwachting.

De corporaties geven aan dat maar 1,2 miljoen huurders tot hun sociale doelgroep behoren. De rest is heel wel in staat om een woning te exploiteren en te (laten) onderhouden. Zeker als het een laagbouwwoning betreft: 1,2 miljoen sociale huurwoningen vallen in die categorie. Dat kan de handige huurder zelf wel schilderen.

Er valt 80 miljard netto vrij als de helft van de huurders, gefinancierd door een corporatiehypotheekbank die haar funding van de werknemerspensioenen betrekt, een trotse eigenwoningbezitter wordt. Daarvan gaat 60 miljard naar de staat als aflossing van de staatsschuld en 20 miljard naar de corporaties. Voor 2 miljard nemen die de grondposities van gemeenten over en de rest gaat op aan bouwkosten.

Aldus ontstaat een nieuwbouwstroom van 200.000 sociale huurwoningen.

De vermogend geworden ex-huurder, thans eigenwoningbezitter, financiert aldus een forse nieuwbouwstroom voor de volgende generatie.

Iemand bezwaren?

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels