artikel

Monumenten trekker voor lokale economie

utiliteitsbouw Premium

Monumenten trekker voor lokale economie

Het Rijk gaat de komende jaren 2000 monumenten die in rijkseigendom zijn op de markt brengen. Ondertussen staren gemeenten zich blind op de kantorenleegstand en zijn ze niet blij dat deze vloed aan rijksmonumenten over hen heen komt. Een keuze tussen kantoren of monumenten wordt onvermijdelijk.

Onder de nieuwe monumenten die minister Bussemaker (cultuur) een paar weken geleden aankondige zijn een aantal karakteristieke gebouwen zoals het Evoluon in Eindhoven en de Doelen in Rotterdam. Andere Rijksmonumenten, zoals het Defensiemuseum in Delft, de Blokhuispoort in Leeuwarden en de Onze Lieve Vrouwe kerk in Veere, zijn door het Rijk aan de gemeenten aangeboden om over te nemen. Vooralsnog hebben deze gemeenten dit aanbod afgewezen omdat de prijs die het Rijk daarvoor vraagt buitensporig is en de kosten voor onderhoud torenhoog zijn.

Bij de gemeenten gaat momenteel alle aandacht uit naar de bestrijding van kantorenleegstand. Je kan je afvragen of de kantorensector, die zichzelf in problemen heeft gebracht, deze aandacht en investeringen wel verdient. Kosten noch moeite worden gespaard om de meest onaanzienlijke en vaak slecht gelegen kantoren om te zetten in broedplaatsen, hotels, jongerenhuisvesting of creatieve hotspots, terwijl monumenten voor dergelijke functies veel interessanter zijn. Strijp S en de Timmerfabriek in Eindhoven, de NDSM-werf in Amsterdam en de Verkadefabriek in Den Bosch, hebben bewezen dat monumenten geheide waardemakers zijn. De economische waarde van monumenten is onlangs onderbouwd door onderzoek van de Vrije Universiteit en de Universiteit Twente. Zij tonen aan dat mensen graag meer, tot zelfs 20 procent extra, willen betalen om te wonen in een monument. Het opknappen van het monument verhoogt ook de waarde van woningen in de directe omgeving van een monument. Dat is in deze tijd uitzonderlijk. Daar komt nog bij dat de bewoners vaak hoogopgeleid zijn. Erfgoed en monumenten zijn echte trekkers als het erom gaat meer creatieve hoogopgeleiden en technologisch geschoolden naar de stad te trekken. Als zesde land op de wereldinnovatieranglijst heeft Nederland juist deze mensen hard nodig.

Nieuwe iconen

Dat zorgt ook nog eens voor een oplevende buurteconomie met specialiteitenwinkels, een koffiebar, flexplekken of een restaurant. Dit geldt ook voor industrieel erfgoed, schoolgebouwen of kerken. Wat mensen belangrijk vinden is een gebouw met karakter, met een verhaal en ruimte waar ze zelf een stempel op kunnen drukken. Op deze manier ontstaan nieuwe iconen, plekken waar mensen naartoe trekken omdat monumenten een verhaal vertellen over de stad en het sociale weefsel.

Monumenten kunnen wel een stuk ‘ondernemender’ worden aangepakt door de exploitatie voorop te stellen. Dat kan in de vorm van collectief particulier opdrachtgeversschap van gebruikers of middels coöperatie. Dit type ondernemende oplossingen past bij de tijd van een terugtrekkende overheid en zelforganisatie van burgers. Een gemeente is veel beter dan het Rijk in staat monumenten een passende bestemming te geven en de samenleving te betrekken. Ze kan belemmeringen in de regelgeving wegnemen en zo het hergebruik stimuleren.

Het meest knellende probleem bij de duizenden monumenten die eraan komen is de financiering. Er zijn gespecialiseerde fondsen nodig om risico’s te spreiden en laagrentende leningen te verschaffen aan gebruikers/ondernemers met een goed plan. Zo worden banken verleid tot medefinanciering tegen een redelijke rente. Het zou enorm helpen wanneer de rijksoverheid de beschikbare fondsen voor beheer en onderhoud van rijksmonumenten zou overhevelen naar een revolving fund voor financiering van monumenten. Hetzelfde geldt voor provincies die de opbrengsten van de verkoop van energiegelden nu eenmalig investeren.

Het Rijk moet kiezen tussen monumenten voor een hoge prijs leeg laten staan of deze een bestemming te laten krijgen die past bij de steden waarin zij staan. De lokale politici moeten ook kiezen voor ‘waardevolle’ herontwikkeling van monumenten of voor het overnemen van de risico’s van de kantorensector. Als het spel door alle partijen goed gespeeld wordt, zijn er alleen maar winnaars.

Jeroen Saris, De Stad bv

Simon van Dommelen, Zelfstandig adviseur

Cees-Jan Pen, Platform 31 en lector vastgoed Fontys Hogescholen

Auteurs nieuwe publicatie ‘Cultureel Erfgoed op Waarde Geschat. Economische waardering, verevening en erfgoedbeleid’. Uitgave: Platform31.

Reageer op dit artikel