nieuws

ProRail wil inhoudelijke kennis spoor opkrikken

infra

ProRail wil inhoudelijke kennis spoor opkrikken

De veiligheid van spoorwerkers is te ver doorgeschoten ten koste van de reiziger, stelt topman Pier Eringa van ProRail. De ambitie is om een transparante en betrouwbare organisatie te worden met meer kennis van het spoor.

“We gaan op korte termijn meer techneuten en vakmensen in dienst nemen. De inhoudelijke kennis over het spoor schiet tekort. Dat moet veranderen”, zet Eringa zijn ambities uiteen tijdens een perslunch in Utrecht Centraal Station. ProRail ligt al een paar jaar onder vuur. Punctualiteit, gedoe, overschrijdingen en onderuitputting halen steevast de voorpagina’s van de kranten. ProRail ligt onder het vergrootglas en lijkt geen goed te kunnen doen. Hij geeft zichzelf drie jaar om de nieuwe organisatie die hij voor ogen heeft neer te zetten. De oud-ziekenhuisbestuurder had zichzelf honderd dagen gegeven om ‘het huis’ op orde te krijgen, maar geeft ruiterlijk toe dat de periode om de bezem door ProRail zelf te halen langer gaat duren.

Daarnaast staat veiligheid op zijn prioriteitenlijstje met stip op één. Spoorongelukken zijn een hoge uitzondering, alleen bij overwegen vallen wel slachtoffers, maar vaak omdat mensen tussen de slagbomen doorglippen.

Moeten naar uniform spoor met beperkt aantal technieken

Lange tijd was baanwerker het onveiligste beroep in de bouw, maar nu is er sinds 2006 geen dode meer gevallen. Eringa wil bij het werk aan het spoor uitdrukkelijk kijken naar minder volledige buitendienststellingen. “Volgens mij is het ook goed mogelijk om bijvoorbeeld een hek te plaatsen tussen het werk en een spoor waar wordt gereden.”

Voor de korte termijn heeft Eringa genoeg geld om het spoor op orde te houden, ook al loopt een aantal stationsprojecten zoals Utrecht CS en Breda uit de pas. Voor de langere termijn wil hij inzetten op een uniform en robuust spoornet. Daarvoor is zeker niet genoeg budget. “Op termijn moeten we naar uniform spoor met een beperkt aantal technieken.” De lappendeken van oude en nieuwe technieken en de veelheid van verschillende wissels, materialen en toepassingen heeft hem verbaasd. “Dan blijft het voor aannemers ook een verrassing om aan een nieuw contract te beginnen. Je weet gewoon niet precies wat je gaat aantreffen als je in een nieuw gebied aan de slag gaat. Daar moeten we echt van af.” Eerder liet hij zich uit over de te grote afhankelijkheid van ProRail van een handjevol aannemers. Daar wil hij niet meer te veel over uitweiden, maar het is geen geheim dat hij onlangs rond de Schipholspoortunnel alle betrokken partijen op het matje heeft geroepen.

Sobere mentaliteit

Daarbij kan hij zich ook druk maken om de sobere mentalite it die daarbij de boventoon voert. “We hebben mooie meettreinen die signaleren dat spoorstaven slijten. Pas als het predikaat ‘middelmatig’ is bereikt, komen ze in aanmerking voor vervanging. Dan kom je af en toe toch voor verrassingen te staan. Wat is er mis met preventief vervangen?”

Naar elkaar wijzen en afwachten past niet bij zijn aard. Eringa is meer van het doorpakken en oplossen. En op die lijn heeft hij inmiddels ook dagelijks contact met Roger van Boxtel van de NS. “De reiziger heeft geen boodschap aan de oorzaak van een storing, die wil van A naar B.” Daarbij maakt ProRail sinds kort verschil in de soorten storingen. Van de 10.500 storingen die jaarlijks optreden, hebben er namelijk maar zeshonderd grote impact en die zijn verantwoordelijk voor 80 procent van alle vertragingen.

De punctualiteit van 90 procent is nu kunstmatig hoog door treinen uit de dienstregeling te schrappen. Eringa wil de discussie aanzwengelen om tot een meer evenwichtig systeem te komen waarbij treinen niet uitvallen, maar desnoods maar wat langer doen over de reis. “In de winter hebben we te maken met gladde sporen en dan gaan machinisten langzamer rijden. Het is een dilemma om te kiezen voor op tijd rijden en genoeg vervoer aanbieden. Als we kiezen voor het laatste zal de punctualiteit waarschijnlijk dalen naar 80 of 70 procent. De vraag is of dat erg is”, gooit Eringa de knuppel in het hoenderhok. Enkele van zijn voorgangers moesten namelijk het veld ruimen vanwege de matige punctualiteit, maar Eringa is bereid nieuwe grenzen op te zoeken.

Spoor in cijfers 2014

Spoorlengte 7030 km
Aantal wissels 7151
Aantal overwegen 2612
Stations 403
Ton kilometers p/j 51 mld
Treinkilometers p/j 156 mld
Punctualiteit reizigersvervoer 90,2 %
Punctualiteit goederenvervoer 83 %
Investeringen 1 107 mln

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels