nieuws

‘Verhaal achter gevel kan inspireren bij hergebruik’

utiliteitsbouw

De cultuurhistorische waarde van kantoren kan een belangrijke pijler zijn bij het vinden van een nieuwe bestemming voor leegstaande kantoorgebouwen. Daarom lieten het Nationaal Programma Herbestemming en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) onderzoek doen naar de geschiedenis van het kantoor.

Zo’n 15 procent van de kantorenvoorraad, ofwel 8 miljoen vierkante meter kantoorruimte, staat momenteel leeg. Meestal gaat het om gebouwen in kantorenwijken die voor 1995 zijn gebouwd. De kans dat die ruimte ooit weer zal worden benut voor het oorspronkelijke doel is klein. Daarom dreigt sloop. Uit het onderzoek ‘Kantoorgebouwen in Nederland’ van cultuurhistoricus Leon van Meijel en architect Teake Bouma, blijkt dat zo’n 40 procent van de kantooroppervlakte die de laatste tien jaar kwam leeg te staan een nieuwe bestemming kreeg. Doorgaans werden deze in onbruik geraakte panden verbouwd tot woningen. De resterende 60 procent ging tegen de vlakte.

Volgens de samenstellers van het rapport komt die sloopdrift voort uit de wijze waarop tegen kantoren wordt aangekeken. “Leegstand wordt vooral besproken in termen van verhuurbaarheid, boekwaarde en potentie van de locatie”, constateren Van Meijel en Bouma. “Loont het om een kantoorgebouw te upgraden, is herbestemming financieel haalbaar of is sloop de goedkoopste oplossing?” Tot nog toe wordt vooral dat laatste gekozen.

Dat kan veranderen, verwacht Erik Kleijn, hoofd gebouwd erfgoed van de RCE, mits zowel de vastgoedwereld als de overheid op een andere manier naar kantoren gaan kijken. “Het verhaal dat achter de gevel schuil gaat, kan wellicht inspireren tot andere oplossingen.” Het onderzoek van Van Meijel en Bouma is een eerste stap om hierover met de vakwereld van gedachten te wisselen. “Een nieuwe visie op de historische waarde zal daarbij hopelijk ook leiden tot nieuwe waardecreatie voor de toekomst.”

Zo’n nieuwe kijk op het kantoorgebouw is vaak overbodig als bij de bouw van een kantoor rekening is gehouden met de wensen van specifieke gebruikers. Omdat dergelijke panden een eigen identiteit hebben, liggen ze beter op de markt.

Voor wat betreft dat eigen karakter lijken kantoorgebouwen uit de eerste tien jaar na de Tweede Wereldoorlog de beste papieren te hebben. Deze verrezen in een periode dat kantoren nog geen massaproduct waren. Voor het ontwerp werden veelal traditionalistische architecten aangetrokken die borg stonden voor vertrouwd ogende bouwkunst. Daarbij komt dat deze gebouwen doorgaans ook gunstig zijn gelegen in of nabij stedelijke centra.

Toch moeten op basis van het onderzoek vooralsnog geen verregaande conclusies worden getrokken over de mogelijkheden kantoorpanden een nieuwe functie te geven, waarschuwt medesamensteller Bouma. In dat verband wijst hij er op dat het deze week gepubliceerde rapport een quickscan is en derhalve te beperkt. “Meer onderzoek is nodig”, zegt hij. In het algemeen constateert Bouma dat kantoorgebouwen op plekken met uiteenlopende voorzieningen in de omgeving, bijvoorbeeld gelegen op stationslocaties, momenteel erg in trek zijn. “Wat natuurlijk niet betekent dat alle andere kantoren ongeschikt zijn voor herbestemming.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels