nieuws

In 2018 het eerste circulaire fietspad en viaduct: “Flink wat haken en ogen bij circulair inkopen”

bouwbreed Premium 2396

In 2018 het eerste circulaire fietspad en viaduct: “Flink wat haken en ogen bij circulair inkopen”

Circulair inkopen is binnen een paar jaar de norm, in principe. Want met 150 definities is het nog erg lastig om te bepalen wanneer een bouwproject nu circulair is. Juristen, technici en ingenieurs peinzen nog over een eenduidige rekenmethode. In 2018 zijn zowel het eerste circulaire fietspad als het eerste circulaire viaduct gebouwd. Het begin is er, maar het moet meer en beter.

Advocaat Daan Versteeg van Rozemond Advocaten – tevens kandidaat  Europarlementariër voor het CDA – schreef mee aan het preadvies over circulair bouwen van de Vereniging voor Bouwrecht. Versteeg boog zich over circulair aanbesteden en hij ziet ook nog flink wat haken en ogen op het gebied van wet- en regelgeving. De eerste circulaire infra-projecten zijn dit jaar opgeleverd, maar het tempo moet fors omhoog. Hij licht toe welke rol het aanbestedingsrecht daarin kan spelen.

Jullie advies pleit voor aanbestedingen waarbij wordt gegund op basis van levenscycluskosten. Waarom is dat een voordeel?
“Bij gunning op levenscycluskosten kijk je niet alleen naar de aanneemsom, maar naar de kosten van een werk in al zijn levensfasen. Daarbij wordt ook gelet op  gebruikskosten en de verwijderingskosten. Die laatste zijn bij een circulair werk geen kosten, maar juist restwaarde vanwege de herbruikbaarheid. Voorts moet je ook de kosten van de externe milieueffecten van het werk in al zijn levensstadia meenemen. Zo voorkom je dat lage kosten niet worden gerealiseerd door middel van een zware milieubelasting, zoals met niet duurzame – en dus niet circulaire – grondstoffen.”

Rijkswaterstaat wil uiterlijk 2023 alles 100 procent circulair inkopen. Is dat realistisch?
“Dat hangt ervan af welke definitie wordt gebruikt en wat je circulair noemt. Als er alleen maar sprake moet zijn van een zekere mate van hergebruik, dan gaat het zeker lukken. Het wordt een stuk lastiger om GWW-werken te realiseren met alleen bestaande bouwstoffen, die eenvoudig herbruikbaar zijn én het milieu zo min mogelijk belasten. In dat geval is die doelstelling wellicht wat ambitieus.”

Hoe ziet circulair asfalt er eigenlijk uit? Gewoon zwart?
“Zwart kan heel goed. De circulariteit zit in de grondstoffen en de herbruikbaarheid, dus niet in de kleur. Op het gebied van asfalt zijn er in Nederland al veel initiatieven. Zie bijvoorbeeld het Programmabureau Asfalt-Impuls, een initiatief van onder meer Rijkswaterstaat dat is ondergebracht bij CROW. Daarbinnen bestaan geen of slechts rudimentaire berekeningsmethoden om de duurzaamheidseffecten = waaronder circulariteit – te bepalen van asfaltinnovaties. Dat sluit naadloos aan op mijn conclusie dat levenscycluskosten in beginsel de meest ideale gunningsmethodiek is, maar dat er nog niet voldoende goede methoden zijn om levenscycluskosten te berekenen.”

TNO denkt dat slechts 1:4 huizen in de toekomst circulair kan zijn. Is dat niet te weinig?
“Eigenlijk zou dat percentage omhoog moeten. De aanbeveling is om alle bouwwerken, dus ook woningen en woningaanpassingen, aan te besteden op basis van levenscycluskosten. Dan moet een veel hoger aandeel haalbaar zijn. Daar hangt natuurlijk wel een prijskaartje aan. Maar het besef moet doordringen dat het huidige prijspeil alleen maar mogelijk is met ‘dank’ aan uitputting van de aarde.”

Wat zijn de grootste struikelblokken in de bouw?
“Ons onderzoek heeft in elk geval twee redenen blootgelegd waarom er te weinig wordt aanbesteed op levenscycluskosten en daarmee op circulariteit. Ten eerste voorziet de Europese Unie – ondanks al haar goede voornemens – nog niet in toegankelijke, transparante en integrale methoden om levenscycluskosten te berekenen. Ten tweede heeft de Tweede Kamer bij de implementatie van de laatste aanbestedingsrichtlijnen een grote misser begaan met het aannemen van het amendement Gesthuizen c.s.

Praktijkdag circulair bouwen

Praktijkdag circulair bouwen

Daarmee is een drempel voor het gebruik van levenscycluskosten opgeworpen omdat de indieners meenden dat gunning op levenscycluskosten ook heimelijke gunning op laagste prijs mogelijk zou maken. Dat is een grote misvatting. Een ander zorgpunt is meer bestuursrechtelijk van aard: Het nieuwe omgevingsrecht kent weliswaar energie- en duurzaamheidsnormen, maar deze gaan nog  onvoldoende in op circulariteit.”

Hoe kan dat op korte termijn veranderen?
“Door de aanbevelingen in het preadvies op te volgen. Dus zoveel mogelijk aanbesteden op levenscycluskosten, daarvoor – op Europees Niveau – meer en betere rekenmethoden ontwikkelen en hogere circulariteitseisen in het publiekrecht.”

Welke rekenmethode is het meest kansrijk?
“Op dit moment lijkt het raadzaam om te door te bouwen op de uitgangspunten van de bestaande NEN-EN en ISO-normen voor levenscyclusanalyse. Deze zijn enigszins bekend en liggen ten grondslag aan de meest gebruikte rekenmethoden op dit moment. Die rekenmethoden moeten echter wel naar een Europese niveau getild worden, waarbij bruikbaarheid en eenduidigheid voorop staan. Nu is het zo dat meerdere tools gebruikt worden voor de toepassingen van de normen. Daardoor krijg je discussie over de uitkomsten. Dat terwijl gunning op levenscycluskosten juist tot binaire uitslagen zou moeten leiden. Bijkomend voordeel daarvan is dat we een einde kunnen maken aan kwalitatieve beoordelingen die in geval van een geschil altijd tot een onbevredigende uitkomst leiden omdat de rechter die beoordelingen nauwelijks inhoudelijk toetst.”

Botsen ambities van duurzaamheid met circulaire doelen?
“Alleen als er sprake is van ondoelmatige circulariteit. Circulariteit is namelijk een middel, duurzaamheid is het doel. Als je dat omdraait, gaat het mis. Bijvoorbeeld als je bij wijze van spreken herbruikbare materialen met een zwaar vervuilende tanker uit China laat overkomen. Bij gunning op levenscycluskosten zou zo een aanbod laag scoren vanwege de grote nadelige milieueffecten. Schijncirculariteit komt er bij gunning op levenscycluskosten dan ook niet doorheen en dat toont de kracht van de levenscycluskosten als gunningscriterium.”

Bouw hergebruikt al 96 procent van sloopafval. Waarom is dat niet genoeg?
“Bij dat getal hoort de terechte nuancering dat het bouw- en sloopafval in Nederland, anders dan in sommige andere EU-landen, bijna uitsluitend laagwaardig wordt hergebruikt in de grond- en wegenbouw als funderings- en ophogingsmateriaal. Dat is natuurlijk altijd beter dan ‘weggooien’, maar als we circulariteit daadwerkelijk willen inzetten ten behoeve van duurzaamheid, moeten we streven naar zo hoogwaardig mogelijk hergebruik. Ook dat wordt gestimuleerd met gunning levenscycluskosten. Hoogwaardig hergebruik scoort namelijk hoger vanwege de beperkte externe milieueffecten en de hogere restwaarde van de bestanddelen.”

Reageer op dit artikel