nieuws

Kraanongeval: hijslast was instabiel

infra Premium

Kraanongeval: hijslast was instabiel

Vlak voordat de twee kranen in Alphen aan den Rijn deze week omvielen, werd de hijslast instabiel. Als dit van tevoren was ingecalculeerd, had het ongeval mogelijk voorkomen kunnen worden. Dan had wel ander materieel moeten worden ingezet.

Op de via YouTube verspreide film van Dick Smirren, is na 20 seconden te zien dat de positie van de last bij de hijsklus voor de Julianabrug verandert. “Dat moment is het begin van het einde. Dan is het al te laat”, bevestigt Jeroen Boekelo van SOMA Bedrijfsopleidingen in Harderwijk. Hij is coördinator van de opleidingen Verticaal Transport. “Als de last instabiel wordt, ben je hem kwijt. Wij leren onze cursisten, dat zij zoiets altijd moeten proberen te voorkomen.”

In Alphen aan den Rijn raakte de nieuwe klep voor de even verderop gelegen Julianabrug op drift. Volgens Boekelo waren de kranen groot genoeg. “Beide kranen nemen een kracht op. Ik kan de verhouding niet zien, daarvoor is het perspectief van de film van Smirren niet geschikt. Je zou ter hoogte van de last naast de kranen moeten staan. De last moet zijn gewicht zelf verdelen, dat is het ‘zwaartepuntwerk’.”

Geen kabelbreuk

Wat is voorafgaand aan de twintigste seconde gebeurd? Boekelo: “In ieder geval geen kabelbreuk, dat zou een schokgolf hebben veroorzaakt. Mocht op een moment geen spanning op een kabel hebben gestaan, dan verliep de klus niet volgens protocol.” Volgens Boekelo waren de medewerkers allemaal ervaren mensen. “Ik denk dat de last wel volgens protocol is aangeslagen.’

“Na de twintigste seconde kan de hijsklus niet meer gecorrigeerd worden”, zegt Boekelo. Maar het verloop daarna had wel anders gekund. Als de kranen bijvoorbeeld op de kade afgestempeld waren geweest, zou de last mogelijk in een nieuwe positie tussen de kranen zijn blijven hangen. Op een ponton is het risico van verlies van stabiliteit groot.

Tegenzwenken

Jan Zwagerman, directeur van Zwagerman International uit Nederhorst den Berg, stelt dat de stabiliteit van de last verloren ging doordat de toppen van de gieken zich niet loodrecht boven de last bevonden. Daardoor ontstond een krachtenmoment en ging de klep draaien. De kranen hadden onvoldoende capaciteit om ‘tegen te zwenken’. Maar bovendien lagen de pontons niet vlak.

“De kraan is vervolgens bestuurd door het ponton”, bevestigt Zwagerman. De twee handbediende stuurlijnen hebben ook geen soelaas geboden. Zwagerman: “Stuurlijnen op een lier hadden iets kunnen doen.” Maar ook dan is het de vraag of voldoende tegenmoment geboden had kunnen worden.

Sein ‘laten zakken’

Maar de belangrijkste aanleiding is dat de hijsklus niet is stopgezet voordat de last door het krachtenmoment begon te draaien. Zwagerman legt uit: “Hijsen gaat in stappen. De toppen van de gieken moeten tot boven de last buigen. De verdeling van de krachten over de kranen moet steeds kloppen. De stand van het ponton moet gecontroleerd worden. Het sein ‘laten zakken’ had gegeven moeten worden.”

Bovendien hadden risico’s verkleind kunnen worden door pontons met een stabiliteitssysteem en twee gelijke kranen te gebruiken, liefst rupskranen die beter kunnen tegenzwenken. “Mensen met heel veel ervaring was het, millimeter voor millimeter, stapje voor stapje, misschien wel gelukt”, meent Zwagerman.

Reageer op dit artikel