nieuws

Rampproject van begin tot eind

utiliteitsbouw Premium

Rampproject van begin tot eind

De Amsterdamse gemeenteraad hakte dertig jaar geleden, in het roerige jaar 1980, de knoop door om de omstreden ‘Stopera’ te bouwen. Een moedig besluit, dat een einde maakte een decennialang durende discussie. Maar ook het begin van een rampproject.

Dat de gemoederen hoog opliepen over het kolossale bouwwerk in het
Waterloopleingebied was bekend. Vanuit culturele kringen kwam felle kritiek op
het ontwerp van
Wilhelm
Holzbauer
en
Cees Dam.
Maar de razernij van een groep krakers, die in januari 1981 de tentoongestelde
maquette van het stadhuis-operacomplex kapot sloeg en de resten verbrandde op de
Dam, kwam als een verrassing. Kort na de bouwstart in juli 1982 stak een meute
‘autonomen’ hijskranen, heistellingen en ander materieel van bouwcombinatie
Stamuco in brand, plus het kantoor van aannemer
Hillen en Roosen, een
van de bouwpartners. Schade, omgerekend in euro’s: een paar ton. Waar alle woede
vandaan kwam? De krakers zagen hun kraakpand verdwijnen, maar in de kunst- en de
architectenwereld zat de weerzin dieper. Over locatie en vormgeving van het
nieuwe stadhuis werd al sinds 1916 gesteggeld. Nadat eerdere locaties en
ontwerpen waren gesneuveld, koos een zwaar verdeelde jury eind 1968 uit 803
inzendingen het ontwerp van Holzbauer.

Architectonisch gedrocht

Omdat de rijksoverheid weigerde bij te dragen, stofte het gemeentebestuur een
oud plan af: koppeling van het nieuwe stadhuis aan een operahuis, nog zo’n
project waarover al decennialang verhitte discussies woedden in de hoofdstad.
Voor een koppeling van de twee ‘hoofdpijndossiers’ had het Rijk een bijdrage van
(omgerekend) ruim 100 miljoen euro over. Volgens velen resulteerde het in een
architectonisch gedrocht. “Onze Opera wordt een overmaats Apeldoorns
bejaardenpaviljoen en het stadhuis de Wibaut-achtige Endlösung van het
gemeentelijk kantoorprobleem”, schreef
componist
Peter Schat
, een van de aanvoerders van het protest. Maar het financiële
probleem leek opgelost. Dat was schijn.

Ondermaats

Toen Stamuco na stug doorbouwen achter beschermende zware hekken het bouwwerk
in 1988 opleverde, bleek het bouwbudget met ruim 90 miljoen euro overschreden.
Bouwfraude? Nee, het – toen nog gereguleerde – vooroverleg dat de bouwers hadden
gehad, was niet de oorzaak. Uit onderzoek bleek dat het gemeentebestuur willens
en wetens met een te krap budget was begonnen en latere budgetproblemen
verborgen had gehouden voor de raad. De krappe planning van de architecten was
totaal onrealistisch geweest, met vier jaar vertraging als resultaat.
Waarschuwingen vooraf van de dienst Openbare Werken waren in de wind geslagen,
de kostenbewaking een rommeltje en er was verzuimd een krachtige projectleiding
aan te stellen. De samenwerking van de architecten met de bouwers was
ondermaats. Tot 2038 betaalt Amsterdam jaarlijks miljoenen aan rente en
aflossing voor de kostenoverschrijdingen.

Reageer op dit artikel