nieuws

‘Infrabouw worstelt met inhoud van co-creatie’

infra

De infrabouw worstelt met nieuwe omgangsvormen. Een symptoom is dat iedereen een andere definitie hanteert van het fenomeen co-creatie.

“In de literatuur zien we veel overeenkomsten maar ook duidelijke verschillen. Anders dan bij de wetenschappers noemen de mensen uit de praktijk nauwelijks de eindgebruiker.” Steven Vis (Den Haag, 1987) studeert vandaag aan de Technische Universiteit Delft af op de haalbaarheid van co-creatie tussen de opdrachtgever en opdrachtnemer in de grond-, weg- en waterbouwsector. Directeur-generaal Jan Hendrik Dronkers van Rijkswaterstaat stelde eind 2013 dat co-creatie de toekomst is voor Rijkswaterstaat. De werkwijze is volgens hem niet alleen de sleutel tot kostenbesparing en groei, maar levert ook nog eens een goede bijdrage aan de werkgelegenheid, duurzaamheid en veiligheid. Een tovermiddel bijna, de relatie gebaseerd op respect, vertrouwen en transparantie met als verbindende schakel kennis.

Om te achterhalen wat co-creatie nu eigenlijk is ging Vis in de literatuur te rade bij de professoren Coimbatore (C.K.) Prahalad, Venkat Rasmaswamy, André Wierdsma en Henk Volberda. De civiele technicus legde bovendien in 24 interviews zijn oor te luister bij mensen als Carlo Kuiper (BAM), Bertrand van Ee (Climate-KIC) en Ed Nijpels (NLingenieurs). Zijn onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van Royal HaskoningDHV. Daarbij werd Vis begeleid door Jan Reinout Deketh.

Definitie

De wetenschappers vragen zich af wie de co-creators eigenlijk zijn. Bedrijven en eindgebruikers? Of valt iedere samenwerking met externen onder het begrip co-creatie. Twijfel is er ook of de werkwijze een vorm van samenwerking is of van vernieuwing. Is de aanpak misschien een graad in controle door de eindgebruiker?

De mensen uit de praktijk zijn met elkaar oneens of co-creatie een middel is om de krachten te bundelen of eerder een manier om wederzijds inzicht te geven in elkaars problemen. Hoe ver gaat eigenlijk de gezamenlijke verantwoordelijkheid?

“Het is me duidelijk geworden dat co-creatie niet in één definitie te vangen is. Dat levert als belangrijkste boodschap op dat de sector infra worstelt met de gewenste verbetering van de samenwerking. In hoeverre is co-creatie eigenlijk iets nieuws? Begrippen als alliantie en ketensamenwerking zijn broertjes en zusjes. Toch heeft co-creatie, waarvan de Amerikaan C.K. Prahalad de founding father is, haar eigen karakteristieken.”

Vis noemt co-creatie een onbepaald proces dat zich gedurende de rit ontwikkelt. Alsof je met een groep samen op vakantie gaat en onderweg pas bepaald wat de beste route is. Dat is heel iets anders dan een complete pakketreis waarbij vlucht, hotels en attracties vooraf vast staan.

“Het huidige juridische kader van de aanbestedingsprocedures en contractvormen lijkt een beweging te maken van vaste prijzen voor een vooraf vastgesteld resultaat naar methoden die meer vrijheid geven aan de opdrachtgever en opdrachtnemer. De vraag is echter of het juridische kader dat momenteel van kracht is nog verder kan worden opgerekt om co-creatie optimaal te faciliteren.”

Co-creatie komt volgens Vis het beste tot zijn recht in de nieuwe aanbestedingsvorm “innovatie partnerschap”, die in 2016 geïmplementeerd moet worden in het aanbestedingsrecht. Een goede tweede zijn de alliantiecontracten. Op het gebied van haalbare co-creatie scoren het design & construct contract en de publiek-private vorm waarin ontwerp, bouw, financiering en onderhoud met elkaar optrekken een stuk slechter.

Innovatie-partnerschap

De in 2016 te introduceren aanbestedingsvorm innovatie-parterschap past het beste bij de wens tot co-creatie. Steven Vis: “In plaats van te voren veel vast te leggen, hak je het project in stukjes. Na ieder stukje volgt evaluatie en kunnen de partijen eventueel de procedure beëindigen. De risico’s om te vernieuwen worden geringer omdat je elkaar sneller kunt loslaten.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels