nieuws

Steeds minder jongeren kiezen voor techniek

infra Premium

Jeroen Kreule Durf te investeren in (bouw)technisch onderwijs en zorg voor jong bloed in begeleidingscommissies: wanneer Joost Hulsbos het op het gebied van technische opleidingen voor het zeggen had, zou de jonge ingenieur de komende jaren vooral op die twee zaken focussen.

“Technische opleidingen – van vmbo tot universiteit, en alles wat daar tussen zit – hebben nieuwe rolmodellen nodig. Geen mannen van de oude stempel die zeggen dat vroeger alles beter was, maar enthousiaste en jonge professionals die een boodschap kunnen uitdragen. Technici hebben de sterke neiging om al snel jargon te gebruiken: niet doen! Denk in de geest van de eindgebruiker. We hebben namelijk zo’n leuk vak!’’

Joost Hulsbos, werkzaam als adviseur mer & verkenningen bij Witteveen+Bos, is voorzitter van jongNLingenieurs, een netwerk voor jonge ingenieurs tussen de twintig en 35 jaar. Hij stoort zich aan het feit dat veel jongeren kiezen voor hip klinkende studies met een marginaal toekomstperspectief. “De voortdurende introductie van dergelijke studies komt de rust in onderwijsland niet ten goede. Daarbij komt: in de techniek zijn voldoende vacatures. Waar het aan ligt dat nog steeds te weinig jongeren kiezen voor een technische opleiding? Tja, waarschijnlijk is het een imagoprobleem. Techniek is vaak zo onzichtbaar, maar zo belangrijk. Onbekend, dus onbemind. Daarom zie ik graag dat er jonge technici opstaan die scholieren in eenvoudig taalgebruik kunnen vertellen over de leuke facetten van ons vak. Laat ze gastcolleges geven en met passie over hun werkzaamheden vertellen.’’

Groot voorstander

Hulsbos is bovendien groot voorstander van verjonging van begeleidingscommissies van technische opleidingen. Hulsbos: “Deze commissies hebben onder meer de taak om toe te zien dat het niveau van onderwijs op peil blijft en dat er aansluiting is tussen opleiding en arbeidsmarkt. Het probleem is echter dat er veel managers van tussen de vijftig en zestig jaar in deze commissies zitten. Zij hebben wel veel knowhow, ze kunnen mooi praten over grote bouwprojecten en hebben overzicht, maar weten vaak niet goed meer wat er op de werkvloer speelt, omdat zij in de loop der jaren een andere functie hebben gekregen. Toen zij begonnen te werken, hadden ze niet de beschikking over computers en mobieltjes. De veranderingen op dat gebied gaan zo snel, dat jong bloed in deze commissies heel hard nodig is.’’

Volgens Marieke van der Post, beleidsmedewerker onderwijs en arbeidsmarkt bij Bouwend Nederland, is Bouwend Nederland een groot voorstander van het meer praktijkgericht en vakgericht maken van opleidingen in het vmbo, mbo en hbo. “Opleidingen moeten duidelijker keuzes maken, ze moeten zich meer profileren en specialiseren. Vakken als communicatie en organisatieleer zijn nuttig, maar niet voor iedereen: een projectleider heeft er wat aan, maar een constructeur niet’’, aldus Van der Post.

Ander aandachtspunt van Bouwend Nederland voor de komende jaren is de instroom: door de huidige crisis is er geen tekort aan gekwalificeerd (bouw)personeel, maar er komt een nieuwe periode van schaarste, verwacht Van der Post. “De economie zal op enig moment weer aantrekken. Dus neemt de vraag naar personeel toe. Zoals het er nu naar uitziet, zal de uitstroom groter zijn dan de instroom. Dat heeft vooral te maken met de vergrijzing. Ik constateer dat steeds minder jongeren kiezen voor techniek. Ik geloof in de rolmodellen waar Hulsbos het over heeft, We moeten dat tij met z’n allen zien te keren.”

Van der Post constateert dat er – ook door Bouwend Nederland – veel initiatieven worden genomen om (bouw)technische opleidingen onder de aandacht van scholieren te brengen. Bouwend Nederland heeft als devies dat onderwijs de basis is voor toekomstig vakmanschap. “Onze taak is om er voor te zorgen dat er genoeg gekwalificeerd personeel wordt opgeleid. Op alle niveaus, voor nu en voor later.”

Reageer op dit artikel