blog

Foutje

utiliteitsbouw 1162

Foutje

Een parkeergarage die zelfs al voor ingebruikname instort, dat kun je in Nederland toch wel bijzonder nieuws noemen.

Gebouwen die instorten verwachten wij Nederlanders in Zuid-Europa, niet in onze regio. En die verwachting is nog op feiten gebaseerd ook. Het zelfbeeld van de Nederlandse bouw is dat we het goed doen. Dat bouwkwaliteit niet ter discussie staat, maar hoog is.

Eens in de tien jaar begeeft een balkon het. Af en toe blijkt de belasting van een brug hoger dan verwacht. En bij een storm waait er wel eens iets van een hoog gebouw af. Dat is het wel zo’n beetje.

Wat de publiciteit haalt, dat zijn incidenten. Interessante vraag is wanneer het oordeel: ‘incident’, omslaat in het oordeel: ‘is dat een tendens?’ Of erger nog: ‘is dat structureel?’

Kortom, wanneer vertrouwen opschuift naar twijfel of omslaat in wantrouwen.

Ik begrijp dat de bouwer niet alleen een intern onderzoek laat doen naar dit foutje, maar er ook extern naar laat kijken. Uiteraard gaat het dan om de bouwconstructie. Ik hoop evenwel dat er ook goed gekeken wordt naar de samenhang met de bouworganisatie en de contractvorm. De bouworganisatie is de afgelopen jaren bij sommige bedrijven ingrijpend veranderd. En dat leidt niet vanzelfsprekend tot goede sturing op de totale bouwketen, tot betrokkenheid van professionals of tot heldere verantwoordelijkheden.

En dat geldt ook voor de contractvorm. Er is een zo grote diversiteit van contractvormen ontstaan dat het nauw luistert om bouworganisatie en teamsamenstelling daarop af te stemmen. Het zou goed zijn als de externe evaluatie openbaar wordt. Juist openbaarheid kan helpen om van een incident te leren.

Zo’n rapport niet openbaar maken zal voeding geven aan twijfel en wantrouwen, terwijl dat juist weggenomen moet worden.



Lenny Vulperhorst is adviseur bij Andersson Elffers Felix Utrecht.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels