nieuws

Markt wil zelf nieuwbouw bepalen

utiliteitsbouw Premium

Markt wil zelf nieuwbouw bepalen

De Balans van de Leefomgeving van het gelijknamige Planbureau (PBL) heeft heel wat losgemaakt. De meningen over het advies om minder nieuw te bouwen en meer te transformeren, zijn verdeeld.

“Het lijkt wel of het Planbureau terug wil naar de dagen van Jan Pronk met een centraal aangestuurde ordening”, zegt VVD-Kamerlid Roald van der Linde. Hij is daar niet blij mee te meer omdat een meerderheid in de Kamer helemaal achter het beleid staat om de markt meer het werk te laten doen.

Met die gedachte zit hij in ieder geval op één lijn met de vereniging voor ontwikkelaars en bouwers NVB die vindt dat de bouw zelf wel bepaalt wanneer de nieuwbouw verlegd moet worden van eengezinswoningen naar appartementen. Op termijn houden de leden van de NVB wel rekening met een veranderende vraag naar woningen, weet directeur Nico Rietdijk. Over drie tot vier jaar verwacht hij dat er vanzelf door de markt andere woningen gebouwd zullen worden.

Bouwend Nederland kijkt er wat genuanceerder naar. Voorzitter Maxime Verhagen vindt het goed dat het Planbureau naar de langere termijn kijkt en de vinger op de zere plek legt bij waterveiligheid en waterkwaliteit. Daar moet nog fors in geïnvesteerd worden.

Ook vindt hij het helemaal niet gek dat voor de huisvesting van de miljoen huishoudens die er de komende kwart eeuw nog bijkomen ook gekeken wordt naar transformatie van leegstaande kantoren en ander vastgoed. “Ombouwen van kantoren is echter een deel van oplossing. Dat deel is belangrijk, maar tegelijk niet enorm. Want de ervaring leert dat maximaal 20 procent leegstaand vastgoed geschikt is voor transformatie. Daarin kunnen dus ruwweg 50.000 woningen worden gerealiseerd. De overige 950.000 huishoudens moeten ook ergens wonen”, aldus Verhagen.

Jan Fokkema van de Neprom vindt dat het Planbureau een verkeerd signaal afgeeft. Natuurlijk moet er rekening worden gehouden met regionale verschillen, maar dat betekent niet dat er overal voorzichtig moet worden gedaan moet worden met nieuwbouw. “Natuurlijk zijn er aanzienlijke gebieden waar het aantal huishoudens veel minder zal groeien of zelfs zal krimpen, maar dat is zeker geen nationale trend”, aldus Fokkema.

Hij vindt dat het Planbureau uit de bocht gevlogen is door de wijze van presenteren. “Media trekken op basis van het persbericht van het Planbureau de conclusie dat er maar beter gestopt kan worden met bouwen. Volledig ten onrechte, maar dit is zeker ook het PBL aan te rekenen”, aldus Fokkema.

Hij is het er wel mee eens dat er gekeken moet worden naar demografische ontwikkelingen en daarmee rekening houden bij wat en waar gebouwd moet worden. “Om aan te sluiten op (nieuwe) woonwensen van de toekomst zal ook nieuwbouw nodig blijven”, zegt Fokkema.

Bekijk de Balans van de Leefomgeving van het PBL

Reageer op dit artikel