nieuws

Afgedankt De Vries & Van de Wiel draait op voor kosten afbouw Julianakanaal: ‘Wanprestatie’

infra Premium 5393

Afgedankt De Vries & Van de Wiel draait op voor kosten afbouw Julianakanaal: ‘Wanprestatie’

Het Julianakanaal blijkt niet waterdicht te maken met dunne bentonietmatten. Het water blijft sijpelen. DEME-dochter De Vries & Van de Wiel kon gemaakte beloftes keer op keer niet waarmaken. Rijkswaterstaat zag geen enkele uitkomst meer, ontbond het contract en legt een dikke schadeclaim bij de aannemer.  

Rijkswaterstaat heeft waterbouwer de deur gewezen bij het Limburgse Julianakanaal wegens wanprestatie. Het gebeurt bijna nooit dat een opdrachtgever halverwege de uitvoering zo drastisch ingrijpt, maar bijna elk bouwcontract voorziet in een clausule die dat mogelijk maakt.

Dikke claim

Rijkswaterstaat deed het vorig najaar bij de gebroeders Van der Lee bij de zandsuppletie in de Waddenzee en Stabag-dochter Züblin is afgelopen najaar de deur gewezen bij de Y-towers. De gang van zaken is echter hoogst uitzonderlijk.

Nog opmerkelijker is dat Rijkswaterstaat verwacht de kosten van het afmaken van het werk denkt te kunnen verhalen op De Vries & van de Wiel.

Ontbinding en schadevergoeding, artikel 6:277

Indien de tekortkoming aan de debiteur kan worden toegerekend (wanprestatie), heeft de ontbindende crediteur recht op vergoeding van de schade die hij lijdt doordat geen wederzijdse correcte nakoming maar ontbinding plaatsvindt.

Derhalve:

Recht op aanvullende schadevergoeding

Recht op vergoeding van typische ontbindingsschade: schade die geleden wordt nu voor het rechtsmiddel der ontbinding wordt gekozen, maar die bij een keuze voor nakoming of vervangende schadevergoeding niet geleden zou zijn.

Voor deze schadesoort ecarteert 6:277 eventuele causaliteitsproblemen (is de schade ontstaan door de tekortkoming of door de ontbinding). Men denke b.v. aan het geval dat de ontbinder na de ontbinding een ontvangen zaak moet teruggeven, en daardoor haar inmiddels ingetreden waardestijging misloop.

Bron: Compendium van het Nederlands vermogensrecht

Minister Cora van Nieuwenhuizen schrijft dat zonder enig voorbehoud aan de Tweede Kamer. Dat betekent dat Rijkswaterstaat uitgaat van wanpresteren en een claim gaat neerleggen voor de vervangende en aanvullende schade. “De minister heeft het besluit genomen. Rijkswaterstaat en de aannemer zijn nog in gesprek over de afwikkeling. Daar kunnen we verder niets over zeggen”, bevestigt woordvoerder Firdevs Akkaya van Rijkswaterstaat Zuid.

Afbouw opnieuw aanbesteed

Het resterende deel zal opnieuw worden aanbesteed en gegund aan een andere waterbouwer, heeft de minister al laten weten. Of dat opnieuw een d&c-contract wordt, is nog niet duidelijk. De rekening voor het afbouwen van het laatste lastige deel en het schadeherstel van de ondergelopen woningen zal al snel in de miljoenen euro’s lopen. Een besluit dat een opdrachtgever niet lichtvaardig neemt, want de marktpartij krijgt te maken een fikse verliespost en lijdt imagoschade.

Volgens de minister is alles op alles is gezet om tot een oplossing te komen: “Het is echter gebleken dat de samenwerking met deze marktpartij in dit contract, ondanks de vele inspanningen, niet tot afronding van de werkzaamheden gaat leiden. Daarom heeft Rijkswaterstaat tot haar grote spijt het besluit moeten nemen om de resterende werkzaamheden, voor rekening en risico van de betreffende marktpartij, aan derden op te dragen om afronding van het werk te bereiken.”

Kleilaag van 60 cm

Hoe heeft De Vries & Van de Wiel zo’n misrekening kunnen maken? Of was sprake van een onmogelijke opdracht? Een reconstructie.

Het 35 kilometer lange Julianakanaal tussen Limmel en Maasbracht ligt sinds de jaren twintig van de vorige eeuw hoog boven de omgeving. Bij de aanleg werd tussen twee dijken op maaiveld een afsluitende kleilaag van 60 cm gebruikt. Een ontwerpconstructie die bijna een eeuw prima werkte, zonder vernatting.

