artikel

Blog: Met de klapstoel langs het Máximakanaal

infra

Blog: Met de klapstoel langs het Máximakanaal

Het Máximakanaal is geopend. Negen kilometer nieuw kanaal ten oosten van Den Bosch. Een short-cut tussen de Zuid-Willemsvaart en de Maas. Met een sluis aan beide uiteinden, een serie bruggen, een paar sifons en natuurlijk een fietspad.

Daags voor de officiële opening door de koningin fiets ik daar over. Een nieuw kanaal moet je natuurlijk vanaf het water verkennen. Maar ik heb allang geen boot meer, dus heb ik mijn fiets maar meegenomen.

Officieel is het fietspad nog afgesloten. Maar de projectmanager van aannemer Willemsunie laat tijdens het interview voorafgaand in de bouwkeet al doorschemeren dat hij de mensen niet meer tegenhoudt. Op internet duiken voortdurend beelden op van omwonenden die langs het kanaal wandelen of de hond uitlaten. Ze duwen de hekken opzij, klimmen er overheen of knippen zonodig een gat om zich toegang te verschaffen. Hij laat ze nu maar hun gang gaan.

Veel moeite hoef ik inderdaad niet te doen om het fietspad op te rijden. Er staat nog wel ergens een bordje verboden toegang en dat ik een bouwplaats betreed, maar er is geen slagboom of man met een geel hesje die me tegenhoudt. Tegen de wind in fiets ik richting Empel, waar het nieuwe kanaal, uitkomt in de Maas. Ik ben niet de enige. Mensen fietsen, laten de hond uit, een bejaard stel loopt met een kinderwagen en bij een bosje zijn twee mannen met metaaldectoren in de weer.

 

Foto: Ad Tissink.

Na ruim een kilometer fietsen doemt de spoorbrug op. De brug is vier centimeter te laag, maakte Rijkswaterstaat half december bekend. Daarover ruzieën ze nog met aannemer Boskalis. Het is aan de oostkant, niet ver van de oever en twee meter verderop is hij al op hoogte en in het van de veertig meter lange overspanning zelfs royaal boven de voorgeschreven hoogte van 7,25 meter, maar toch… afspraak is afspraak.

Wat Boskalis er aan gaat doen is nog niet bekend. Ze kunnen de brug vier centimeter opvijzelen, of een stukje van de onderkant afschrapen. Er is genoeg betondekking op de wapening verzekert de projectmanager van Rijkswaterstaat. Daar kan best wat vanaf.  

Ik rij door naar de sluis. De deur daarvan kan twee kanten op keren, al zie je dat niet. Het nieuwe huisje op de sluis staat vooral vol met servers en installaties en biedt nauwelijks nog plek voor de sluiswachter. Die verhuist namelijk binnenkort naar Tilburg. Maar ook dat zie je niet.

Je hebt van die sluizen waar dagjesmensen op mooie zomerdagen hun klapstoelen neerzetten en met de koelbox bij de hand gaan zitten kijken hoe de pleziervaart loopt te hannesen bij de passage. Heel vermakelijk, die mannen die hun vrouwen op de voorplecht de huid volschelden omdat ze de boot niet goed afhouden. Dat deed ik zelf ook graag toen ik nog een boot had. Maar het Maximakanaal is vooral bedoeld voor beroepsvaart. De binnenvaartschippers zullen zich vast niet bezondigen aan dergelijke beginnersfouten. En types à la de Italiaanse kapitein Schettino die met hun cruiseschip een spectaculaire zeemansgroet maken, zullen Empel vast niet vaak aandoen.

Ik laat mijn klapstoel dus voor wat ie is en keer om. Op de terugweg kruis ik nogmaals de spoorbrug. Ik stop en tuur naar de overkant, want daar moet de fout zitten. Zie ik nou goed? Aan mijn kant ligt de spoorbrug al iets lager dan de verkeersbrug er pal naast, maar het lijkt wel of hij aan de overkant nog net iets verder onder zijn buurman uitsteekt. Of verbeeld ik het me maar?

 

Foto: Ad Tissink.

Misschien is dat een betere plek om met je klapstoel en je koelbox op een mooie zomerse dag neer te strijken, mijmer ik. Wachten tot een binnenvaartschip tegen de onderkant van de spoorbrug knalt. Misschien helpt het als je de schippers wat afleidt. Misschien moet ik mijn buurvrouw eens meevragen voor een dagje topless recreatie.

 

Foto: Ad Tissink.

Bij de volgende sluis ga ik het pad weer af. De aannemer is er iets onduidelijks aan het doen en verspert de doorgang. Hij bouwt vast een provisorische afstapplek voor Máxima, veronderstel ik. Zodat de vorstin niet nog een keer de sluis hoeft te schutten. Want zo’n tochtje per binnenvaartschip tijdens de officiële opening is toch al een langdradige bedoening en op een gegeven moment heb je dat als vorstin volgens mij wel gezien. Ze lijkt me een ongedurig type, die Máxima. Niet eentje die snel haar klapstoeltje bij de sluis uitvouwt. Zelfs niet als die naar haar is vernoemd.

Ad Tissink, journalist Cobouw 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels