nieuws

Studententeam TU Delft tovert energieslurpend kantoor om naar flexibel wooncomplex

bouwbreed 733

Studententeam TU Delft tovert energieslurpend kantoor om naar flexibel wooncomplex

Een kantoor dat compleet getransformeerd is naar een wooncomplex en dat niet alleen energiezuinig is, maar ook energie terug levert. Met dit idee gaat het Modular Office Renovation (MOR)-studententeam van de TU Delft meedoen aan de Solar Decathlon Europe 2019 in Hongarije. Onlangs heeft het team het definitieve ontwerp van het prototype onthuld.

Modulair, circulair en netto-positief. Het zijn termen die we steeds meer tegenkomen bij de bouw en transformatie van gebouwen, maar nog zelden worden die functies gecombineerd. In het ontwerp van het studententeam komt dit wel allemaal samen. En dat is de reden, stelt Nienke Scheenaart, student architectuur en een van de teamleden die al vanaf begin af aan betrokken is bij het project, dat dit ontwerp veel verder gaat dan andere duurzame en circulaire gebouwen die al bestaan.

“Wij hebben in dit ontwerp vooral bestaande kennis en systemen bijeen gebracht. Er zit natuurlijk enorm veel technische kennis en onderzoek achter, maar dit is een voorbeeld dat dat je gebouwen op een vrij eenvoudige manier kan renoveren naar een duurzaam en circulair complex.”

Op het hele gebouw zonnepanelen

Het idee is dat het gerenoveerde kantoor niet alleen energiezuinig wordt, dat het ook energie gaat terug leveren. Dit moet gaan lukken doordat er op het hele gebouw zonnepanelen worden geplaatst, en niet alleen op het dak. “Op de gevels van het pand bevestigen we de panelen, die niet meer een standaard blauwe kleur hebben, maar diverse andere kleuren krijgen. We kunnen daardoor meer opwekken, dan het complex werkelijk gaat gebruiken”, legt Scheenaart uit, tijdens de presentatie van het prototype.

Nienke Scheenaart, student architectuur, heeft vanaf het begin meegewerkt aan dit prototype. 

Maar dat is niet het enige. Ook wordt het gebouw volledig circulair, de lucht die binnenkomt gefilterd, het water gescheiden, opgevangen en weer gebruikt, er wordt voedsel verbouwd in het complex en het pand wordt volledig demontabel. Om dat laatste voor elkaar te krijgen, wordt bij de renovatie gebruik gemaakt van vier modules: de gevel-badkamer/keuken-bed/bureau en de wandmodule.

“Met deze modules kun je appartementen makkelijk aanpassen. Elke bewoner heeft natuurlijk zijn of haar eigen wensen. Wanneer je een grotere slaapkamer wil, verschuif je zo een wandje. Maar je kunt ook kiezen voor juist een grotere huiskamer. Zo flexibel moet het wooncomplex worden.”

Een grotere woonkamer? Of slaapkamer? De modules kunnen naar wensen aangepast worden.

Teveel energieslurpende kantoren

Volgens de studenten staan er nog veel te veel energieslurpende, inefficiënte kantoren in Nederland die allemaal nog verduurzaamd worden. Daarnaast is er een grote vraag naar woningen. Die twee uitdagingen hebben de studenten gecombineerd in hun ontwerp. Daarom kozen ze als casestudie een deel van bestaand, ‘inefficiënt’ kantoor met energielabel C (de Lee Towers in Rotterdam), die ze op kleine schaal volledig gerenoveerd nabouwen als een van de appartementen dat in het gebouw zou kunnen passen.

“Ongeveer 55 procent van alle kantoren in Nederland heeft een energielabel lager dan C en presteren dus slecht”, verklaart Siem van Sluijs, partnerships manager van het MOR-team en student bouwkunde. “Door een recente verandering in regelgeving zijn kantoren met een energielabel lager dan C verboden vanaf 2023. Daarnaast zullen er voor 2030 een miljoen woningen worden bijgebouwd. Ons ontwerp zou met deze uitdagingen kunnen helpen.”

Bouw prototype van start

Sinds september 2017 werkt het team, dat in het begin bestond uit slechts zo’n 15 studenten en is uitgegroeid tot maar liefst 54, al dag in dag uit aan dit idee. Inmiddels is het ontwerp klaar en kan het echte bouwen van het prototype beginnen. De komende maanden gaat dat gebeuren. De studenten gaan zelf met een hamer aan de slag, al krijgen ze wel begeleiding van een projectleider van TBI (een van de partners van het project). Op die manier kan het worden getest, voordat het prototype voor ‘het eggie’ moet worden opgebouwd in Hongarije.

“Tijdens de wedstrijd in juli hebben we slechts tien dagen de tijd om het prototype in elkaar te zetten”, verklaart Scheenaart. “Dus is het slim om het eerst hier nog te oefenen. Want er zullen ongetwijfeld dingen zijn waarbij we denken: ‘oe, hoe gaan we dit oplossen?’”

Een gedeelte van het team dat er sinds 2017 dag in dag uit aan het plan heeft gewerkt. Foto: OLYMPUS DIGITAL CAMERA

‘Of je kans maken? Ja!’

Het prototype wordt dan beoordeeld op tien verschillende onderdelen, waaronder architectuur, engineering & constructie, energie-efficiëntie en economische haalbaarheid.  “Of we veel kans maken? Ja, ik denk het eigenlijk wel”, lacht Scheenaart zelfverzekerd.

Solar Decathlon Europe
Het MOR-studententeam dat dit jaar meedoet aan de Solar Decathlon Europe, is het tweede team van de TU Delft dat aan de wedstrijd deelneemt. Dit is een internationale competitie voor studenten van over de hele wereld en daagt teams uit om een volledig functionerend huis te ontwerpen, bouwen en exploiteren dat is ontworpen volgens de hoogste normen van duurzaamheid en circulariteit. In 2014 deed het eerste studententeam mee met hun ontwerp de Prêt-à-Loger . Dit is een huis uit de jaren zestig dat een soort tweede huid heeft gekregen die isoleert en meer ruimte geeft. Het team sleepte daarmee de eerste prijs in de wacht op het onderdeel duurzaamheid en kreeg de derde overall-prijs.Het is de bedoeling dat er vanaf nu elke twee jaar een nieuw team mee gaat doen. Professor Rob Mudde zei tijdens de presentatie van het prototype: “We moeten wegen vinden om onze levenswijze te gaan veranderen, want er zijn nog 7 miljoen huizen die verduurzaamd moeten worden. Wij willen dat de School of Architecture van de TU Delft hierin een belangrijke rol speelt. Want het is belangrijk dat we niet alleen op papier ideeën verzinnen, maar ook in het echt van alles uit proberen. Studenten kunnen hierin een belangrijke rol spelen.”

Of het team nou wint of niet, het prototype wordt in Nederland na afloop van de wedstrijd opnieuw opgebouwd en krijgt een plekje op het ‘living lab’ van de TU Delft. Daar staat ook de Prêt-à-Loger, een huis van het vorige studententeam dat in 2014 meedeed met de Solar Decathlon en zelfs de eerste prijs in de wacht sleepte op het onderdeel duurzaamheid.

‘Kosten blijven laag’

De studenten hopen dat de markt daarna daadwerkelijk met hun idee aan de haal gaat. Scheenaart: “Sowieso krijgen al onze partners de tekeningen. Maar we hopen dat nog veel meer bedrijven ons prototype als voorbeeld zien van hoe je een kantoor op een duurzame wijze kunt renoveren.”

Volgens de student architectuur is geld niet het probleem. “Doordat dit ontwerp op de vier verschillende modules is gebaseerd, kun je de kosten laag houden. Daarom is het voor bedrijven aantrekkelijk om hierin te investeren. Het is bovendien toekomstbestendig. Als je na twintig jaar en studentenwoning wil veranderen in een eengezinswoning, kan dat allemaal zo aangepast worden. Bovendien kunnen de modules ook gemakkelijk in andere gebouwen worden gebruikt. Hierdoor wordt het renoveren van slecht presterende kantoren laagdrempelig en betaalbaar.”

Reageer op dit artikel