nieuws

Stad van de toekomst? ‘Volledig beloopbaar en een compleet ecosysteem’

bouwbreed Premium 1270

Stad van de toekomst? ‘Volledig beloopbaar en een compleet ecosysteem’

Kan er in de stad van de toekomst alleen nog maar gewandeld worden óf rijdt er juist een hyperloop rond? Is elke wijk met elkaar verbonden, of ontstaan er juist mini-stadjes in de stad? Oftewel: Hoe zien onze steden er in 2040 eruit? Tien teams bestaande uit stedenbouwkundigen, architecten en andere deskundigen gingen aan de slag met deze vraag en ontworpen in slechts negen maanden ontwerpvisies van hún stad van de toekomst.

Geen auto’s meer in de stad, maar alleen maar voetgangers. Geen versnipperde wijken, maar gemengde. Geen gebouwen meer die daar voor vijftig jaar moeten staan, maar die aanpasbaar zijn en tijdelijk. Niet meer alleen steen, maar landbouw, midden in de stad.

Steden over twintig jaar volledig anders

Het zijn maar een paar voorbeelden van hoe onze steden er volgens deskundigen die aan het initiatief van branchevereniging BNA (zie kader) meededen, er in de toekomst eruit komen te zien. Niet over elk punt zijn ze het eens, en zekerheid over of deze ontwerpen écht zullen uitkomen, is er niet. Maar dat onze steden er over twintig à dertig jaar er compleet anders zullen uitzien, is wel voor iedereen duidelijk.

Dat komt niet alleen door nieuwe technische ontwikkelingen, maar ook omdat onze wereld compleet aan het veranderen is. De klimaatverandering, de circulaire economie: het zijn allemaal zaken die een flinke impact op de bouw van steden gaan hebben. Architecten, stedenbouwkundigen, maar ook gemeenten weten dat. In elke ontwerpvisie, die afgelopen vrijdag aan een volle zaal in Pakhuis de Zwijger werden gepresenteerd, komen deze transities daarom duidelijk naar voren.

Utrecht: volledig beloopbaar

Het ontwerp van team Stadsvrijheid.

Zo is Utrecht over veertig jaar, als het aan het team Stadsvrijheid ligt, een volledig beloopbare stad. Geen auto’s meer, zelfs geen fietsen meer. Al het vervoer ‘groter dan de menselijke maat’, is uit de stad verdwenen. “Stel je nou eens voor dat je over dertig à veertig jaar in Utrecht bent. Alle punten zijn dan toegankelijk. Alle punten, hemelsbreed zijn, beloopbaar”, zo beschreef Esther Vlaswinkel, leider van het team en stedenbouwkundige, hun idee voor de stad Utrecht vrijdag in een korte pitch aan een volle zaal in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam.

Maar Utrecht zou ook een fitte en gezonde stad kunnen worden, is het idee van het tweede team dat onderzoek deed naar de stad in midden-Nederland. Een waar sportverenigingen niet meer met hekken omsloten worden, maar een zijn met het landschap. Een stad waar landbouw in verweven zit, een plek met waterlinieparken, waar water wordt opgeslagen en wordt gebruikt voor bijvoorbeeld Urban Farming.

‘Veel groen en bewegingsruimte’

“In de stad van de toekomst is er volgens ons veel ruimte voor groen en bewegen”, zo legde architect Bas Horsting van BASTA urbanism, de visie van Team Fit uit. “Dat er autovrije zones zijn, met parkachtige omgevingen waar je als kind goed kunt vertoeven. Dat er een soort savezones zijn en dat er aan de randen van de stad grote hubs zijn, die fungeren als nieuwe knooppunten.”

Het creëren van nieuwe knooppunten is ook iets wat team The Sociotechnical City aanspreekt. Voor het ‘central innovation district’ in Den Haag bedacht dit team drie gateways, die broedplaatsen moeten gaan vormen in de stad. De gateways vormen diverse terminals, voor bijvoorbeeld de hyperloop en voor intercitytreinen. Om de gateways ontstaat een stad op zich. Bij de ene gateway is een waterzuiveringsinstallatie, bij de ander is er voedselproductie. En door energie uit te ruilen met omliggende wijken, kan het hele district ook nog eens zelfvoorzienend worden, is het idee.

Een gateway bedacht voor Den Haag.

‘Amsterdam moet versmelten met Zaanstad’

Voor Amsterdam is een versmelting van wijken vooral van belang, stelde Team Havenstad Makerstad in een volgende pitch. “Wij zijn ervan overtuigd dat er in Amsterdam veel meer vermenging moet gaan plaatsvinden tussen de stad en de haven, en ook met Zaanstad, dat er tegen aan ligt”, zei Oscar Vos, leider van het team Havenstad Makerstad. “Ook is het van belang dat de pieken in de stad worden gedempt. Daarvoor is een slim ruimte- en tijd beleid nodig.”

Maar er moet volgens dit team ruimte over blijven voor toekomstige ontwikkelingen. Het team pleit ervoor het projectgebied niet helemaal dicht te plannen, maar tien procent ruimte over te houden voor ontwikkelingen. “We hebben een lerende stad nodig die steeds slimmer wordt.”

Het ontwerp voor Havenstad Amsterdam van het eerste team.

Stad als ecosysteem

INcity, het tweede team dat zich negen maanden lang bezig heeft gehouden met Amsterdam, denkt juist dat steden meer als ‘ecosystemen’ zouden moeten worden. “Zie gebouwen als oogstmachines van energie. Zorg voor veel laagbouw en zet daken in, voor energievoorziening, maar ook om te kunnen vertoeven”, zei Roy Plevier, leider van het team.

INcity vindt dat steden ecosystemen moeten worden.

De ideeën van de tien teams klinken mooi, maar de vraag blijft bij elke ontwerpvisie natuurlijk: is dit écht de toekomst? En zo ja: waar begin je?

Wie gaat het doen?

Volgens diverse teams is het van essentieel belang dat het ‘instrumentarium’, dus wie gaat dit aanpakken?’, anders wordt georganiseerd om steden toekomstbestendig te maken. “We moeten af van verzuiling tussen bebouwing, infrastructuur en waterbeleid. Deze drie deelterreinen, moeten samen gaan werken”, zo verwoordde Bas Horsting van Team Fit, zijn visie hierover.

Team CIAM XXI, die een ontwerpvisie voor Rotterdam heeft ontwikkeld, ging zelf nog wat verder. Volgens teamleider Ton Venhoeven, zou de Tweede Kamer helemaal geen beslissingsbevoegdheid meer moeten hebben over stedenbouw. “Dit soort ontwikkelingen komen niet van de grond, omdat mensen in Den Haag hierover beslissen. Zij wonen niet in de stad, ze weten niet wat er plaatsvindt. Wij denken daarom dat je dit op diverse lokale niveaus moet regelen. Zo denken wij dat buurtcorporaties steeds belangrijker worden”, zei hij tegen de zaal.

De ontwerpstudie: stad van de toekomst

De samenleving staat voor diverse grote transities: de klimaatverandering, maar ook de technologische ontwikkeling. Dit heeft impact op de stad van de toekomst en daarom vonden BNA TU Delft, Vereniging Deltametropool, de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven, de Directoraten-generaal Mobiliteit, Ruimte en Water en Rijkswaterstaat van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en het ministerie van BZK dat het hoog tijd was om eens op een vrije manier, zonder rekening te  houden met bestaand beleid en bestaande marktpartijen, eens goed na te denken over hoe die stad van de toekomst nou écht eruit moet komen te zien.

Daarom werd er een nieuwe ontwerpstudie opgetuigd. Tien ontwerpteams werden samengesteld, die voor vijf grote steden in ons land (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven), aan de slag gingen. In de teams werden niet alleen stedenbouwkundigen en architecten neergezet, maar ook diverse andere deskundigen, zoals data-experts, retailkenners, mobiliteitsexperts en energiedeskundigen. Zo kon er vanuit diverse disciplines nagedacht worden over de stad van de toekomst.

Gemeenten gaan nu aan de slag met ideeën

De ontwerpvisies van de tien teams worden gepresenteerd in een boek die naar verwachting in het voorjaar van 2019 verschijnt. Daarnaast is het de bedoeling dat de deelnemende gemeenten daadwerkelijk aan de slag gaan met de ideeën. Of ze de complete ideeën gaan overnemen, is nu nog niet duidelijk, de ontwerpteams zijn nog in gesprek met de partijen. In ieder geval zijn de gemeenten, volgens Renson van Tilborg, woordvoerder van BNA, enthousiast.

“Gemeente Amsterdam, die al bezig is met de ontwikkeling van Havenstad heeft al aangegeven dat ze elementen uit de ontwerpvisies gaan halen”, vertelt de woordvoerder.

Het initiatief is tot nu toe gesponsord door de ministeries, maar als de gemeenten echt met de partijen in zee gaan, dan worden de gemeentes opdrachtgever en moeten ze zelf gaan betalen.


Alle ontwerpvisies op een rij

In negen maanden tijd gingen tien teams aan de slag met ontwerpvisies voor vijf steden. Hier staan ze allemaal op een rij. Klik hier voor een uitgebreide beschrijving.

Eindhoven / Testlocatie Fellenoord

1.Team Urban Archipelago.
Het plan laat een opwaardering van zowel de regionale infrastructuur zien, die de verschillende Eindhovense campussen verbindt, als een grondige opknapbeurt van de plek zelf.

2.Team Triangel.
Bij team Triangel onder de leiding stond het proces voorop. Het team verzamelde alle data die het Fellenoord-gebied in Eindhoven beschrijven, en deed een poging hier een toekomstperspectief uit te destilleren.  

Utrecht / Testlocatie Stadsrand Oost

3.Team Fit
Team FIT keek vooral naar mogelijkheden de Utrechtse stadsrand open te houden voor sport en recreatie, maar voegde ook plekken voor meervoudig ruimtegebruik en verdichting toe.

4.Team Stadsvrijheid
Team Stadsvrijheid wil een volledig beloopbare stad en ontwikkelde nieuw vocabulaire voor de stad van de toekomst. 

Den Haag / Testlocatie Central Innovation District (CID)

  1. Team The sociotechnical city
    De sporen en wegen in het CID worden overbrugd met hoogkwalitatieve looproutes, die de verschillende delen van de stad aan elkaar smeden. Aan het verticale park ligt een Biopolis, waar water wordt gezuiverd. 
  2. Team All Inclusive City.
    Team All inclusive city werkte voor het Central Innovation District van Den Haag aan een plan waarbij het vertrekpunt de schaal van de omgeving zelf is het beter verbinden van omliggende wijken met nieuwe knooppunten in het gebied, zodat deze bijdragen aan het realiseren van een inclusieve stad.

Rotterdam / Testlocatie Alexanderknoop

7.Team Ciam XXI

Rotterdam Alexander is in de toekomst een gezonde stad met een goed functionerende mobiliteitshub en met ruimte voor waterberging en biodiversiteit op het maaiveld en op de gebouwen.

8.Team Flocks

In de stad van de toekomst vervagen de grenzen tussen het landschap en de stad zelf, tussen wat tijdelijk en permanent is en tussen internationale- en lokale structuren, vindt dit team.

Amsterdam / Testlocatie Haven-Stad

9.Team Haverstad Makerstad   

Team Havenstad Makerstad pleit om het projectgebied niet helemaal dicht te plannen. Het team stelt voor een stadswijk te maken met een mix van 60 procent wonen, 30 procent bedrijvigheid en 10 procent ruimte voor toekomstige ontwikkelingen.

10.Team INcity.

Team INcity pleit ervoor om direct te starten en op alle schalen tegelijkertijd te werken, gedreven door technologie. Het middel dat zij gebruiken is een laagdrempelig digitaal platform.

Reageer op dit artikel