nieuws

‘Poetin-vrij’ kost miljardeninvestering

infra

‘Poetin-vrij’ kost miljardeninvestering

Om in de Europese Unie niet langer afhankelijk te zijn van aardgas uit Rusland, moeten versneld miljarden gestoken worden in energie-infrastructuur. Daarvoor zullen lidstaten wel meer onderling vertrouwen moeten krijgen dat ze elkaar daadwerkelijk helpen en niet op hun eigen energievoorraden gaan zitten.

De Europese Unie importeert elke dag voor 1 miljard euro aan energie. Dat is 53 procent van de energiebehoefte. Voor gasverbruik is Europa voor tweederde afhankelijk van importen. Van het geïmporteerde gas komt 39 procent uit Rusland. Als Poetin de gaskraan dichtdraait, heeft Europa een levensgroot probleem.

Dat wordt ook breed erkend in de Europese Unie. De roep om ‘Poetin-vrij’ ofwel onafhankelijk te worden van Russisch gas, neemt dan ook hand over hand toe. Momenteel is dat echter nauwelijks mogelijk bij gebrek aan een energienetwerk dat alle lidstaten met elkaar verbind.

Om heel andere redenen is de Unie al jaren bezig om zo’n netwerk aan te leggen. De redenen waren destijds vooral stimulering van schone energie en overal in Europa leveringszekerheid. Dat waren op zich al voldoende redenen om toe te groeien naar één Europese energiemarkt. Daar is nu Poetin bij gekomen, reden voor de Europese Commissie om te proberen versneld het dekkende netwerk te realiseren.

Stimulering van schone energie en het verminderen van de uitstoot van CO2 blijft overigens onverminderd een punt. Probleem is echter dat invloeden van buitenaf tegenwerken. Zo heeft het schaliegas in de Verenigde Staten ervoor gezorgd dat de kolenprijzen fors gedaald zijn. In de EU neemt door toegenomen kolengebruik de kooldioxide-uitstoot dan ook relatief toe. Dat er absoluut sprake is van een daling komt slechts door de lagere vraag naar energie als gevolg van de crisis. Zelfs in Duitsland, absolute koploper op het gebied van duurzame zonne-energie, neemt de CO2-uitstoot toe door het gebruik van steenkool en het nog immer populaire bruinkool.

Waar het nu om gaat is dat in toenemende mate de energievraag bevredigd zal moeten worden binnen de Europese Unie zelf. Dat kan volgens kenners in Brussel, maar ook in Nederland alleen maar als er sprake is van Europese samenwerking. Dat geldt voor energieopwekking maar net zo hard voor het delen van energie op momenten dat ergens binnen de Unie, en naar verwachting zullen dat voor de oostelijke landen en de Baltische Staten zijn, gebrek aan energiedragers is. Om dat te realiseren zullen landen solidair moeten zijn. Dat betekent vertrouwen in elkaar hebben dat ze ook daadwerkelijk delen.

No belangrijker is echter dat het allesdekkende netwerk er komt. Dat zijn zowel elektriciteitsnetten als gasnetten die bij voorkeur tweerichtingsverkeer aan moeten kunnen. Al in 2011 werd de totale investering daarvoor geraamd op 200 miljard euro tot 2020. Meer specifiek is dat 140 miljard voor hoogspanningsnetten, opslag en slimme netten, 70 miljard voor gaspijpleidingen, opslag en LNG-terminals, en 2,5 miljard euro voor kooldioxide-transport.

De co-financiering hiervoor komt uit de zogenoemde Connecting Europe Facility waarin tot 2020 ruim 5 miljard euro beschikbaar is voor energie-infrastructuur. Die middelen moeten gezien worden als hefboom om particuliere en publieke investeerders over de streep te trekken. Of dat voldoende is om ‘Poetin-vrij’ te worden, is volgens deskundigen echter twijfelachtig.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels