nieuws

Hoe dik kan een orderboek worden? ‘Zolang capaciteit achterloopt, zal werkvoorraad toenemen’

bouwbreed 898

Hoe dik kan een orderboek worden? ‘Zolang capaciteit achterloopt, zal werkvoorraad toenemen’

Woningbouwers hadden in maart voor dik één jaar (12,1 maanden) werk in voorraad. Dat is iets minder dan de maand ervoor. Is de grens bereikt hoe dik een orderboek kan zijn?

Die vraag rijst op na het bekijken van de jongste conjunctuurmeting van het Economisch Instituut voor de Bouw. De orderportefeuille in de woningbouw daalde met twee tiende maand tot 12,1 maanden werk. Het orderboek van woningbouwers was de laatste jaren bezig met gestage groei. Begin 2013 hadden woningbouwers nog 5,3 maanden werk in voorraad.

Maar volgens Martin Koning van het EIB vonden er sinds 2013 wel vaker schommelingen plaats. “De daling van de orders in de woningbouw is ten opzichte van het  hoge niveau van de voorgaande maand”, zegt hij. “Op basis van een enkele maand kan niet al van een trendbreuk worden gesproken. Over meerdere maanden gemeten is er nog steeds stijging van de werkvoorraad.”

Orderboek wordt eerder dikker dan dunner

Met de grote vraag naar woningen lijken de orderboeken eerder dikker dan dunner te worden de komende tijd. “Door sterk oplopende vraag en hierbij achterblijvende capaciteit lopen de orderportefeuilles in de bouw verder op. Zolang de capaciteit blijft achterlopen zal ook de werkvoorraad toenemen”, verwacht Koning.

De capaciteit is voor bedrijven volgens hem moeilijk te vergroten door schaarste op de bouwarbeidsmarkt. “Bedrijven geven ook aan dat het aannemen van personeel een belemmering vormt. Verwachting is dat op korte termijn de schaarste nog aanhoudt.”

Op termijn zal volgens Koning door meer aanbod vanuit de opleidingen en een afvlakkende bouwproductie de spanning afnemen en kunnen ook  de werkvoorraden verminderen.

Orderboek: 10 maanden werk

De orderportefeuille voor de totale bouw groeide in maart met één tiende maand naar 10,0 maanden, blijkt uit de conjunctuurmeting van het EIB over de maand maart. De orderportefeuilles blijven hiermee in de bouw op een zeer hoog niveau. In de utiliteitsbouw werd het meeste werk begroet: de werkvoorraad is 10,2 maanden (+0,3 maand). Voor de b&u als geheel bleef de werkvoorraad gelijk op 11,2 maanden werk.

De gemiddelde werkvoorraad van bedrijven in de gww bleef in maart op 7,5 maanden werk. In de grond- en waterbouw steeg de werkvoorraad met 0,1 maand naar 9,2 maanden werk. Bij wegenbouwbedrijven bleven de orderportefeuilles steken op 5,8 maanden werk.

Vier op de tien bouwbedrijven kunnen niet op volle kracht produceren. Het tekort aan personeel is de belangrijkste bottleneck bij een kwart (24 procent) van de bouwers. Bij woningbouwers moet een op de drie bedrijven (34 procent) werk af- of uitstellen. Bij de utiliteitsbouw is dat 11 procent van de bedrijven. Bij gww-bedrijven kan 25 procent niet optimaal bouwen.

De productie is bij drie op de tien bedrijven in de afgelopen drie maanden toegenomen, constateert het EIB. Daarnaast beoordeelden bijna vier op de tien bedrijven hun huidige orderpositie als groot en slechts één op de tien bedrijven beoordeelt dit als klein.

Bijna drie op de tien bouwbedrijven verwacht meer personeel aan te nemen in de komende drie maanden. Ruim de helft van de bouwbedrijven verwacht de prijzen in het komende kwartaal te verhogen.

Aan de conjunctuurmeting doen 250 hoofdaannemers met meer dan tien werknemers mee.

 

 

Reageer op dit artikel