nieuws

project Gesmeerd damwand drukken met bentoniet

infra Premium

Damwanden drukken gaat veel gemakkelijker wanneer de bodem wordt gefluïdeerd met bentoniet in plaats van met water. Dat merkt Van ‘t Hek Funderingstechnieken op een project in Den Haag.

Bij de Nieuwe Haagse Passage in het centrum van de hofstad brengt Van ’t Hek in totaal 220 strekkende meter damwand aan. Elke plank moet zo’n 18 meter de grond in, strak langs de belendingen die op staal zijn gefundeerd. Dat is volgens Patrick IJnsen, directeur van Hektec, de reden dat ervoor gekozen is de damwanden te drukken. Om risico van verzakking te voorkomen, wilde Bouw en Woningtoezicht van de gemeente Den Haag niet dat er voorgeboord zou worden. Fluïderen door lansen gelast op de damwandplanken is wel toegestaan, maar niet over de laatste 5 meter. Het laatste stuk moet dus droog worden gedrukt.

Dat bracht het ingenieursbureau van Van ‘t Hek ertoe een idee dat al langer sluimerde nu eens in praktijk te brengen. In plaats van water onder hoge druk in te spuiten bij de teen van de plank zou het bentoniet injecteren. Op die manier wordt niet alleen de bodem verweekt, de bentoniet die langs de plank en de sloten omhoog loopt, werkt ook als smeermiddel. Zo kan de plank hopelijk met lagere drukken op diepte worden gebracht. Want de grond in het Haagse winkelgebied bestaat uit een dik pakket van vooral zand. Dat is zware grond, zelfs voor de twee 100 tons drukstellingen die Van ’t Hek er heeft neergezet. Bovendien zitten in de grond her en der nog obstakels en resten van oude bouwwerken. Het idee om te fluïderen met bentoniet is afkomstig van Piet van de Lind van het funderingsbedrijf uit Middenbeemster. ‘Kleine Piet’, staat op de helm van de fundeerder wiens rijzige gestalte een heel eind richting de 2 meter gaat. Op het werk aan de Nieuwe Haagse Passage is hij de pompenist. Bij de mengpomp maakt hij een heel dunne bentoniet. Anders dan bij gebruik als steunvloeistof hoeft bentoniet volgens Kleine Piet bij toepassing als smeermiddel niet eerst te rijpen. Zodra het gemengd is kan het ‘vette water’ direct worden geïnjecteerd. Elke damwandplank is daarvoor uitgerust met twee lansen. Per set van vier die wordt gedrukt, zijn er dus acht lansen waarmee de bodem onder de damwand plaatselijk wordt verweekt. De lansen kunnen beurtelings aan- of uitgeschakeld worden om iets meer kleef op te bouwen met de planken waar tijdelijk niet op wordt gedrukt. Daar kan het drukblok dan aan trekken om de benodigde reactiekracht op te bouwen. Terwijl het drukblok zijn krachttoer uitvoert, doet het winkelend publiek op een paar meter afstand onverstoorbaar inkopen. Van de Lind en IJnsen zijn tevreden over de resultaten tot nu toe met de bentonietfluïdatie. Met het vette water worden gemakkelijk drukken van 50 bar bereikt, terwijl er veel minder volume verpompt hoeft te worden. Dertig liter per minuut geeft al heel mooie resultaten, waar bij water meestal een veelvoud moet worden gebruikt. Dat geeft toch meer gevaar voor onderspoeling van de belendingen. Eén plank hebben de fundeerders tot nu toe niet op diepte weten te krijgen. Die is op een obstakel gestuit of heeft misschien wel iets meegenomen naar beneden. Er moet waarschijnlijk een groutkolom bij, maar dat hangt af van de pompproeven. Zodra de laatste damwand over twee weken op zijn plek zit, gaat Van ’t Hek de stempels aanbrengen en breekt hoofdaannemer J.P. van Eesteren de bestaande keldervloer weg. Daarna wordt een dijk op de bodem aangelegd waar vanaf gewi-ankers in de grond worden aangebracht. Om wellen te voorkomen als gevolg van waterspanningsverschillen wordt de bouwkuip eerst onder water gezet. Onder de dijk zelf komen Van ’t Hek palen, de schroefboorpalen van eigen makelij. Die gaan het hotel dragen dat zich vestigt in de Nieuwe Haagse Passage. De winkelpanden eromheen worden minder hoog en kunnen met Gewi-ankers toe. Voorlopig zijn de mannen van ’t Hek nog wel even actief met hun monsterlijke machines in de Haagse binnenstad.

Reageer op dit artikel