artikel

Interview: ‘Aannemers vinden risico van onbekende techniek te groot’

infra Premium

Interview: ‘Aannemers vinden risico van onbekende techniek te groot’

De tijd dringt voor Leo van Tol. De Bredase ingenieur wil graag de effectiviteit van zijn revolutionaire, kostenbesparende tunnelgraafmachine bewijzen. Maar voorlopig wordt zelfs een kleinschalig proefproject hem niet gegund.

Terwijl een hele reeks tunnels op het punt van aanbesteden staat, ontmoet de tachtigjarige uitvinder Leo van Tol louter obstakels op zijn weg. “Waarom wil niemand zijn nek uitsteken? Wij zijn toch een innovatief land?”

Van Tol is directeur van ingenieursbureau Bovon, dat hij in 1998 oprichtte. Daarvoor werkte hij als werktuigkundig ingenieur onder andere voor IGB, Boskalis, Ballast Nedam en Nefumij. Hij bouwde mee aan grote projecten in binnen- en buitenland en bedacht constructies als traversekranen, boorplatforms en heistellingen. “Ik ben altijd een beetje een Willie Wortel geweest,’’ zegt een vitale Van Tol.

In 1999 startte hij de ontwikkeling van nieuwe tunnelbouwmethoden. Dat leidde in 2008 tot een tunnelgraafmachine speciaal voor de slappe Nederlandse bodem. Een machine die niet door een dieper liggende zandlaag hoeft te graven, maar tunnels op veel geringere diepte kan aanleggen. Dat maakt zware betonnen start- en ontvangstschachten overbodig. Bouwputten van diepwanden en onderwaterbeton zijn voor Van Tols tunnels evenmin vereist. De bedenker heeft berekend dat zijn Bovon TGM tot 40 procent beton bespaart en het grondverzet met zo’n 30 procent reduceert. Zijn machine bespaart ook fors op CO2 doordat er minder beton wordt gebruikt. “Lekkage, waardoor grondwater moet worden weggepompt, doet zich bij veel tunnelprojecten voor. Het was bijvoorbeeld een groot probleem bij de Willemsspoortunnel in Rotterdam, de Tramtunnel Den Haag, de Noord-Zuidlijn Vijzelgracht en recent de A4 Midden-Delfland. In mijn bouwputloze systeem zijn lekkages uitgesloten.”

Ondanks zijn veelbelovende eigenschappen staat de Bovon TGM al zeven jaar werkloos aan de zijlijn. Partijen die interesse toonden, haakten uiteindelijk toch weer af. Hoewel Ballast Nedam in eerste instantie in 2011 enthousiast reageerde, kwam het beoogde proefproject nooit van de grond. Van Tol had domweg pech. “De Raad van Bestuur zette op zeker moment alle research stop. Ze hadden geen geld meer. Ook mijn project werd geschrapt.”

Fietstunnel

TBI was de volgende gegadigde, maar ook hier bleven na de eerste geestdriftige gesprekken concrete resultaten uit. De fietstunnel die Van Tol ontwierp om zijn machine te demonstreren, werd nooit gerealiseerd. “Hoe enthousiast de projectleiders die zich in de techniek verdiepten ook reageren, als de top het niet ziet zitten, gebeurt er niks. Men durft gewoon niet te investeren in techniek die men niet kent”, constateert de ingenieur gelaten.

TBI leek de aangewezen partner, omdat deze onderneming meedong naar een tunneltraverse bij Dieren, een ideaal kleinschalig proefproject voor de Bovon TGM. Maar tegenslagen bleven Van Tol ook hier niet bespaard. De opdrachtgever – de provincie Gelderland – schreef een tunnel met diepwanden voor: alternatieve technieken waren niet toegestaan.

Bovon probeert nu Besix, dat de aanbesteding won, te overtuigen van de kwaliteiten van de Bovon TGM. Hij hoopt dat de provincie alsnog bereid is ook andere graaftechnieken toe te laten. “Wij hebben dat werk keihard nodig. Het zou onze maiden trip moeten zijn. Natuurlijk zullen er kinderziektes in zitten, maar ik ben ervan overtuigd dat de techniek goed werkt.”

De tunnel bij Dieren is, meent de uitvinder, een noodzakelijke opstap naar grotere projecten. Als hij daar niet aan de slag kan, wordt meedoen met grote projecten als de Blankenburgtunnel, de Rotterdamsebaan in Den Haag en de A13/A16-tunnel bij Rotterdam moeilijker, omdat daar onder grondwaterpeil moet worden gewerkt. In Dieren kan onder droge omstandigheden worden gewerkt. “Ik wil nu eindelijk wel eens serieus worden genomen. Het enige wat nodig is, is iemand die gelooft in vernieuwing.”

Zijn spreekwoordelijke optimisme om zo iemand te vinden heeft een flinke knauw gekregen. “Ik zit in een vicieuze cirkel”, stelt hij vast. “Ik ben indertijd begonnen Rijkswaterstaat te polsen, de grootste opdrachtgever voor infrastructurele projecten. Rijkswaterstaat zei: wij besteden projecten aan, geen technieken. Zoek maar een aannemer die je machine wil inzetten. Maar aannemers vinden het risico van een onbekende techniek te groot. Je draait in een kringetje rond.”

Rijkswaterstaat doet in de ogen van Van Tol te weinig om innovaties te stimuleren. “Die legt de verantwoordelijkheid bij de aannemer en daarmee is de kous af. Terwijl de overheid de aangewezen instantie is om erop toe te zien dat er duurzaam wordt gewerkt. Mijn machine bespaart heel veel CO2 en maakt tunnelbouw veel goedkoper en eenvoudiger. Dat is in het voordeel van het hele land. Tunneltjes zat om mijn techniek uit te proberen. Waarom word ik daar nooit voor gevraagd? Als Bovon er in een vroegtijdig stadium bij wordt betrokken, kan er veel meer worden bereikt.’’

Leo van Tol wordt in zijn strijd om erkenning gesteund door drie vakbroeders en oud-collega’s. Paul Scheublin, gepensioneerd projectleider infrastructuur bij de gemeenten Rotterdam en Utrecht, deelt de kritiek dat innovatie geen kans maakt zolang de overheid experimenteren niet voldoende stimuleert en stringente aanbestedingsregels nieuwe technieken uitsluiten.

De Rotterdamse architect en consultant Koos Landers heeft Van Tol geadviseerd een groep samenwerkende bouwers uit het mkb te benaderen. “Daar zit misschien meer vernieuwingsdrang dan bij de grote aannemers.” Ook Frank Willem Jochems, Van Tols beoogde opvolger bij Bovon, is overtuigd van de kwaliteiten van de TGM. Het is een kwestie van tijd, meent hij: “Hoe lang heeft het niet geduurd voordat de container werd geaccepteerd als baanbrekende uitvinding? Die werd in eerste instantie ook afgedaan als ‘irrelevant’.”

’Jammer als deze innovatie spaak loopt’

Hoe reageert de bouwwereld op Van Tols vinding? Volgens Jan Luijten, directeur Infra bij TBI, is er zeker emplooi voor deze tunnelgraaftechniek. TBI staakte de gesprekken met Bovon omdat de machine van Van Tol onvoldoende zou zijn doorontwikkeld. “Het duurt ons te lang voordat hij helemaal gebruiksklaar is. ”Ir. Jan Jonker, als tunneldeskundige adviseur van onder meer ProRail en Movares, noemt de Bovon TGM een goede ontwikkeling. Jonker: “Het is jammer dat hij er nog steeds niet in is geslaagd een aannemer te vinden die een proefproject wil financieren. De tijd is rijp voor een pilot. Het zou spijtig zijn als deze innovatie spaak loopt.”Ballast Nedam onthoudt zich van commentaar, omdat de medewerker die indertijd de vinding van Van Tol beoordeelde niet meer in dienst is.

Reageer op dit artikel