artikel

Tunnel met een oranje strik erom

infra 358

Tunnel met een oranje strik erom

Ripperen door klei zo hard als beton, afzinken met high-tech pontons zonder duikers en rubberprofielen die 120 jaar een waterdichte tunnel moeten garanderen. Nu de contracten definitief zijn getekend kunnen Nederlandse bedrijven gemakkelijker vertellen over hun rol bij de bouw van de Fehmarnbelttunnel.  

Op het EK voetbal schittert Nederland door afwezigheid, maar op één toneel speelt Oranje zich nog volop in de kijkers: de waterbouw en dan specifiek de afdeling zinktunnelbouw. Bij uitstek een Nederlands specialisme. Dat werd nog eens bevestigd toen twee weken terug de contracten definitief werden getekend voor de ruim 19 kilometer lange tunnel tussen Duitsland en Denemarken.

Industrialisatie

Directeur Martijn Smitt van BAM Infra geeft hoog op over de ver doorgevoerde industrialisatie. In vijf productiestraten gaat  BAM in combinatie met Vinci en Max Bogl en consorten tunnelelementen produceren. In totaal 89 stuks. Als de productie eenmaal op dreef is komt er elke week een ruim 200 meter lang element uit de fabriek rollen. Omdat de weersomstandigheden de productie niet mogen beïnvloeden vindt niet alleen de productie maar ook de opslag van materialen overdekt plaats en onder geclimatiseerde omstandigheden.  

De fabriek beslaat straks 140 voetbalvelden

Smitt: “De tijd dat we op een grasveld met een dijkje eromheen tunnelelementen bouwden, ligt inmiddels ver achter ons.  De fabriek  beslaat straks 140 voetbalvelden. “ Ook het afzinkproces zelf is voor de Fehmarnbelttunnel volgens Smitt zo’n beetje opnieuw uitgevonden. “Omdat er dus ook elke week een element moet worden afgezonken, hebben we een proces bedacht waar in principe geen duikers aan te pas komen. Dat is veiliger en verlaagt de faalkansen.”

Vertroebelingseisen

Bij Boskalis en Van Oord hebben ze tijdens het ruim twee jaar durende tenderproces ook bepaald niet stil gezeten. De vertroebelingseisen die de Deense opdrachtgever stelt zijn volgens area-directeur Govert van Oord ongekend hoog. “Niet meer dan 3% van het materiaal dat we opbaggeren bij het maken van de zinksleuf mag in suspensie komen. De kleilaag waar we in moeten werken is onder druk van het ijspakket in de ijstijden sterk verdicht en zo hard geworden als schraal beton.  Daar hebben we wel even op moeten studeren om daar allemaal mee uit de voeten te kunnen.” 

Productie van een waterstop bij Trelleborg

Wereldleider

Wie hoogstwaarschijnlijk ook wel weer van de partij is, is de firma Bakker uit Ridderkerk, tegenwoordig onderdeel van het Trelleborgconcern. De firma is al jaren wereld marktleider op het gebied van de afdichtingsprofielen.  In Japan, China en Korea zitten wel wat concurrenten, maar er zijn geen partijen die zowel het  gina-profiel, het omegaprofiel als de waterstops tussen de segmenten leveren. En rubberproducenten met een track-record van 60 jaar waterdichte tunnels zijn er volgens salesmanager Andre de Graaf verder niet.

Toch is hij terughoudend in het geven van informatie want zijn bedrijf heeft nog niks getekend. “Wij hebben geen voorkeur voor partijen en hebben met alle vijf combinaties gesproken tijdens het tenderproces. Zo’n profiel is uiteindelijk maatwerk en hangt af van de ontwerpkeuzes die worden gemaakt bij de engineering van beton en het staal. 

Iedereen wil altijd maximale waterdichting, maar gaandeweg de detaillering en het aanbestedingsproces vallen er toch dingen af. Gelukkig komen ze zelfs dan nog vaak bij ons uit. De afdichtingsprofielen  maken uiteindelijk maar een paar tiende van procenten uit van de totale aanneemsom. Maar bij een project van 6,5 miljard euro gaat dat dus wel om heel veel geld.

Lees morgen in Cobouw uitvoerige interviews met de Nederlandse hoofdrolspelers bij de bouw van de Fehmarnbelttunnel. 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels