nieuws

Spoorsector zit niet te wachten op meer eisen

infra Premium

Uit de brief over ProRail die minister Schultz (infrastructuur) deze week aan de Tweede Kamer stuurde, blijkt dat de prestatie-eisen die ze aan de spoorbeheerder stelt flink strenger gaan worden. De sector vreest nog meer druk.

Want ook als de minister de eisen niet zou aanscherpen, worden de marges krapper. “De druk neemt ook toe omdat er volgend jaar meer treinen gaan rijden”, zegt een woordvoerder van ProRail. Daarbij heeft de spoorbeheerder voor komend jaar veel uitbreidingswerk in de planning. “De beschikbare tijd voor werkzaamheden aan het spoor staat steeds meer onder druk. Dat leidt tot hoge werkdruk. Dat is niet alleen inefficiënt en duur, maar leidt ook tot ingewikkelde roosters met ongewenst veel nacht- en weekendwerk”, zegt Leen van Dijke, woordvoerder bij Volker Wessels en tevens voorzitter van de werkgroep ‘Onnodig nacht- en weekendwerk’. “Nu werken we al bijna alleen maar in de nacht. Dat zijn soms korte periodes van zo’n vijf uur, maar we moeten onze werknemers wel voor de volle 8 uur betalen. “Ook de vakbonden worden steeds kritischer over de toename van nacht- en weekendwerk. Terecht ook, want het draagt bij aan een zeer onaangenaam werkritme en er kan ook zo maar spanning met de arbeidstijdenwet ontstaan.” Ook vreest Van Dijke in de toekomst niet genoeg werknemers te kunnen werven.

Druk

Ook Egon Groen, vakbondsbestuurder van FNV, is niet te spreken over de prestatieafspraken. “De druk op medewerkers neemt alleen maar toe. Geen vakantie is meer heilig. Het is steeds moeilijker om jonge mensen te vinden.” Het argument dat aannemers niet inschrijven op een opdracht als ze niet aan de eisen kunnen voldoen, gaat niet op, volgens Groen. De bedrijven zijn afhankelijk van de opdrachten van Prorail. Dus die kan de normen stellen die ze wil.” Volgens Groen zou het goed zijn als ProRail de eerste en de laatste trein zou schrappen. “Je kunt met de vervoerders daar afspraken over maken. Het ene omaatje in die laatste trein kan dan met de bus of taxi naar huis gebracht worden.” Volgens Van Dijke is een mogelijke oplossing te vinden in het meer overdag werken. “Door bijvoorbeeld een mobiele werkplaats veel frequenter in te zetten; veel onderhoud kan dan gewoon tussen de treinenloop door. Daar is meer mogelijk dan we nu doen. Meer inbreng van de spoorbouwers in de discussie is daarom wenselijk.” Dat overleg en die afstemming vindt onvoldoende plaats. Van Dijke noemt dit “bijzonder”. “Het zou goed zijn als alle stakeholders intensiever betrokken zijn bij het bepalen hoe het onderhoud kan.”

Reageer op dit artikel