artikel

Politiek heeft geen oog voor echte innovaties

infra

Politiek heeft geen oog voor echte innovaties

In de bouw en infra zien we veel innovaties de revue passeren. Grote, slimme vindingen en kleine innovaties die tot iets groots kunnen leiden. Vaak komen zogeheten start-ups met de slimste innovaties. Maar hoe breng je die nu aan de man?

Een paar jaar opboksen tegen de ‘grote jongens’ kan heel frustrerend zijn. De politiek in Nederland roept om slimme innovaties, maar geeft zelden thuis als zowel jonge als oudere start-ups en mkb-bedrijven een beroep op haar doen.

Als je al contact krijgt met Tweede-Kamerleden, tot ministers aan toe, worden gouden bergen belooft, waarna uiteindelijk jarenlange mailwisselingen en vele gesprekken met niet- terzakekundigen het bekende kluitje in het riet vereeuwigen tot een steen.

Echte doorbraken zijn soms lastig. Niet voor mensen als bijvoorbeeld Daan Roosegaarde. Zijn enthousiasme en wil om dingen te veranderen inspireren. Zijn gebrek aan realiteitszin en minachting voor technologische haalbaarheid storen mij wel eens.

Als je als kunstenaar een leuke naam hebt, met allerlei niet bewezen innovaties in combinatie met de eerder genoemde ‘grote jongens’, kun je het helemaal maken in dit land en ver buiten de landsgrenzen. Dat betekent dat er ook gemakkelijk veel geld wordt gegenereerd. Door concepten fantastisch te visualiseren, en achterwege te laten dat nog niet helemaal duidelijk is hoe het zou moeten werken, lukt het hem toch steeds weer de wereld aan zijn voeten te krijgen.

Geweldig natuurlijk! En ja: het maakt ook mensen wakker en opent wegen: de bestuursvoorzitters van de ‘grote jongens’ zitten in no timebij de minister op schoot en hebben de connecties. Zij laten geld pompen in luchtkastelen en ontslaan aan de achterdeur zeshonderd van hun eigen mensen omdat er regulier geen werk is. De luchtkastelen krijgen het voordeel van de twijfel.

Glowing lines

Een goed voorbeeld zijn de zogenaamde glowing lines. U kent ze wel van wereldwijde publicaties en televisieprogramma’s als De Wereld Draait Door. Iedereen is dolenthousiast en blij verrast: “Oh, oh, oh wat geweldig is deze innovatie”. Versie 1.0 deed het niet, versie 2.0, met gloeidraden, was het ook niet door kortsluiting en vocht.

Er was dus geen energieneutrale glowversie. Er was ook nog eens echt spanning nodig om de gloeidraden ‘aan’ te zetten. En nu zou versie 3.0 het gaan doen. Hoort u er nog iets over? De minister was wildenthousiast en de werkelijkheid is dat er op deze wijze miljoenen gepompt worden in bij voorbaat niet bewezen ontwikkelingen.

Ik vergelijk het met een stukje uit een gedicht uit 1728 in het kader van de vergadering van ‘de Staten van Hollandt’:

Sij comen bij paren,

Om te vergaren,

In den Haegh.

Sij sijn ’er so graegh.

Sij drinken een glas,

Sij pissen een plas

En laten de saak soo als hij was.

En dan maar snel weer verder met de volgende innovatie van ‘de grote jongens’, weer een van ‘gebakken lucht’.

Ik ben vóór te bewijzen technieken cq een combinatie van al jarenlang door de natuur bewezen technieken samengevat in een slimme innovatie. Het liefst uiteraard wetenschappelijk ook te bewijzen.

Dat brengt mij bij de patent- en octrooicultuur in Nederland. In dit land krijg je morgen zelfs nog steeds patent op het uitvinden van het wiel tot het tegendeel bewezen is. Dat tegendeel bewijzen kost u dan ook nog weer geld voor advocaten en/of octrooigemachtigden.

Een voorbeeld hiervan is het al duizenden jaren gaande proces van de verwering van olivijn. U weet dat olivijn CO2 uit de atmosfeer bindt onder invloed van water. Een natuurlijk proces van een gesteente dat aan de oppervlakte verspreid voorkomt over de hele wereld. Als dit proces er niet was, hadden we al lang de grootste problemen gehad met onze CO2-uitstoot. Olivijn wordt in landen van herkomst gewoon gebruikt als slijtlaag op dakbedekking , als straalmiddel et cetera. Gewoon omdat het voorhanden is en relatief weinig kost.

Belachtelijk

In Nederland kun je nota bene patent krijgen op het aan de oppervlak verwerken van olivijn in welk product dan ook. Met andere woorden: ik zou patent kunnen krijgen op het verwerken van zand uit uw zandput in de straat, in het cunet van de weg, in uw zandbak. Ik vind het ronduit belachelijk dat je patenten geeft op natuurlijke processen waarop de mens geen invloed heeft. Wel als je een systeem bedenkt dat dit proces aanzienlijk zou kunnen verbeteren of versnellen, maar daar wordt op dit moment nog aan gewerkt.

De start-ups in ons land komen dus sporadisch met de kop boven het maaiveld uit, omdat ze domweg niet het geld hebben of de wegen kunnen bewandelen die de bestuursvoorzitter van het grote concern of de kunstenaar gaan.

Zelf ben ik nu een aantal jaren op weg met wegdekreflectie. Die is uitentreuren onderzocht op werking, ook op de lange termijn. Inmiddels is de vinding op veel plaatsen met succes toegepast. Vanuit de politiek in Den Haag is er echter nauwelijks of geen steun voor dergelijke initiatieven, ondanks de welgemeende ‘belangstelling’. Gelukkig krijgen we steeds meer steun van gedeputeerden, wethouders en vooral ambtenaren die het nut van deze innovatie wel degelijk zien.

Samen met een aantal steentjesleveranciers, aannemers en producenten zijn we dan nu zover dat het CROW in het voorjaar van 2016 een publicatie uitbrengt waarin handvatten voor de toepassing van wegdekreflectie worden gegeven voor opdrachtgevers als gemeenten, provincies, waterschappen en Rijkswaterstaat.

Nee, ik ben niet zuur en nee, ik klaag al helemaal niet. Ik heb leuke, interessante opdrachten van gerenommeerde bedrijven in het kader van onderzoek, opleiding en innovaties en opdrachten van provincies en gemeenten om verkeersveiligheid, klimaatverandering, energiebesparing en aanbestedingsbeleid op een hoger plan te tillen. Daarnaast houd ik me bezig met vier nieuwe innovaties, die mij op het lijf geschreven zijn en die op korte termijn het licht zien.

Ik neem het graag op voor al die start-ups: jonge mensen die de beste ideeën hebben, geen gebakken lucht brengen, maar het nét niet redden in de wereld van innovaties. In Cobouw stond onlangs een interessant artikel: ‘Opschudden die bouw en infra: The Young Pirates are coming!’ Ik help die Young Potentials graag! Hun motto Work like a captain, play like a pirate sluit goed aan bij mijn eigen motto: Of wij vinden een weg, of wij maken een weg!

Piet Zijlstra, eigenaar/adviseur PolyCiviel Civiele techniek

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels