artikel

Zelf huis bouwen zet geen zoden aan de dijk

woningbouw Premium

Zelf huis bouwen zet geen zoden aan de dijk

(Collectief) particulier opdrachtgeverschap heeft positieve kanten, maar is nog geen alternatief voor de reguliere woningbouw. Jos Feijtel zet de feiten op een rij.

Het fanatisme waarmee het collectief particulier opdrachtgeverschap (cpo) wordt uitgedragen heeft de kenmerken van sommige extreme sektes. Er is maar één ware aanpak. De sekteleider zetelt in Almere. De volgelingen zijn inmiddels niet meer alleen enthousiaste vrijwilligers maar ook tientallen adviesbureautjes die fors verdienen aan de nieuwe leer.

Volgens deze leer is het cpo niet alleen een keuze om individuele woonwensen te realiseren maar is het ook een alternatief voor de stagnerende woningbouw. Zonder blikken of blozen wordt beweerd dat cpo de terugval in de woningbouwproductie kan opvangen. Niet dus.

Een paar feiten op een rij.

1. Cijfers van 2005 tot 2009: gemiddeld 9000 nieuwbouwwoningen (vergunningen particulieren) per jaar. Daarna circa 6000 per jaar. (CBS)

2. Aandeel in de totale nieuwbouw van cpo is sinds 2001 ongeveer gelijk gebleven. Sinds 2008: geen toename (CBS)

3. De gemiddelde WOZ–waarde van de cpo-woning bedraagt tussen de 425.000 en 290.000 euro

4. Van de eigenaren van de woningen die door particulier opdrachtgeverschap tot stand zijn gekomen, heeft 69 procent zijn woning gekozen uit een catalogus

5. Volgens Woonkennis, Jaarrapport 2011/2012, zou van de Nederlandse consumenten bij aankoop van een nieuw huis, 7 procent kiezen voor particulier opdrachtgeverschap.

6. Landelijke inventarisatie cpo-projecten: Sinds de jaren tachtig worden zo’n zeventig woningen per jaar gebouwd in de vorm van (c)po. Van 1996 tot 2005 loopt dat op van 140 naar 450 per jaar. Inmiddels is dit teruggezakt naar circa 350 per jaar. Vanaf 1981 in totaal nog geen 6500 woningen (De Regie BV).

Conclusie: het aandeel van (c)po in het totaal van de woningproductie is vrijwel gelijk gebleven, zowel voor als tijdens de crisis. (c)po als de vervangende productiestroom is dus kletskoek.Nu uit de onderzoeken blijkt dat slechts 7 procent potentiële verhuizers kiest voor particulier opdrachtgeverschap, is het onzin om bij nieuwbouwplannen een dogma van 30 procent particulier opdrachtgeverschap te hanteren. De (c)po-leer gaat uit van een grote behoefte om als individu zelf de ultieme invloed te hebben op de vormgeving van de eigen woning. Relativering: waarom kiest dan 70 procent voor een kant-en-klare cataloguswoning?

Het is een romantisch sprookje om het te doen voorkomen dat de realisatie altijd over rozen gaat. Ondanks de rijen met adviseurs die beschikbaar lijken, lopen bouwkosten vaak uit de hand. Daardoor en door dubbele woonlasten, kosten voor tijdelijke huisvesting bij vertragingen en de beperkingen die banken stellen aan hypotheekmogelijkheden, vloeien er bakken met tranen van (c)po’ers. Logisch: (c)po’ ers moeten steeds het wiel uitvinden.Vergelijk de al jarenlang lopende pogingen van de professionele bouwwereld om hun faalkosten terug te brengen. Wat professionals al die jaren maar heel mondjesmaat lijkt te lukken, ondanks het eigen belang, zou de (c)po’er zonder ervaring foutloos moeten kunnen? Is er dan niks goed aan (c)po?

Jawel, er zijn absoluut voordelen.Maximale invloed op het huis, gevoelsmatig een uniek huis etc.

Subsidie

Wethouder Adri Duivesteijn van Almere beweerde onlangs in deze krant dat er voor de kavels commerciële prijzen worden gerekend. Hij vertelt er niet bij dat bij een 100 procent hypotheek tot maar liefst 40 procent van het totale aankoopbedrag renteloos kan worden bijgeleend. Is dat geen subsidie?

Daarnaast gaan er bakken met subsidies naar adviesbureaus die aan de romantiek van het realiseren van je eigen huis, veel geld verdienen.

(C)po heeft positieve kanten en is dus de moeite waard om mee door te gaan, maar wel met oog voor de schaduwkanten. Echter extremistisch gedweep is uit den boze. Maar vooral: het is in productietermen (10 tot maximaal 15 procent) geen alternatief voor de reguliere woningbouw want in aantallen zet het nog steeds geen zoden aan de dijk.

Jos Feijtel, woningbouwregisseur

Reageer op dit artikel