nieuws

‘Doorberekenen hoge grondstofprijzen vaak niet mogelijk’

infra Premium

Onderaannemers in de wegenbouw luiden de noodklok. De grondstofprijzen rijzen de pan uit, maar het is nagenoeg onmogelijk om de extra kosten vergoed te krijgen. “Ze zouden hierover iets in het bestek moeten opnemen.”

Industriële metalen, bindmiddelen en olie; de kosten van grondstoffen zijn over een breed front gestegen. Aart Beelen, lid van het college deskundigen markeringen bij kwaliteitsbewaker Kiwa, kan erover meepraten. “Titaandioxide en bindmiddelen, de grondstoffen voor belijning, zijn het afgelopen jaar 15 tot 20 procent duurder geworden.” Hierdoor komen de wegmarkeerders in het nauw, voorspelt de directeur van wegmarkeerder Reflectielijnen Van Velsen. “De hele branche heeft hieronder te lijden. Wij gaan vaak als laatste bij een weg aan de slag. De prijzen die in het contract staan zijn dan van twee jaar eerder. Daarbij is geen rekening gehouden met dit soort grote stijgingen.” Beelen heeft berekend dat de kosten voor de bedrijfstak in de miljoenen lopen. “Om dat op te vangen moeten we de omzet met 40 procent opvoeren. Als je kijkt naar het aantal wegen dat wordt aangelegd en gereconstrueerd, dan is dat gewoon niet mogelijk.”

Begin deze maand berekenden economen van ABN Amro dat de stijging van grondstofprijzen grote gevolgen heeft voor onderaannemers. “Dit jaar brengen de hoge grondstofkosten bouwers in de problemen”, voorspellen de onderzoekers. “Doordat zij de gestegen kosten in veel gevallen niet kunnen doorberekenen, zullen zij zelf de klap moeten opvangen. Echter, veel projecten die nu in de portefeuille zitten, zijn in slechte tijden tegen bodemprijzen aangenomen. Hierdoor is er weinig ruimte voor tegenvallers.”

Directeur Henk van Kraats van asfaltfrezer Aduco herkent het probleem. Het hardmetaal waarvan de beitels in de frezen worden gemaakt, is het afgelopen jaar 8 tot 12 procent duurder geworden. “Bedrijven als de onze gebruiken per jaar 600.000 tot een miljoen euro aan beitels, dus we praten over serieus geld. Dat gaat je op den duur niet in de koude kleren zitten. De meeste bedrijven hebben snel even een voorraadje aangelegd, maar dat is een tijdelijke oplossing.” Het kan niet langer, vindt Kraats. “Een stijging van 1 á 2 procent is gewoon bedrijfsrisico, maar hier kunnen wij weinig aan doen. Ze zouden hierover iets in het bestek moeten opnemen. Zoiets bestaat al, de zogenaamde risicoregeling. Daar vallen lonen, brandstoffen en bitumen onder. Ze zouden daar ook grondstofprijzen in moeten opnemen.

Beelen vindt dat het probleem branchebreed moet worden opgelost. Hij ziet een taak voor kwaliteitsbewaker Kiwa. “Als de grondstoffen duurder worden, is de verleiding natuurlijk groot om goedkopere en kwalitatief mindere producten te gebruiken. Dat is niet de bedoeling. De kwaliteit moet wel gewaarborgd blijven.” Ook Bouwend Nederland zou zich in de discussie moeten mengen, vindt hij. De brancheorganisatie houdt zich echter op de vlakte. “Het is belangrijk dat opdrachtnemers en opdrachtgevers met elkaar in gesprek blijven om te komen tot een oplossing”, zegt woordvoerder Theo Scholte. “Zowel opdrachtnemers als opdrachtgevers zijn gebaat bij een langdurige fijne samenwerking.”

Beelen beseft dat het vinden van een oplossing moeilijk is. “We kunnen achteraf wel meer gaan vragen, maar dan zegt de hoofdaannemer ‘prijs is prijs’.”

Reageer op dit artikel