Project Julianakanaal

  • Opdrachtgever: Rijkswaterstaat
  • Opdrachtnemer: De Vries & Van de Wiel
  • Contractvorm: d&c
  • Contractwaarde: 37,4 miljoen euro
  • Gunning: 2012
  • Start uitvoering: 2013
  • Geplande oplevering: eind 2018
  • Nieuwe tender: binnenkort
  • Nieuwe verwachte oplevering: 2023

Het kanaal maakt onderdeel uit van de Maasroute en is een veelgebruikte verbinding tussen de havens van Nederland, België en Duitsland. Maar de schepen worden steeds groter en de vaarroute te krap. Daarom is besloten de route geschikt te maken voor schepen van maximaal 190 meter lang, 11,4 meter breed en een diepgang van 3,5 meter.

Droog zetten geen optie

Voor het Julianakanaal betekende dat dijken moesten verlegd en hier en daar werden damwanden geplaatst. Harde eis was dat het kanaal in gebruik zou blijven tijdens de uitvoering. De Vries & Van de Wiel kon dus niks droog zetten en er moest steeds voldoende ruimte overblijven voor de scheepvaart.

De Vries & Van de Wiel begon vol goede moed aan het project.

Door die harde contracteisen heeft de aannemer gekozen voor bentonietmatten, die de kleilaag vervangen. In 2015 leek het project nog op rolletjes te lopen en maakte Cobouw een reportage over de uitvoering. Jeroen Berkhout van Rijkswaterstaat vertelde toen al dat de keuze voor bentoniet niet onomstreden was: “De aannemer heeft ons met uitvoerige onderzoeken moeten overtuigen dat dat kon.” De matten worden namelijk normaal vooral gebruikt voor afdichting van stortplaatsen. De variant die de Vries & van de Wiel voor het Julianakanaal toepaste is in droge toestand 7 millimeter dik. Onder water zwelt het grijze goedje tot twaalf keer het oorspronkelijke volume en omdat de mat niet dikker kan worden dan 15 millimeter, zoekt het materiaal een uitweg richting de zijkanten. Dat leek de garantie voor een waterdicht concept.

Meteen stilgelegd

Op papier klopte het, bewees de aannemer al tijdens de aanbesteding, maar in de praktijk bleek het innovatieve idee echter lang niet overal te werken. September 2016 ging het ter hoogte van de dijkverplaatsing bij Obbicht mis en liepen meerdere kelders onder. Het werk is bijna meteen stilgelegd.

Sindsdien is er gepraat en gezocht naar een oplossing voor de onverwachte grondwaterstijging en de complexe geo-hydrologische omstandigheden. Althans vooral de aannemer moest een oplossing zoeken. Het project van bijna 38 miljoen euro was immers gegund als een d&c-contract, waarbij de markt verantwoordelijk is voor het gekozen ontwerp. Desondanks hebben ook de technische teams van Rijkswaterstaat steeds meegedacht om de oorzaak van de vernatting te achterhalen.

30 peilbuizen

Meerdere oplossingen werden geprobeerd en meerdere ‘deadlines’ verstreken. Begin dit jaar nog werden 30 peilbuizen in het gebied geplaatst om meer duidelijkheid te krijgen over de oorzaak. Maar het water bleef opkomen en sijpelen.

Dit najaar volgde een laatste ultimatum en moest er een werkbare oplossing op tafel liggen die de omgeving droge voeten zou garanderen. Die kwam er niet. Zowel Rijkswaterstaat als De Vries & Van de Wiel willen geen extra toelichting geven op het ontbinden van het contract en de hoogte van de claims.

Zeker is wel dat binnenkort weer een aanbesteding volgt voor het resterende deel van het werk. Zeker is ook dat daar geen bentonietmatten meer aan te pas zullen komen, maar de klus met een meer traditionele methode wordt afgerond. Zeker is ook dat de verruiming daardoor vijf jaar vertraging oploopt ten opzichte van de oorspronkelijke planning.

MIRT-mijlpaal niet gehaald

Het besluit om het contract voor de Verruiming van het Julianakanaal af te breken, heeft grote gevolgen voor het programma Maasroute. De eindoplevering van het opwaarderen van deze vaarroute verschuift naar 2023, terwijl alle andere deelprojecten wel dit jaar klaar zijn.

In totaal is ruim 750 miljoen euro geïnvesteerd in het geschikt maken van de route voor grote binnenvaartschepen (Klasse Vb). Zo zijn de sluizen in Born, Maasbracht en Heel al aangepast en ook de verbreding van de bocht bij Elsloo en een groot deel van het kanaal is al op de gewenste diepte en breedte gebracht. Er is een nieuwe scheepvaartverkeerscentrale bij Maasbracht en een nieuwe keersluis bij Limmel gebouwd.

Op dit moment wordt nog de laatste hand gelegd aan twee passeervakken, waardoor grotere binnenvaartschepen veilig elkaar kunnen passeren. Rijkswaterstaat komt ook de grotere binnenvaart vanaf 1 januari 2019 zoveel tegemoet met extra ontheffingen en vergunningen als dat redelijkerwijs mogelijk is.

Reageer op dit artikel