nieuws

Alles met een naam baggert mee bij Duivenvoorde

infra Premium

Alles met een naam baggert mee bij Duivenvoorde

Met het omzetten van bollengronden leerde Duivenvoorde GWW de kunst van het baggeren. De praktische aanpak en korte lijnen in het familiebedrijf komen van pas in menig natte bouwput.

Heen en weer zwenkt de Leendert in het troebele water in de bouwput pal naast de A4. Zodra de snijkop tegen de damwand slaat is dat het signaal om de zandzuiger de andere kant op te laten zwenken. Dan schraapt hij weer een volgend laagje af van de bodem.

Het omdraaien van de zwenkrichting is zo’n beetje het enige waar een machinist aan te pas komt. De hoogte waarop het graafwiel zijn werk doet, wordt compleet bepaald door de computer aan de hand van de ingelezen tekeningen en de gegevens van de GPS-ontvangers. Patrick Duivenvoorde, technisch directeur van de GWW-aannemer uit Noordwijkerhout schreef eigenhandig de software die dat allemaal regelt.

Zoals eigenlijk iedereen van het zestien man sterke familiebedrijf wel op een of andere manier betrokken was bij de bouw van het besturingssysteem en het materieel dat wordt ingezet. Niet alleen de drijvers en de hydraulische arm, maar zelfs de snijkop maakt Duivenvoorde GWW zelf in de werkplaats in Noordwijkerhout. Het levert een ogenschijnlijk bescheiden vloot op van in totaal zeven zandzuigers, maar alles werkt volgens de technisch directeur naar behoren. “En als iets hapert hebben we zo de man ter plekke die alles weer aan de praat krijgt. Dat is de kracht van een klein familiebedrijf”

Niet voor niets schakelde het grote Van Oord de specialisten uit Noordwijkerhout in voor het uitbaggeren van de toeritten voor het aquaduct bij Leiderdorp. Duivenvoorde beheerst een specialisme dat de baggerreus zelf in de loop der tijden een beetje is verleerd. Voor een jumbohopperzuiger is duidelijk geen plek in de 30 meter brede bouwput langs de A4.

Weliswaar graaft Van Oord met kranen de eerste 7 meter grond zelf af. Het blijkt handiger om de laatste meters onder water met een klein zandzuigertje werken. Zoals de Leendert uit de vloot van Duivenvoorde. Daarmee kan de bodem voor de verdiepte ligging van de A4 in één keer de juiste helling en verkanting meekrijgen. Tot op 5 centimeter nauwkeurig.

Praktisch

De Leendert wordt bestuurd vanaf een stuurhut, die naast de bouwput staat. Het biedt een vervreemdende aanblik, zo’n stuurhut op het droge. Maar er is onder het betonnen stempelraam voor het aquaduct weinig ruimte om te manoeuvreren, dus het is een praktische oplossing. Als de Leendert een stukje doorwandelt op zijn spudpalen, pakt een kraan de stuurhut op en zet hem een stukje verderop neer.

De hut blijkt overigens niet eens afkomstig van de Leendert, maar van een ander vaartuig, de Janus. Die wordt nu ingezet als retourwaterpomp die het proceswater terugpompt dat vrijkomt bij het gronddepot 2,5 kilometer verderop. Net als de Leendert is de Janus vernoemd naar een van de tweede generatie directeuren van het in 1946 opgerichte bedrijf. De stuurhut dateert bepaald niet van dat jaar, al doet de nostalgische vormgeving dat vermoeden. Hij is amper twee jaar oud. Toen het bedrijf de Janus bouwde ontstond het idee om hem uit te rusten met een demontabele stuurhut, meldt financieel directeur Leonoor van den Burg-Duivenvoorde. Daarom kreeg die ook maar meteen een eigen naam: de Keetje.

Wie zijn blik over de bouwplaats laat glijden ziet meer materieel getooid met een naam. En niet alleen de vaartuigen. Werkelijk elk hulpmiddel krijgt bij Duivenvoorde een naam. Een container luistert naar de naam Stouwer, een boostergemaal heet Douwer, een radiografisch bestuurbaar meetbootje is Minima gedoopt. In Noordwijkerhout ligt de Adriaan te wachten op transport naar een baggerklus in Engeland, ook voor Van Oord. De Pieter is bezig met zandwinwerk in Noord-

Duitsland. Volgens Leonoor is het voor de administratie reuze handig als het materieel een naam draagt. “Het voorkomt verwarring in de boekhouding en in de communicatie. Iedereen weet altijd waar je het over hebt.”

Voor de namen hebben ze nooit ver hoeven zoeken. Ze verwijzen naar de functie of zijn een eerbetoon aan een oprichter, oud-directeur of trouwe medewerker. Want de Duivenvoordes zoeken de dingen graag dicht bij huis. Patrick en Leonoor zijn neef en nicht van zowel vaders als moeders kant. Oftewel: de broers Duivenvoorde die het bedrijf in de jaren zeventig van hun vader overnamen, trouwden twee zussen. “Dat mag van de Nederlandse huwelijkswetgeving” verzekert Leonoor. Toen de twee broers begin deze eeuw overwogen het bedrijf te verkopen besloten Patrick en Leonoor ermee door te gaan, als derde generatie. Hoewel ze allebei op dat moment ergens anders werkten.

Materieel is nog niet vernoemd naar de jongste generatie. Dat komt volgens Patrick wel een keer. “We hebben de tijd. We zitten nu boordevol met werk, en ik zie ons niet zo gauw een nieuwe zuiger bouwen. Bovendien is er dan vast een trouwe medewerker die meer aanspraak maakt om vernoemd te worden dan wij. Maar misschien dat er een keer een pomp of container wordt aangeschaft waar onze namen op komen. Dat is ook heel mooi.”

Bollenlandzuigen

De oorsprong van de baggeraar uit Noordwijkerhout ligt in het omzetten van bollenvelden. Een paar meter onder de oppervlakte van de Bollenstreek lag kalkrijke zandgrond die veel geschikter was voor de bloembollenteelt dan de zwarte grond daarboven. CJ Duivenvoorde GWW keerde de grond decennialang om door eerst met een kraan een put te graven en daarvanuit met een van hun kleine baggervaartuigjes door het gebied te trekken. Zo spoten ze het zand boven op de grond en keerden de complete bollenstreek om. Begin jaren negentig droogde het recultiveringswerk op doordat er veel moeilijker vergunningen voor werden verleend en verlegde het baggerbedrijf zijn aandacht.

Reageer op dit artikel